Bijlage 1 Subsidieregeling Tel mee met Taal 2021-2024: beoordelingskader experimenten
Subsidieregeling Tel mee met Taal 2021-2024
Deze bijlage behoort bij artikel 26, tweede lid, van de Subsidieregeling Tel mee met Taal 2021–2024. Deze bijlage bevat het beoordelingskader voor de experimenten, bedoeld in artikel 20, eerste lid. Op grond van deze subsidieregeling kan subsidie worden aangevraagd voor praktijkgerichte experimenten, gericht op het beter kunnen bereiken van in Nederland woonachtige laaggeletterde personen zodat zij kunnen worden toegeleid naar cursussen gericht op het vergroten van een of meer taalvaardigheden, rekenvaardigheden of digitale vaardigheden. Daarbij gaat het om het vinden, motiveren voor en toeleiden naar (cursus)aanbod. Alle (niet-uitgelote) projecten worden beoordeeld op: De beoordelingscriteria A (Relevantie van de aanvraag) en beoordelingscriterium B (Kwaliteit activiteitenplan) wegen zwaarder, namelijk ieder voor 30%. Beoordelingscriterium C (Uitvoerbaarheid en haalbaarheid) en beoordelingscriterium D (Draagvlak en samenwerking) wegen beide voor 15% mee. Ten slotte weegt beoordelingscriterium E (Begroting) voor 10% mee. Het project biedt iets nieuws Het project is zowel innovatief als praktijkgericht De doelstellingen van het project zijn gericht op het beter bereiken van laaggeletterde personen of gericht op het verbeteren van de kwaliteit van het cursusaanbod voor deze doelgroep Er is aandacht voor borging en duurzaamheid De aanvrager beschrijft in het plan van aanpak op welke wijze de activiteiten en resultaten zich kunnen lenen voor voortzetting en opschaling na afloop van de subsidieperiode. Voor dit deelaspect wordt een hogere score toegekend naarmate de inzet en bereidheid om de samenwerking duurzaam neer te zetten groter is, blijkend uit onder andere: De doelstellingen en activiteitenplanning zijn uitvoerbaar en haalbaar binnen de projectperiode. De aanvrager maakt de uitvoerbaarheid van het project inzichtelijk in een activiteitenplanning voor de projectperiode. Voor dit deelaspect wordt een hogere score toegekend naarmate de uitvoerbaarheid en haalbaarhei
- A Relevantie van de aanvraag
- B Kwaliteit van het activiteitenplan
- C Uitvoerbaarheid en haalbaarheid
- D Draagvlak en samenwerking
- E Begroting
- 1. De aanvrager beschrijft in welke inhoudelijke lacunes het project voorziet. Voor dit deelaspect wordt een hogere score toegekend naarmate er beter blijk wordt gegeven van kennis over reeds bestaande en gebruikte methoden om de doelgroep laaggeletterden te bereiken, of van een aanpak om deze kennis te verwerven en te benutten bij de uitvoering van het project. Dit kan onder andere blijken uit:
- 1. Een (beknopte) verwijzing naar eerdere onderzoeken, literatuur, methodieken etc. en een appreciatie hiervan.
- 2. Een onderbouwde beschrijving van een lacune op basis van eigen ervaringen van de betrokken doelgroep, waarbij de lacune vanuit meerdere invalshoeken wordt beschreven.
- 1. De aanvrager beschrijft de elementen die het project innovatief maken en beargumenteert waarom deze elementen innovatief zijn.
- 2. De aanvrager beschrijft de elementen die het experiment praktijkgericht maken. Voor dit deelaspect wordt een hogere score toegekend naarmate de aanvrager beter beschrijft dat het project innovatief en praktijkgericht is, blijkend uit onder andere:
- 1. Een heldere beschrijving van de element(en) die het project innovatief maken met een argumentatie waarom dat zo is, bijvoorbeeld omdat het gaat om een nog niet bestaande methodiek, of omdat de wijze waarop het experiment is vormgegeven vernieuwend is.
- 2. Een heldere beschrijving van de elementen die het project praktijkgericht maken met een argumentatie waarom dat zo is. De aanvrager beschrijft hoe de innovatieve elementen in de praktijk worden ontwikkeld, toegepast en getest.
- 1. De aanvrager beschrijft helder wat doelstelling(en) van het experiment zijn (SMART geformuleerd).
- 2. De aanvrager beschrijft helder wat de doelgroep is waar het experiment zich op richt, en op welke wijze ze participeren in het experiment.
- 3. De aanvrager beschrijft helder op welke wijze het experiment wordt vormgegeven om de doelstellingen te bereiken. Voor dit deelaspect wordt een hogere score toegekend naarmate de aanvrager beter onderbouwt en beargumenteert hoe de doelstellingen en activiteiten van het project bijdragen aan het vergroten van het bereik van laaggeletterde personen, blijkend uit onder andere:
- 1. Een heldere beschrijving van de doelstellingen en bijbehorende effecten die het project beoogt. Deze doelen zijn Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden (SMART) geformuleerd.
- 2. Een beschrijving van de (sub)doelgroep(en) waarop de activiteiten zich richten, en de wijze waarop deze doelgroep(en) bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van de activiteiten betrokken worden
- 3. Een heldere beschrijving van de projectorganisatie, die de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden bevat.
- 4. Een heldere beschrijving van het profiel van de trekker(s) of projectleider(s).
- 5. In het activiteitenplan wordt inzichtelijk gemaakt welke aanpakken, producten en processen het project beoogt te realiseren.
- 1. Een beschrijving van mogelijke partners die betrokken kunnen worden bij de opschaling van de activiteiten, met een argumentatie waarom dat zo is.
- 1. Een uitgewerkt en realiseerbaar activiteitenplan voor de projectperiode, bestaande uit fasering, mijlpalen, beoogde (tussentijdse) resultaten, plus taakverdeling partners (wie doet wat wanneer?)
- 1. Een heldere beschrijving van de projectgebonden risico’s, waaruit blijkt dat er goed is nagedacht over mogelijke risicofactoren en knelpunten.
- 2. Een beschrijving van mogelijke maatregelen als deze risico’s zich werkelijk voordoen.
- 1. Een heldere beschrijving van de betrokkenheid van één of meerdere gemeenten tijdens de verschillende fases bij de uitvoering van de activiteiten.
- 1. De inzet van menskracht, geld en eventueel apparatuur staat in verhouding tot de beoogde resultaten.
- 2. De kosten - waaronder de kosten van de projectorganisatie/projectmanagement - staan in verhouding tot de opbrengsten en resultaten die in het activiteitenplan zijn beschreven.
- 1. Er is duidelijk aangegeven hoe de eigen bijdrage of bijdragen van derden is opgebouwd en hoe deze verdeeld is over de partners.
- 2. De eigen bijdrage of bijdragen van derden zijn voldoende om (tezamen met de rijkssubsidie) de kosten van het project te dekken.
- 3. De eigen bijdrage of bijdragen van derden zijn voor de gehele subsidieperiode inzichtelijk.