Art. 2a Beleidsregel verlenging inburgeringstermijnen bij geen verwijt, Overlijden
Beleidsregel verlenging inburgeringstermijnen bij geen verwijt
Bij overlijden van de partner of een bloedverwant in de eerste graad van de inburgeringsplichtige wordt de termijn van het participatieverklaringstraject of de termijn voor de overige onderdelen van het inburgeringsexamen verlengd met een periode van drie maanden.
Om in aanmerking te komen voor de verlenging dient de inburgeringsplichtige een afschrift van de ingeschreven akte van overlijden als bedoeld in artikel 19f van Boek 1 Burgerlijk Wetboek in bij de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (DUO).