Bijlage 4 Regeling dbbc’s, zzp’s en extramurale parameters forensische zorg: en 4a: Activiteiten en verrichtingen
Regeling dbbc’s, zzp’s en extramurale parameters forensische zorg
Bijlage 4 bevat achtereenvolgens de uitgebreide codelijst met alle te registreren activiteiten en verrichtingen, en de meer uitgebreide definitie daarvan. Onder bijlage 4a staat de verkorte activiteitenlijst opgenomen. Een zorgaanbieder heeft de keuze om of de uitgebreide activiteitenlijst te hanteren of de verkorte activiteitenlijst onder bijlage 2a te hanteren Activiteit Soort Selecteerbaar? Mag direct? Mag indirect? Mag reistijd? Mag groep? 1. Pré-intake Tijdschrijven Ja Nee Ja Nee Ja 2. Diagnostiek Tijdschrijven Nee 2.1 Intake & screening Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.2 Verwerven informatie van eerdere behandelaars Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.3 Anamnese / vragenlijsten Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.4 Hetero anamnese Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.5 Psychiatrisch onderzoek Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.6 Psychodiagnostisch onderzoek Tijdschrijven Nee Nee Nee Nee Nee 2.6.1 Intelligentie Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.6.2 Neuropsychologisch Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.6.3 Persoonlijkheid Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.7 Orthodidactisch onderzoek Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.8 Vaktherapeutisch onderzoek Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.9 Contextueel onderzoek (gezin, school, etc) Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.10 Lichamelijk onderzoek Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.11 Aanvullend onderzoek: lab, rad, klin.neur.) Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.12 Advisering Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.13 Overige diagnostische activiteiten Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 2.14 Risicotaxatie Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 3. Behandeling Tijdschrijven Nee 3.1 Communicatieve behandelcontact Tijdschrijven Nee 3.1.1 Follow up behandelcontact Tijdschrijven Nee Nee Nee Nee Nee 3.1.1.1 Patiënt individueel Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Nee 3.1.1.2 Patiënt in groep Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 3.1.1.4 Systeem (gezin/paar/ouders) zonder patiënt individueel Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Nee 3.1.1.5 Systeem (gezin/paar/ouders) zonder patiënt in groep Tijdschrijven Ja Ja Ja Ja Ja 3.1.1.6 Systeem (gezi
- − Dit onderdeel omvat alle activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de zorgvraag. Onder diagnostiek onderscheiden we de volgende activiteiten:
- − Intake/screening: alle (gespreks)activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de zorgvraag.
- − Verwerven informatie van eerdere behandelaars.
- − Anamnese: het verzamelen van alle noodzakelijke diagnostische informatie bij de patiëntdoor middel van gesprekken en vragenlijsten.
- − Hetero-anamnese: het verzamelen van alle noodzakelijke diagnostische informatie bij de partner, familie of andere relaties van de patiënt door middel van gesprekken en vragenlijsten.
- − Psychiatrisch onderzoek.
- − Psychodiagnostisch onderzoek (intelligentie, neuropsychologisch, persoonlijkheid).
- − Orthodidactisch onderzoek.
- − Vaktherapeutisch onderzoek.
- − Contextueel onderzoek (gezin, school, et cetera): inschatten van de invloed/beperkingen/mogelijkheden van gezin, school of andere voor het kind/de jeugdige betekenisvolle milieus.
- − Lichamelijk onderzoek.
- − Aanvullend onderzoek (laboratorium, radiologie, klinische neurofysiologie, nucleaire geneeskunde): de behandelaar registreert de patiëntgebonden tijd die hij besteedt aan het aanvragen en (laten) uitvoeren van aanvullend onderzoek.
- − Advisering: diagnostische bevindingen en beleidsadvies bespreken met betrokkenen en gezamenlijk het verdere beleid bepalen.
- − Overige diagnostische activiteiten.
- − Risicotaxatie: bij het taxeren van de verschillende typen gevaar wordt er vanuit gegaan dat gebruik wordt gemaakt van één van de instrumenten die zijn voorgeschreven in deze nadere regel.
