Art. 21 TwG, Slotbepalingen
Tijdelijke wet Groningen (TwG)
1. Besluiten van de deelcommissie mijnbouwschade op grond van artikel 3, tweede lid, van het Besluit Mijnbouwschade Groningen, en de deelcommissie bezwaar, op grond van artikel 3, derde lid, van het Besluit Mijnbouwschade Groningen, worden na inwerkingtreding van deze wet aangemerkt als besluiten van het Instituut Mijnbouwschade als bedoeld in artikel 2, derde lid.
2. Aanvragen tot vergoeding van schade die in de periode van 19 maart 2018 tot de datum van inwerkingtreding van deze wet in behandeling zijn bij de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen, worden voor de toepassing van deze wet aangemerkt als een aanvraag tot vergoeding van schade als bedoeld in artikel 2, derde lid.
3. Schademeldingen die in de periode van 31 maart 2017, 12:00 uur, tot 19 maart 2018 zijn voorgelegd aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij N.V. of het Centrum Veilig Wonen en in behandeling zijn, worden voor de toepassing van deze wet aangemerkt als een aanvraag tot vergoeding van schade als bedoeld in artikel 2, derde lid.
4. Het Instituut neemt de zaken bedoeld in het eerste tot en met derde lid over in de staat waarin deze zich bevinden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 24 februari 2021, ECLI:NL:RVS:2021:374
- ABRvS 1 december 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2682
- ABRvS 3 augustus 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2232
- ABRvS 3 augustus 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2233
- ABRvS 23 augustus 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3215
- ABRvS 24 november 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2631
- ABRvS 24 november 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2625