Art. 5 Mandaatbesluit AR, Besluiten Verordening en Regeling
Aan de algemeen secretaris wordt mandaat verleend voor het nemen van besluiten en het verrichten van overige handelingen die verband houden met:
a. toelating tot de beroepsopleiding op grond van artikel 3.16, vijfde lid, van de Verordening;
b. hardheidsclausule ten hoogste driemaal een toets afleggen op grond van artikel 3.19, zesde lid, juncto artikel 3.19, vierde lid, van de Verordening;
c. terme de grâce op grond van artikel 3.22 van de Verordening;
d. vrijstelling voorafgaande opleidingspunten cassatie op grond van artikel 4.9, tweede lid, van de Verordening;
e. verlengen termijn voorwaardelijke aantekening cassatie op grond van artikel 4.11, tweede lid, van de Verordening;
f. vrijstelling praktijkeisen cassatie op grond van artikel 4.14, tweede lid, van de Verordening;
g. doorhalen voorwaardelijke aantekening advocaat bij de Hoge Raad op grond van artikel 4.15 van de Verordening;
h. toelating beroepsopleiding vanwege overgangsrecht op grond van artikel 9.2a, derde lid, van de Verordening;
i. erkenning opleidingsinstelling op grond van artikelen 16 en 17 van de Regeling;
j. intrekking erkenning opleidingsinstelling op grond van artikel 19 van de Regeling.