Art. 8 Besluit aanwijzing toezichthouders naleving Wet experiment gesloten coffeeshopketen en verlenen mandaat en machtiging voor uitvoering en handhaving van die wet, Mandaat en machtiging handhaving
1. Aan de Inspecteur-Generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit wordt ten aanzien van het in het kader van het experiment overeengekomen werkterrein van deze dienst mandaat en machtiging verleend om namens de Ministers:
a. een last onder bestuursdwang als bedoeld in artikel 9 van de Wet op te leggen;
b. een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 9a van de Wet op te leggen;
c. een besluit te nemen op een bezwaarschrift gericht tegen een besluit als bedoeld in onderdelen a of b;
d. verweer te voeren ingeval beroep of hoger beroep is ingesteld ter zake van een besluit op bezwaar als bedoeld in onderdeel c;
e. verweer te voeren ingeval een voorlopige voorziening is ingesteld in het kader van een bezwaar, beroep of hoger beroep ter zake van een besluit als bedoeld in onderdeel a of b;
f. beleidsregels vast te stellen.
2. Onverminderd het bepaalde in artikel 10:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is de Inspecteur-Generaal bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan onder hem ressorterende functionarissen, behoudens voor wat betreft het vaststellen van beleidsregels als bedoeld in het eerste lid, onderdeel f.