Bijlage 1 Vijfde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid: bij artikel 15, eerste en tweede lid, van de Vijfde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid en artikel 12, eerste en tweede lid, van de Zesde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid
Vijfde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid
Accountantsprotocol behorend bij de Vijfde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW 5)1Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 8 december 2021, nr. 2021-0000202228 tot vaststelling van de zevende tranche van een tijdelijke subsidieregeling tot tegemoetkoming in de loonkosten teneinde de werkgelegenheid onder buitengewone omstandigheden te behouden en voorbereidingen op de nieuwe economische situatie te laten plaatsvinden (Vijfde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid). en de Zesde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW 6)2Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 8 februari 2022, nr. 2022-0000005023, tot vaststelling van de achtste tranche van een tijdelijke subsidieregeling tot tegemoetkoming in de loonkosten teneinde de werkgelegenheid onder buitengewone omstandigheden te behouden en voorbereidingen op de nieuwe economische situatie te laten plaatsvinden (Zesde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid). Dit accountantsprotocol is op maat gemaakt voor de subsidieregeling NOW 5 en NOW 6, waarbij rekening is gehouden met de Schrijfwijzer accountantsprotocollen van de NBA en relevante bepalingen in de subsidieregeling. Er zijn aparte accountantsprotocollen voor de subsidieregeling NOW 1, NOW 2, NOW 3 en NOW 4. 2 mei 2022 INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1 Uitgangspunten 2 1.1 Reikwijdte accountantsprotocol 2 1.2 Aandachtspunten NOW 5 en NOW 6 3 1.3 Administratieve lastenverlichtingen en controlewerkzaamheden 3 1.4 Accountantsproducten 4 1.5 Procedures en termijnen 7 1.6 Reviewbeleid 7 1.7 Relevante wet- en regelgeving 8 Hoofdstuk 2 Onderzoeksaanpak betreffende de aanvraag tot vaststelling 8 2.1 Reikwijdte onderzoek 8 2.2 Uitwerking netto-omzet 10 2.3 Werkzaamheden betreffende specifieke aspecten van de loonsom 18 2.4 Werkzaamheden betreffende verbod op uitkeren van bonussen, dividenden en inkoop eige
- – De omzetdrempel om in aanmerking te komen voor NOW blijft, net als in alle eerdere NOW-regelingen, 20%.
- – Het vergoedingspercentage voor de loonsom wordt gelijk gehouden op 85%.
- – De forfaitaire opslag wordt gelijk gehouden op 40% voor de NOW5, voor de NOW6 is dit percentage 30%. Deze aanpassing was nodig vanwege een verandering in de Polisadministratie van UWV waarmee de definitie van de loonsom verandert die wordt gebruikt voor de bepaling van de hoogte van de NOW-subsidie. Indien de forfaitaire opslag 40% zou blijven, zou de NOW-subsidie hoger uitvallen. Om dit effect te neutraliseren, is de forfaitaire opslag verlaagd.
- – Voor de NOW 5 en NOW 6 geldt net als voor de NOW 4 de aanvullende voorwaarde die werkgevers verplicht om bij een NOW-aanvraag een overeenkomst te sluiten met een vertegenwoordiging van werknemers over hoe om wordt gegaan met het uitkeren van bonussen en dividend.
- – De maximering van het in aanmerking te nemen loon blijft hetzelfde voor de NOW 5 en de NOW 6, namelijk 2 maal het maximum dagloon (€ 9.812,30 per maand voor de NOW 5 en vanwege de indexatie per 1 januari 2022 € 9.952 per maand voor de NOW 6).
- – Het maximaal op te geven omzetverlies is verhoogd van 80% in de NOW 4 naar 90% voor de NOW 5 en de NOW 6.
- – De loonsomvrijstelling is voor de NOW 5 en de NOW 6 verhoogd naar 15%, waar deze in de NOW 4 nog 10% was. In de NOW 5 en NOW 6 bestaat de mogelijkheid voor de bedrijven die ná 1 februari 2020 zijn gestart om in aanmerking te komen voor de NOW-subsidie. Verwezen wordt naar paragraaf 2.2.2.
- 1 De mogelijkheid om controles van de 7de en 8ste tranche (NOW 5 en NOW 6) voor wat betreft de omzetdaling te combineren als ware het een opdracht (afzonderlijk controleren is ook nog steeds mogelijk).
