Art. 8 Regeling CO2-heffing industrie, Inhoud industrieel monitoringsplan voor lachgasinstallaties
Regeling CO2-heffing industrie
De artikelen 5, 6, 7, 8 en 69 en de hoofdstukken II, III, V en VII van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel zijn van overeenkomstige toepassing op de monitoring van lachgasinstallaties met dien verstande dat:
a. de bevoegdheden, bedoeld in artikel 13, eerste en tweede lid, van die verordening worden uitgeoefend door het bestuur van de emissieautoriteit;
b. in afwijking van artikel 20, eerste lid, van die verordening ook de broeikasgasemissies van lachgasinstallaties meetellen uit alle emissiebronnen en bronstromen die samenhangen met de productie van acrylonitril en caprolactam;
c. de rekenmethode, bedoeld in hoofdstuk III, deel 2, van die verordening niet van overeenkomstige toepassing is op lachgasinstallaties.