Art. 4 Subsidieregeling veerkracht en zeggenschap, Hoogte van de subsidie en subsidiabele kosten

Subsidieregeling veerkracht en zeggenschap

1. De subsidieverlening bedraagt:

a. € 50.000 per aanvrager voor aanvragen die worden ingediend in aanvraagtijdvak 1; en

b. minimaal € 25.000 tot maximaal € 50.000 per aanvrager voor aanvragen die worden ingediend in aanvraagtijdvak 2 en aanvraagtijdvak 3.

2. De subsidiabele kosten waarvoor een aanvraag tot subsidieverlening is ingediend in aanvraagtijdvak 1 zijn:

a. loonkosten tot een maximaal bruto uurtarief van € 49,91, en

b. overige kosten, bestaande uit:

1° de huur van een externe ruimte;

2° de inhuur van een spreker of trainer, inclusief reiskosten tot een maximum bedrag van € 0,19 per kilometer of de volledige kosten voor reizen in de tweede klas met het openbaar vervoer;

3° de inhuur van een externe organisatie, inclusief reiskosten tot een maximum bedrag van € 0,19 per kilometer of de volledige kosten voor reizen in de tweede klas met het openbaar vervoer;

4° kosten voor ICT-voorzieningen ter ondersteuning van het projectteam voor de uitvoering van het lokale actieplan veerkracht en zeggenschap; of,

5° catering tot een maximum bedrag van € 26,39 per persoon per bijeenkomst.

3. Het subsidiabele bedrag voor activiteiten waarvoor een aanvraag tot subsidieverlening is ingediend in aanvraagtijdvak 1 bestaat ten hoogste uit 40% overige kosten als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b.

4. De subsidiabele kosten voor activiteiten waarvoor een aanvraag tot subsidieverlening is ingediend in aanvraagtijdvak 2 en aanvraagtijdvak 3 uitsluitend uit loonkosten tot een maximaal bruto uurtarief van € 53,08.