Art. 10 Regeling onderstand BES, Indeling in categorieën

Regeling onderstand BES

Gedragingen van belanghebbenden waardoor de verplichting tot inschakeling in de arbeid op grond van artikel 5 van het besluit niet of onvoldoende is nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën:

a. eerste categorie: het zich niet of niet tijdig aanmelden voor arbeidsbemiddeling bij het bestuurscollege van het openbare lichaam of het niet of niet tijdig laten verlengen van deze aanmelding;

b. tweede categorie:

1°. het niet of niet tijdig voldoen aan een oproep om, in verband met de inschakeling in de arbeid, op een aangegeven plaats en tijd te verschijnen;

2°. het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot inschakeling in de arbeid of aan een onderzoek naar de geschiktheid voor scholing of opleiding;

c. derde categorie:

1°. het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen;

2°. gedragingen die de inschakeling in de arbeid belemmeren;

3°. het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een voor de inschakeling in de arbeid noodzakelijk geachte scholing of opleiding of aan andere aangewezen activiteiten die de zelfstandige bestaansvoorziening bevorderen;

d. vierde categorie:

1°. het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid;

2°. het door eigen toedoen niet behouden van algemeen geaccepteerde arbeid.