Art. 2.18 Tijdelijke subsidieregeling vermindering gevolgen Brexit voor de visserij, Afwijzingsgronden
Tijdelijke subsidieregeling vermindering gevolgen Brexit voor de visserij
Onverminderd artikel 1.6, beslist de minister afwijzend op een aanvraag om subsidie, bedoeld in artikel 2.13, eerste lid, indien:
a. het betreffende vissersvaartuig geen satellietvolgapparatuur heeft en:
1°. uit de logboekgegevens blijkt dat er in de stilligperiode visserijactiviteiten zijn geregistreerd;
2°. er geen verklaring van de havenmeester is waaruit blijkt dat het betreffende vissersvaartuig de volledige ononderbroken stilligperiode, bedoeld in artikel 2.16, onderdeel a, in de haven heeft gelegen; en
3°. de verklaring van de havenmeester niet ondertekend is door zowel de havenmeester als de eigenaar van het betreffende vissersvaartuig;
b. de ingediende aanvraag niet ontvankelijk is voor steun ingevolge artikel 10 van de verordening 508/2014;
c. de minister het onaannemelijk acht dat de subsidieaanvrager zal voldoen aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 2.19; of
d. de subsidie bestemd is voor de activiteiten als bedoeld in artikel 11, onderdelen a, b, d, e en f, van de verordening 508/2014.