Bijlage 4 Regeling geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg: – Zorgvraagtyperingsinstrument fz

Regeling geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg

Gegevens zorgvraag fz (e1 t/m e4) e1. Recidiverisico (waardes: 1-5) Het risico bepaalt voor het grootste gedeelte de benodigde zorg. De hoogte van het risico geeft een belangrijke indicatie voor de intensiteit van de zorg. Is het risico laag, terwijl er wel sprake is van psychische klachten, dan kan betrokkene worden doorverwezen naar de ggz. Is het risico hoger, dan vraagt deze mogelijk de intensiteit van forensische behandeling van poliklinisch tot aan een klinische behandeling in de TBS. De keuze van het risicotaxatie-instrument is vrij, maar de uitkomstmogelijkheden zijn uniform. Elke forensische patiënt wordt ingedeeld naar een risicocategorie en met een score van 1-5. De omschrijving van de risicocategorieën is als volgt: Level Risicocategorie Omschrijving 1 Laag Weinig tot geen identificeerbare criminogene of niet-criminogene behoeften. Pro-sociaal persoon, zijn risico op recidive is vergelijkbaar met de kans dat een willekeurig persoon voor het eerst een delict zal begaan. 2 Beneden-gemiddeld Er zijn wat dynamische risicofactoren, meer kans op recidive dan dat een willekeurig persoon ‘first offender’ zal worden, maar heeft een kans die lager is dan de gemiddelde pleger. 3 Gemiddeld Dynamische risicofactoren zijn duidelijk aanwezig, de scores op de risicotaxatie-instrumenten bevinden zich midden in de normaalverdeling, gemiddeld risicoprofiel. 4 Boven-gemiddeld Chronische problemen op het gebied van de dynamische risicofactoren. 5 Hoog Vrijwel zeker recidive in de toekomst. e2. Ernst van het delict(gedrag) (waardes: minder ernstig, ernstig, zeer ernstig) De ernst van het (mogelijke) delictgedrag is van belang: voor een hoog risico op winkeldiefstal hoeft geen TBS te worden ingezet, maar voor een matig risico op verkrachting misschien wel. Het is daarom belangrijk om de ernst van de criminele geschiedenis van de dader mee te indexeren. Deze waardering wordt niet louter bepaald door wettelijke labels (delictkwalificaties), maar ook door informatie over het slac