- 2 Verhoging van de grens voor een accountantsverklaring van € 100.000 naar € 125.000 bij het voorschotbedrag.
- 3 Verhoging van de materialiteit bij een verklaring met beperkte mate van zekerheid van 2% naar 3%.
- 4 Bij een aanvraag op werkmaatschappijniveau is onder een subsidiebedrag van € 375.000 voortaan een verklaring met een beperkte mate van zekerheid verplicht (was bij NOW 1 en NOW 2 een redelijke mate van zekerheid).
- 5 Introductie van een nieuwe inherente beperking bij de controle van de NOW-groep (zie C-tabellen).
- 6 Afbakening van de werkzaamheden rondom SV-loon in het buitenland (zie ook C-tabellen).
- – Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 8 december 2021, nr. 2021-0000202228 tot vaststelling van de zevende tranche van een tijdelijke subsidieregeling tot tegemoetkoming in de loonkosten teneinde de werkgelegenheid onder buitengewone omstandigheden te behouden en voorbereidingen op de nieuwe economische situatie te laten plaatsvinden (Vijfde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid).
- – Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 8 februari 2022, nr. 2022-0000005023, tot vaststelling van de achtste tranche van een tijdelijke subsidieregeling tot tegemoetkoming in de loonkosten teneinde de werkgelegenheid onder buitengewone omstandigheden te behouden en voorbereidingen op de nieuwe economische situatie te laten plaatsvinden (Zesde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid).
- – Eventuele wijzigingsregelingen op de NOW 5 en NOW 6 die later zijn en worden gepubliceerd met betrekking tot de hierboven genoemde regelingen zullen eveneens van toepassing zijn op dit protocol.
- – Artikel 3 e.v. Kaderwet SZW-subsidies in verband met grondslag van de regeling.
- – Artikelen 1 en 16 van de Wet financiering sociale verzekeringen in verband met de verwijzing naar werkgever en loon in de regeling.
- – Voor de belangrijkste definities en begrippen wordt verwezen naar artikel 1 van beide regelingen en de toelichting op de regeling.
- – tranche 7: de periode van 1 november 2021 tot en met 31 december 2021 waarbij subsidie wordt verleend over de loonsom in de periode 1 november 2021 tot en met 31 december 2021 (zie ook artikel 4 NOW 5).
- – tranche 8: de periode van 1 januari 2022 tot en met 31 maart 2022 waarbij subsidie wordt verleend over de loonsom in de periode 1 januari 2022 tot en met 31 maart 2022 (zie ook artikel 14 NOW 6).
- 1. Gegevens over de omzet van de referentieperiode (referentieomzet), de omzet van de meetperiode en de hierop gebaseerde omzetdaling. Indien sprake is van een groep dienen alle onder de groep ressorterende aanvragen/loonheffingennummers deze gegevens per tranche op het niveau van de groep te bevatten.
- 2. Beweringen inzake specifieke aspecten van de loonsom; periodes van de in paragraaf 2.1.1. genoemde tranches (7 en 8):
- – dat alle (netto)lonen uit de loonaangifte die meetellen in de berekening van de tegemoetkoming daadwerkelijk zijn uitbetaald aan de betreffende werknemers;
- – dat in de periode van de betreffende tranche(s) geen gefingeerde dienstverbanden zijn aangegaan;
- – voor zover sprake is van bevindingen voortvloeiende uit bovenstaande twee beweringen, deze hebben geleid tot een neerwaartse wijziging van de loonaangifte over de periode van de betreffende tranche(s) (en per wanneer).5Indien per periode van vier weken (in plaats van per kalendermaand) loonaangifte wordt gedaan bij de Belastingdienst, gaat het hier om het 12de en het 13de tijdvak van het jaar 2021 voor de NOW 5. Voor de NOW 6 gaat het hier om het 1e tot en met het 3e tijdvak 2022. UWV gebruikt de loonsommen zoals die op 15 februari 2022 (NOW 5) en op 15 mei 2022 (NOW 6) bij de Belastingdienst bekend zijn. Voor de NOW telt alleen het loon waarover in Nederland sociale premies zijn betaald. De werkgever is verplicht om wijzigingen die na 15 februari 2022 voor de NOW 5 en 15 mei 2022 NOW 6 nog aan de Belastingdienst zijn gemeld op het aanvraagformulier tot vaststelling te vermelden.
