Art. 17 Verordening op de organen voor de Beroepsreglementering, Samenwerking met het bestuur en tussen het belanghebbendenorgaan en het college
Verordening op de organen voor de Beroepsreglementering
1. Een voornemen van het College tot het doen van een voordracht als bedoeld in artikel 16, eerste lid, behoeft de instemming van het Belanghebbendenorgaan. Bij het ontbreken van de instemming van het Belanghebbendenorgaan, doet het College de voordracht, bedoeld in artikel 16, eerste lid, vergezeld van de motivering van het Belanghebbendenorgaan voor de onthouding van de instemming.
2. Het Belanghebbendenorgaan heeft adviesrecht met betrekking tot de vaststelling van projectplannen.
3. Het Belanghebbendenorgaan heeft adviesrecht met betrekking tot de door het College aan het bestuur voor consultatie voor te leggen concept-uitingen.
4. Het Belanghebbendenorgaan geeft haar oordeel of het regelgevend proces van het College gevolgd is voordat het College uitingen voorlegt voor goedkeuring.
5. Het Belanghebbendenorgaan heeft adviesrecht met betrekking tot door de IAASB en IESBA uitgevoerde consultaties.