Bijlage I Subsidieregeling AMIF, ISF en BMVI 2021–2027: behorende bij artikel 4, onderdeel h
Subsidieregeling AMIF, ISF en BMVI 2021–2027
Specifieke bepalingen met betrekking tot de actie, genoemd in artikel 4, onderdeel h: het versterken en ondersteunen van het Europees geïntegreerd grensbeheer, om legale grensoverschrijdingen te faciliteren, illegale immigratie en grensoverschrijdende criminaliteit te voorkomen en op te sporen en migratiestromen te beheren. De subsidie wordt aangevraagd door het directoraat-generaal Migratie van het Ministerie van Asiel en Migratie, de politie, de Immigratie- en Naturalisatiedienst de Kustwacht en de Koninklijke Marechaussee. Subsidieaanvragen met betrekking tot een project in het kader van deze bijlage worden door de minister ontvangen in het aanvraagtijdvak van 20 juni 2022, 09.00 uur, tot en met 31 december 2028, 17.00 uur. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel I2, € 113.990.491 waarbij geldt voor activiteiten die zien op:
- a. artikel I4, onderdeel a: maximaal € 59.440.329;
- b. artikel I4, onderdeel b: maximaal € 5.344.370;
- c. artikel I4, onderdeel c: maximaal € 9.166.086;
- d. artikel I4, onderdeel d: maximaal € 38.093.562;
- e. artikel I4, onderdeel e: maximaal € 900.000;
- f. artikel I4, onderdeel f: maximaal € 1.046.144.
- 1. Voor subsidie komen uitsluitend in aanmerking activiteiten die het management van de buitengrenzen van de Europese Unie ondersteunen, en zien op:
- a. de implementatie en uitvoering van de Verordening (EU) 2017/2226 (EES), de Verordening (EU) 2018/1240 (ETIAS), de Verordening (EU) 2019/817 en de Verordening (EU) 2019/818 (interoperabiliteit tussen de Unie-informatiesystemen op het gebied van grenzen en visa), de Verordening (EU) 2018/1860, de Verordening (EU) 2018/1861 en de Verordening (EU) 2018/1862 (SIS op het gebied van politiële en justitiële samenwerking in strafzaken), de Verordening (EU) 2021/1133, de Verordening (EU) 2021/1134 (VIS) en Verordening (EU) 2024/1358 (Eurodac);
- b. het positioneren van pre-boarding technische experts in bron- en transitlanden waar illegale migratie, terrorisme en migratiecriminaliteit zoals mensenhandel/mensensmokkel een grote rol spelen en die impact hebben op de veiligheid van de Europese Unie en Nederland;
- c. het opvolgen van de verkregen aanbevelingen vanuit kwaliteitscontrolemechanismen zoals het Schengenevaluatiemechanisme;
- d. de implementatie van het Europese Asiel- en Migratiepact in overeenstemming met bouwsteen 1 die ziet op Eurodac en bouwsteen 2 die ziet op Grensprocedures en Screening;
- e. de uitbreiding van de operationele capaciteit in het kader van grensbewaking;
- f. de coördinatie van de implementatie van het Europese Asiel- en Migratiepact.
- 2. De uitzonderingen op subsidiabele kosten genoemd in de verordeningen, bedoeld in het eerste lid, blijven gelden.
- 1. Een project duurt maximaal 60 maanden, gerekend vanaf de datum van ontvangst van de volledige aanvraag tot maximaal een maand na de datum van de beschikking tot subsidieverlening, tenzij de minister met een langere projectduur instemt.
- 2. In plaats van de datum van ontvangst van de volledige aanvraag kan door de minister in de beschikking tot subsidieverlening een andere startdatum van het project worden vermeld.
- 1. In afwijking van artikel 11 kan de subsidie verhoogd worden tot 90% van de totale subsidiabele uitgaven voor projecten in het kader van de in bijlage IV van de Verordening BMVI genoemde acties en voor projecten die in het kader van de specifieke maatregelen worden uitgevoerd.
- 2. In afwijking van artikel 11 bedraagt de subsidie maximaal 100% van de subsidiabele kosten voor:
- a. operationele steun als bedoeld in artikel 16 van Verordening BMVI;
- b. uitgaven overeenkomstig artikel 85, tweede en derde lid, van de Verordening (EU) nr. 2018/1240.