- 3. Bewering inzake de naleving van artikel 16 NOW 5 en artikel 13 NOW 6; het verbod op het uitkeren van bonussen, dividenden en de inkoop eigen aandelen.
- 4. Indien sprake is van een aanvraag op grond van artikel 7 NOW 5 en artikel 6 NOW 6: bewering dat is voldaan aan de voorwaarden van artikel 7 NOW 5 en artikel 6 NOW 6.
- 5. Andere informatie in de aanvraag tot vaststelling.
- – De omzet van geheel 2019, indien de werkgever op 1 januari 2019 reeds bestond. In dit geval dient de omzet over 2019 gedeeld te worden door 6 voor de NOW 5 en gedeeld door 4 voor de NOW 6. Zie hiervoor artikel 6, lid 2 NOW 5 respectievelijk artikel 5 lid 2 NOW 6.
- – De netto-omzet van een deel van 2019 en 2020, indien de werkgever op 1 januari 2019 nog niet bestond maar wel uiterlijk op 1 februari 2020 is gestart. Hierbij geldt de volgende regel: ‘vanaf de eerste kalendermaand na de dag van aanvang van de bedrijfsuitoefening tot en met 29 februari 2020, gedeeld door het aantal maanden waarvan de omzet in aanmerking wordt genomen, vermenigvuldigd met twee (NOW 5) of drie (NOW 6).’ Hier kan ook sprake van zijn als er sprake is geweest van overgang van onderneming na 1 januari 2019 en de werkgever bij de subsidieaanvraag de keuze heeft gemaakt voor de afwijkende berekening van de referentieperiode. In dat geval dient de referentieomzet als volgt berekend te worden: de netto-omzet vanaf de eerste volledige maand na datum overgang onderneming tot en met 29 februari 2020 / aantal maanden * 2 (NOW 5) of * 3 (NOW 6). Zie hiervoor artikel 6, lid 3, NOW 5 of artikel 5 lid 3 NOW 6.
- – De accountant dient vast te stellen dat de omzet op het juiste organisatorische niveau is berekend (dit vereiste geldt ook voor de meetperiode en is nader toegelicht in de tabellen A1 en B1 van bijlage I).
- – De accountant dient vast te stellen dat de omzet in de referentieperiode in overeenstemming met de regeling is berekend.
- – De accountant dient vast te stellen dat de juiste meetperiode is gehanteerd. In geval van een aan assurance verwante opdracht dient de accountant zelf de juiste meetperiode te hanteren of dit zo nodig door de werkgever te laten herstellen op het formulier.
- – De accountant dient vast te stellen dat de afgrenzing, classificatie en volledige verantwoording van de omzet voor de meetperiode volgens de regeling heeft plaatsgevonden. In geval van een aan assurance verwante opdracht dient de accountant zelf hiermee rekening te houden bij de uitvoering van zijn samenstelwerkzaamheden en de aanvullende werkzaamheden zoals opgenomen in dit accountantsprotocol.
- – De accountant houdt hierbij rekening met risico’s op fouten, misbruik en fraude bij de verantwoording van de omzet, en dient te evalueren welke categorieën van opbrengsten/baten, welke hiermee samenhangende transacties en welke andere informatie aanleiding geven tot dergelijke risico’s. In geval van een aan assurance verwante opdracht dient de accountant alert te zijn op de mogelijk onvolledige aanlevering van informatie en documentatie ten behoeve van de berekening van de netto-omzet. Verwezen wordt naar hetgeen hierover is vastgelegd in Standaard 3900N en Standaard 4415N.
- – De accountant dient vast te stellen dat de omzetdaling in overeenstemming met de regeling is berekend. In geval van een aan assurance verwante opdracht dient de accountant zelf de omzetdaling te bepalen in overeenstemming met de regelgeving.
