Art. 8 Reglement werkwijze NIWO, Voorkomen van belangenverstrengeling
1. Elke vorm en schijn van belangenverstrengeling tussen de NIWO en de directie wordt vermeden.
2. De directie meldt een mogelijke belangenverstrengeling terstond aan de voorzitter van de raad van advies.
3. Een belangenverstrengeling bestaat in elk geval wanneer de NIWO voornemens is een transactie aan te gaan met een entiteit:
a. waarin de directie persoonlijk een materieel financieel belang houdt;
b. waarvan de leiding een familierechtelijke verhouding heeft met de directie; of
c. waarbij de directie een bestuurs- of toezichthoudende functie vervult.