Art. II Wet handhaving kraakverbod

Wet handhaving kraakverbod

Onze Minister van Justitie en Veiligheid zendt in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.