Bijlage 2 Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie van het Onderwijs 2018: bij het Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie van het Onderwijs 2018

Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie van het Onderwijs 2018

De formule, bedoeld in artikel 19, eerste lid, luidt: a. voor zover het aan de inspectie geattribueerde taken en bevoegdheden betreft: De inspecteur-generaal van het Onderwijs, namens deze, functie van de gemandateerde, handtekening van de gemandateerde, naam van de gemandateerde b. voor zover het overige aangelegenheden betreft op het terrein van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: De <Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap> of <Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media>*, namens deze, functie van de gemandateerde, handtekening van de gemandateerde, naam van de gemandateerde c. voor zover het aangelegenheden betreft op het terrein van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid: De 1° <Minister> / 2° <Staatssecretaris>* van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, namens deze, functie van de gemandateerde, handtekening van de gemandateerde, naam van de gemandateerde * Afhankelijk van de onderlinge taakverdeling