Art. 4.2 Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2020–2025, Bepalen hoogte specifieke uitkering

Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2020–2025

1. De minister verstrekt voor de kalenderjaren 2021 tot en met 2025 jaarlijks ten hoogste € 56.151.032,– voor het uitvoeren van de taken, bedoeld in artikel 4.1.

2. De verdeling van de specifieke uitkering over de RMC-contactgemeenten voor de kalenderjaren 2021 tot en met 2025 is per jaar als volgt:

a. het vaste bedrag, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a, van het besluit, bedraagt jaarlijks € 10.322.169,–;

b. het budget, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van het besluit, dat over de RMC-regio’s wordt verdeeld, bedraagt jaarlijks € 4.232.365,–;

c. het budget, bedoeld in artikel 4 eerste lid, onderdeel c, van het besluit, dat over de RMC-regio’s wordt verdeeld, bedraagt jaarlijks € 6.638.308,–;

d. het budget, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel d, van het besluit, dat over de RMC-regio’s wordt verdeeld, bedraagt jaarlijks € 15.758.190,–;

e. het budget, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het besluit, dat over de RMC-regio’s wordt verdeeld, bedraagt jaarlijks € 19.200.000,–.

3. De bedragen, bedoeld in het eerste en tweede lid, kunnen jaarlijks worden aangepast in verband met loon- en prijsbijstelling.

4. De verdeling van het budget, bedoeld in het tweede lid, onder e, over de RMC-regio’s, is opgenomen in bijlage 6 bij deze regeling.