Art. 3 Besluit verlening mandaat aan Inspecteur-Generaal Leefomgeving en Transport en aanwijzing ambtenaren voor uitoefening van toezicht op naleving Wet ter Bescherming Koopvaardij

Besluit verlening mandaat aan Inspecteur-Generaal Leefomgeving en Transport en aanwijzing ambtenaren voor uitoefening van toezicht op naleving Wet ter Bescherming Koopvaardij

1. Aan de Inspecteur-Generaal Leefomgeving en Transport wordt mandaat verleend voor:

a. het verlenen, schorsen en intrekken van een vergunning zoals bedoeld in artikel 3 lid 1 jo. artikel 13 jo. artikel 14 Wet ter Bescherming Koopvaardij jo. hoofdstuk 4 van het Besluit bescherming koopvaardij;

b. het verwerken van persoonsgegevens van strafrechtelijke aard en gezondheidsgegevens zoals bedoeld in artikel 14a, eerste en tweede lid van de Wet ter Bescherming Koopvaardij;

c. het opleggen van bestuurlijke boetes zoals bedoeld in artikel 17 Wet ter Bescherming Koopvaardij;

d. het behandelen van bezwaarschriften, waaronder het nemen van beslissingen op bezwaarschriften gericht tegen besluiten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a en het instellen en het voeren van beroep, hoger beroep en voorlopige voorzieningsprocedures;

e. het vaststellen van beleidsregels ten aanzien van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a.

2. De Inspecteur-Generaal Leefomgeving en Transport is bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan onder hem ressorterende functionarissen.