- – vaststellen dat de bewering van het management dat alle nettolonen uit de loonaangifte die meetellen in de berekening van de tegemoetkoming daadwerkelijk zijn uitbetaald aan de desbetreffende werknemers juist is;
- – vaststellen dat de bewering van het management dat er geen gefingeerde dienstverbanden zijn aangegaan (het opnemen van ‘personeel’ in de loonaangifte zonder dat sprake is van een dienstverband met feitelijke werkzaamheden8Bij een gefingeerd dienstverband wordt op papier een dienstverband aangegaan zonder dat daar een tegenprestatie in de vorm van arbeid tegenover staat of waarbij minder uur of voor een andere beloning wordt gewerkt dan in het contract staat vermeld. Het kan ook zijn dat de afgesproken arbeid door een andere persoon verricht wordt en dat er sprake is van illegale arbeid en/of onderbetaling. Een dergelijk dienstverband kan leiden tot het recht op een uitkering, maar kan ook dienen voor het verkrijgen van leningen of als garantstelling bij gezinshereniging. Bij het creëren van deze gefingeerde dienstverbanden spannen de werkgever, de werknemer en eventueel degene die op naam van de pseudowerknemer daadwerkelijk de arbeid verricht, samen. Zie https://www.inspectieszw.nl/publicaties/rapporten/2018/06/15/aanpak-schijnconstructies-en-cao-naleving-2014-2018) voorafgaande aan en/of in de periode van de tranche aannemelijk is; en
- – vaststellen dat, voor zover sprake is van bevindingen voortvloeiende uit vorenstaande twee aspecten, de bewering van het management dat deze bevindingen hebben geleid tot een neerwaartse wijziging van de loonaangifte over de periode van de betreffende tranche juist is.9Zie voetnoot 7.
- – de accountant dient vast te stellen dat de groep minder dan 20% omzetdaling heeft, maar de werkmaatschappij/tussenholding 20% of meer (artikel 7 lid 1 sub d NOW 5 of artikel 6 lid 1 sub d NOW 6)11Indien gebruik wordt gemaakt van gegevens van een andere accountant dient te worden voldaan aan de vereisten hiervoor in de Standaard en de vereisten in dit accountantsprotocol.;
- – de accountant dient vast te stellen dat de omzet voor de meetperiode in overeenstemming met de aanvullende voorwaarden in de regeling is berekend (artikel 7 lid 2, 3, 4 en 5 NOW 5 en artikel 6 lid 2, 3, 4 en 5 NOW 6);
- – de accountant dient vast te stellen dat de werkmaatschappij/tussenholding heeft voldaan aan de additionele voorwaarden (artikel 7 lid 1 sub a tot en met c NOW 5 en artikel 6 lid 1 sub a tot en met c NOW 6). Dit geldt tot de datum van afgifte van het assurance-rapport.
- – de verklaring dat het bedrijf zich heeft gehouden aan alle plichten die horen bij de tegemoetkoming NOW;
- – de gegevens van de werkgever en, indien van toepassing, de NOW-groep; en
- – de gegevens over de accountantsverklaring.
- – hij rekening heeft gehouden met de bevindingen die tijdens zijn werkzaamheden naar voren zijn gekomen;
- – hij bij de samenstelling van de aanvraag tot vaststelling voor bevindingen met betrekking tot de beweringen inzake de specifieke aspecten van de loonsom heeft vastgesteld dat herstelacties hebben plaatsgevonden (zie verder in dit hoofdstuk);
- – hij bij de samenstelling van de aanvraag tot vaststelling voor bevindingen inzake het verbod op het uitkeren van dividenden en bonussen en het verbod op inkoop eigen aandelen heeft vastgesteld dat herstelacties hebben plaatsgevonden (zie verder in dit hoofdstuk); en
- – hij is nagegaan dat de andere informatie in de aanvraag tot vaststelling verenigbaar is met de kennis en begrip die verkregen is uit de werkzaamheden uitgevoerd door de accountant.
- – Voor fouten gaat de accountant bij de kwantificering van het effect op de genoemde gegevens uit van de werkelijke vastgestelde afwijking.
- – Voor onzekerheden met betrekking tot de omzet van de referentieperiode en/of de omzet van de meetperiode heeft de accountant al gekwantificeerd en vastgesteld dat deze lager zijn dan 4% van de omzet van de referentieperiode (maar hoger dan 2%) in geval van een redelijke mate van zekerheid en lager zijn dan 6% van de omzet van de referentieperiode (maar hoger dan 3%) in geval van een beperkte mate van zekerheid. Voor de onzekerheden lager dan 4% (of 6%) gaat de voorgeschreven berekening bij de kwantificering uit van de bandbreedte van de mogelijke afwijkingen als gevolg van de onzekerheid gedeeld door 2. Dit betreft derhalve het middelpunt van de onzekerheid.