- a. Communicatieve behandeling: hieronder wordt iedere vorm van behandeling verstaan waarbij communicatie op zichzelf het belangrijkste instrument is om tot vermindering van klachten of symptomen te komen. Het begrip omvat wat vroeger ook wel ‘gespreksbehandeling’ werd genoemd, maar biedt tevens ruimte voor elektronische of schriftelijke communicatie en voor non-verbale communicatietechnieken. De categorie communicatieve behandeling is onderverdeeld in de volgende groepen: Follow-up behandelingscontact: hierbij wordt het beloop van de klachten en symptomen vastgelegd in het vervolg op een eerder ingestelde behandeling van welke soort dan ook. Zo nodig wordt de eerder ingestelde behandeling aangepast en worden adviezen gegeven met betrekking tot het dagelijks functioneren van de patiënt. Steunend en structurerend behandelingscontact: ter vermindering van klachten en symptomen en verandering van habituele gedragspatronen, wordt gericht gebruik gemaakt van empathie, confrontatie, cognitieve herordening en gedragsveranderende technieken. Psychotherapie: is opgesplitst in een aantal mogelijke soorten psychotherapie. Met name die vormen zijn genoemd die steunen op de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek of op de professionele traditie. Daarnaast is een categorie ‘overig’ opgenomen (denk bijvoorbeeld aan vormen van psychotherapie die niet in de registratielijst worden genoemd zoals kinderpsychotherapie, familieopstellingen, milieutherapie et cetera). Overige (communicatieve) behandelcontacten: betreffen alle activiteiten die vallen onder communicatieve behandeling maar niet zijn te plaatsen onder de hierboven genoemde groepen. Onder deze categorie kunnen we onder andere de volgende activiteiten rekenen: psycho-educatie, training patiënten, ouder-groepstraining, videohometraining, instructies, et cetera. Ook de somatische activiteiten en logopedie kunnen onder deze activiteit worden weggeschreven.
- a. Geneeskundig begeleidingscontact : Deze vorm van begeleiding omvat activiteiten die gericht zijn op de beperkingen voortvloeiend uit de stoornis en die ingrijpen op deze beperkingen. Dit begeleidingscontact dient te worden opgenomen in het behandelplan.
- a. Zorgcoördinatie: zorgcoördinatie heeft ten doel om alle zorg die een individuele patiënt van de eigen instelling met complexe problematiek op enig moment nodig zou kunnen hebben voor hem/haar beschikbaar te kunnen maken en op elkaar af te stemmen. De tijdsbesteding aan alle activiteiten die in dit kader ten behoeve van deze individuele patiënt worden uitgevoerd, wordt op deze activiteit geregistreerd. Behandelaren kunnen hun tijd op de activiteit zorgcoördinatie verantwoorden als er sprake is van coördinerende activiteiten ten behoeve van de patiënt ‘over de muren van de afdeling of instelling heen’. Dit kan betrekking hebben op: ofwel coördineren van de zorg van verschillende behandelaren of afdelingen binnen een instelling; ofwel coördineren van de zorg van de eigen zorginstelling en andere zorginstellingen en instanties. Alle overige coördinerende activiteiten die direct samenhangen met het uitvoeren van de op deze lijst genoemde activiteiten en verrichtingen, vallen hier dus niet onder. Tevens vallen hier niet onder de coördinerende activiteiten die voor groepen patiënten of voor de gehele instelling worden uitgevoerd.
- 10. Op de activiteit No show mag geen (in)directe tijd geschreven worden.
- 11. In geval van No show mag er reistijd als indirecte tijd worden geschreven.
- 12. Altijd in het kader is van de (psychiatrische) behandeling.
- 13. Terug te vinden is in het behandelplan van de patiënt, dat is opgesteld door de behandelaar.
- 1. Ect De materiële kosten en de inzet van behandelaren die niet voorkomen op de dbbc-beroepentabel (zoals de anesthesist) worden in kaart gebracht via de registratie van het aantal behandelingen ect.
- • Methadon (ambulante verstrekking per maand) Wanneer methadon aan een patiënt wordt verstrekt, wordt dit per maand geregistreerd op de dbbc van de patiënt. Ambulante verstrekking in een maand wordt gezien als één verrichting. Dit is ongeacht de hoeveelheid en frequentie van de ambulante methadonverstrekking in die maand. Een dbbc met een verrichting methadon (ambulante verstrekking per maand) moet altijd de activiteit farmacotherapie bevatten. dbbc’s met de verrichting methadon (ambulante verstrekking per maand) zonder de activiteit farmacotherapie vallen uit in de validatie.
- • Forensisch psychiatrisch toezicht (fpt) De verrichting fpt kan worden geregistreerd in de fasen proefverlof en voorwaardelijke beëindiging. Het vergoedt de kosten voor de behandel- en begeleidingsactiviteiten in het kader van het fpt uitgevoerd door een fpc. De verrichting kan per dag dat een dbbc met het zorgtype ‘fpt proefverlof’ en ‘fpt voorwaardelijke beëindiging’ geopend is. Als er tijdens de fase proefverlof en fase voorwaardelijke beëindiging een time-out optreedt, dan mag er geen verrichting fpt meer geregistreerd worden.
- • Sglvg+ Voor beveiligingsniveau 2 geldt voor zorg, geleverd aan personen die een indicatie ‘sglvg+’ hebben en verblijven in een setting die voldoet aan de omschrijving ‘sglvg+’, geldt een nhc-toeslag. Voor de omschrijving ‘sglvg+ zie bijlage 6. ’