Bijlage 2 Regeling op de advocatuur: kwaliteits- en accreditatiekader beroepsopleiding advocaten
KWALITEITS- EN ACCREDITATIEKADER BA2020 Conform artikel 3.22a van de Verordening op de advocatuur Vastgesteld door de algemene raad op 2 maart 2020 De bijlagen A tot en met I maken integraal onderdeel uit van het kwaliteits- en accreditatiekader BA2020 De Beroepsopleiding Advocaten (BA) is een opleiding voor advocaat-stagiaires die wordt verzorgd onder verantwoordelijkheid van de Nederlandse orde van advocaten (NOvA). De opleiding kent meerdere onderwijsaanbieders. De Uitvoeringsorganisatie (UO, CPO/Dialogue) verzorgt de integrale beroepsopleiding. De Law Firm School (LFS) en De Brauw verzorgen voor hun eigen advocaat- stagiaires een deel van de beroepsopleiding. Met de herziening van de opleiding in de BA2020 is de opzet van de opleiding veranderd, en hebben aansluiting op de praktijk, ethiek en vaardigheden een prominente plaats gekregen. De herziening moet leiden tot behoud en verdere verbetering van de kwaliteit van de beroepsopleiding voor advocaten, een meer flexibele opleiding en een opleiding die recht doet aan de variëteit aan praktijken en kantoren in de Nederlandse advocatuur. Dit kwaliteits- en accreditatiekader (hierna: kwaliteitskader) is ontwikkeld door QANU naar aanleiding van de introductie van de BA2020 en in opdracht van de NOvA. Dit gebeurde in samenspraak met de onderwijsaanbieders in de BA zoals die op het moment van opstellen van het kwaliteitskader actief zijn. Met dit instrument wordt gewaarborgd dat de opleiding bij alle onderwijsaanbieders leidt tot het behalen van de gewenste eindtermen, waarbij tegelijk voldoende ruimte is voor eigen accenten. Dit kwaliteitskader geldt voor elke onderwijsaanbieder in de BA2020, geaccrediteerd dan wel via een overeenkomst met de NOvA als onderwijsaanbieder aangemerkt. Gezien het niveau van de BA2020 (post-masteronderwijs) is het kwaliteitskader opgesteld in lijn met het meest recente Beoor- delingskader accreditatiestelsel hoger onderwijs Nederland 2018 van de NVAO (Nederlands- Vlaamse Accreditatie Organi
- 1°. ethiek;
- 2°. algemene vaardigheden;
- 3°. kantoorspecifieke vaardigheden;
- 4°. juridisch-inhoudelijke kennis;
- 5°. voorbereiding integratieve dagen; en
- 6°. integratieve dagen.
- • Retorica / logica
- • WWFT
- • Omgang met ketenpartners
- • Communicatieve vaardigheden I (intakegesprek, slecht-nieuwsgesprek)
- • Digitale vaardigheden
- • Onderhandelen (basis)
- • Mediation / ADR
- • Getuigenverhoor
- • Procederen en presenteren (basis)
- • Digitale vaardigheden
- • Communicatieve vaardigheden II
- • Onderhandelen (praktijkspecifiek)
- • Ondernemerschap
- • Schriftelijke vaardigheden
- • Procederen en presenteren (verdieping)
- 1. Ethische verantwoordelijkheid
- • De advocaat-stagiaire kent de op de advocaat van toepassing zijnde wet en regelgeving en is in staat daarnaar te handelen2De Advocatenwet, de verordening op de advocatuur (Voda) en lagere regelgeving, de Gedragsregels Advocatuur en de vijf kernwaarden van de advocaat..
- • Is bewust van de rol van de advocaat in de samenleving en is in staat een kritische visie te vormen op de maatschappelijke rol van het recht.
- • Kan zelfstandig ethische perspectieven betrekken in zijn/haar oordeelsvorming.
- 2. Juridisch inhoudelijke kennis
- • Beschikt aantoonbaar over kennis van en inzicht in diverse rechtsgebieden en is bekend met de positie en de rol van de advocaat daarin.
- • Is in staat dwarsverbanden te leggen tussen rechtsgebieden en (ook) andere (dan juridische) specialisaties daarbij te betrekken indien nodig.
- • Beschikt over relevante financiële kennis.
- 3. Algemeen juridische vaardigheden
- • Kan een juridische casus analyseren en op grond van eigen juridisch onderzoek standpunten innemen over de casus die logisch en consistent zijn en juridisch-inhoudelijk overtuigen.
- • Is in staat benodigde nieuwe kennis en vaardigheden te signaleren en zich snel eigen te maken, mede in het licht van relevante (onder andere digitale) ontwikkelingen die van invloed zijn op de beroepspraktijk.
- • Is vaardig in het voeren van gerechtelijke procedures in alle aspecten.
- 4. Communicatieve vaardigheden
- • Kan op passende wijze omgaan en met overtuigingskracht schriftelijk en mondeling communiceren met ketenpartners, cliënten, en getuigen.
- • Is in staat daarbij gesprekstechnieken in te zetten.
- • Is in staat een juridisch analytisch betoog te schrijven.
- 5. Adviesvaardigheden
- • Kan de belangen van de cliënt behartigen, daarbij oog houdend voor de belangen van de andere bij de rechtspleging betrokken partijen, inclusief de wederpartij.
- • Kan op mondelinge en schriftelijke wijze adviseren aan een cliënt.
- 6. Bemiddelende/onderhandelende vaardigheden
- • Is in staat te onderhandelen en te bemiddelen, door conflictanalyse de afweging te maken tussen schikken en procederen, eventueel gebruik makend van andere vormen van geschilbeslechting.
- 7. Ondernemerschap
- • Is in staat als zelfstandig advocaat of binnen een groter verband het vak van advocaat uit te oefenen.
- • Is daarbij in staat om zelfstandig of in teamverband projecten/dossiers te managen, het proces te bewaken en belangen van de cliënt goed te behartigen.
- • Deelneming aan een criminele organisatie;
- • Omkoping;
- • Fraude;
- • Witwassen van geld.
- • Die in staat van faillissement of van liquidatie verkeert, wiens werkzaamheden zijn gestaakt, jegens wie een surseance van betaling of een akkoord geldt of die in een andere vergelijkbare toestand verkeert ingevolge een soortgelijke procedure die voorkomt in de op hem van toepassing zijnde wet- of regelgeving van een lidstaat van de Europese Unie;
- • Wiens faillissement of liquidatie is aangevraagd of tegen wie een procedure van surseance van betaling of akkoord dan wel een andere soortgelijke procedure die voorkomt in de op hem van toepassing zijnde wet- of regelgeving van een lidstaat van de Europese Unie, aanhangig is gemaakt;
- • Jegens wie een rechterlijke uitspraak met kracht van gewijsde volgens de op hem van toepassing zijnde wet- of regelgeving van een lidstaat van de Europese Unie is gedaan, waarbij een delict is vastgesteld dat in strijd is met zijn beroepsgedragsregels;
- • Die in de uitoefening van zijn beroep een ernstige fout heeft begaan, vastgesteld op een grond die de NOvA aannemelijk kan maken;
- • Die niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan ten aanzien van de betaling van de sociale zekerheidsbijdragen overeenkomstig de wettelijke bepalingen van het land waar hij is gevestigd of van Nederland;
- • Die niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan ten aanzien van de betaling van zijn belastingen overeenkomstig de wettelijke bepalingen van het land waar hij is gevestigd of van Nederland.
- • Zorgdragen voor de organisatie van de opleiding, waaronder de planning van de vakken en de docenten op de meest efficiënte en effectieve wijze;
- • Opstellen van begrotingen en bewaken van de realisatie van de begrotingen;
- • Zorgdragen voor de juiste afhandeling van alle financiële zaken;
- • Opzetten en beheren van de digitale leeromgeving;
- • Informeren van docenten en stagiaires over praktische zaken;
- • Uitvoeren van het kwaliteitsplan, implementatieplan en onderwijsplan;
- • Onderhouden van de relatie met de NOvA, de overige aanbieders en de adviescommissie beroepsopleiding advocaten;
- • Ontwikkelen van studiegidsen en lesprogramma’s;
- • Ontwikkelen van leermiddelen;
- • Begeleiden van docenten bij het inrichten en verzorgen van de vakken;
- • Taalkundig en onderwijskundig redigeren van leermiddelen;
- • In kaart brengen van de randvoorwaarden en organisatorische aspecten bij vakken;
- • Evalueren van leermiddelen en het onderwijs in het algemeen en monitoren van de kwaliteit;
- • Aanpassen en actualiseren van leermiddelen, onder andere op basis van evaluaties van stagiaires en docenten, nieuwe inhoudelijke inzichten en wijzigingen in het curriculum en/of eindtermen en/of toetstermen na een besluit van de NOvA.
- • Afgeronde universitaire of HBO opleiding (bij voorkeur een afgeronde opleiding Toegepaste) Onderwijskunde), aangevuld met een managementopleiding of minimaal 6 jaar aantoonbare werkervaring als (project)manager;
- • Minimaal 3 jaar ervaring als (project)manager binnen een (hoger)onderwijsinstelling of advocatenkantoor waar postacademisch onderwijs wordt verzorgd;
- • Kennis van (post)academisch onderwijs;
- • Ervaring met kwaliteitsverbetering van onderwijsuitvoering;
- • Ervaring met projectmatige onderwijsontwikkeling;
- • Ervaring met het begeleiden van docenten of andere ontwikkelaars bij het ontwikkelen van leermiddelen;
- • Ervaring met de inzet van nieuwe leervormen.
- 1. Programma van eisen;
- 2. Plan voor onderwijs;
- 3. Implementatieplan;
- 4. Kwaliteitsplan;
- 5. Het optreden en het verhandelde tijdens de hoorzitting.