Art. 10.03 ES-TRIN, Bescherming tegen aanraking, binnendringen van vreemde voorwerpen en water

Europese standaard tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen (ES-TRIN)

De minimumbeschermingsgraad van de permanent geïnstalleerde delen van een elektrische installatie moet in overeenstemming zijn met de plaats van opstelling, zoals aangegeven in de onderstaande tabel:

Plaats van opstelling

Minimumbeschermingsgraad

volgens Europese norm EN 60529 : 2014

Generatoren

Motoren

Trans formatoren

Schakelborden, verdeelkasten en schakeltoestellen

Installatie materiaal4

Verlichting / Brandmelders

Dienstruimten, machinekamers, stuurmachinekamers ..........

IP 22

IP 22

IP 222

IP 221 2

IP 44

IP 22

Laadruimen ..........

IP 55

IP 55

IP 55

IP 55

Ruimten voor accumulatoren en de opslag van verf ..........

IP 44

en (Ex)3

Open dek en open stuurstellingen ..........

IP 55

IP 55

IP 55

IP 55

IP 55

Gesloten stuurhuis ..........

IP 55

IP 22

IP 22

IP 22

IP 22

IP 22

Verblijven, behalve sanitaire en vochtige ruimten ..........

IP 22

IP 20

IP 20

Sanitaire en vochtige ruimten ..........

IP 44

IP 44

IP 44

IP 55

IP 44

Opmerkingen:

1 Voor apparaten met een hoge warmteontwikkeling: IP 12.

2 Indien het apparaat zelf niet aan de minimumbeschermingsgraad voldoet, moet de plaats van opstelling voldoen aan de minimumbeschermingsgraad volgens de tabel.

3 Elektrische inrichting (erkend veilig), bijvoorbeeld

a) apparatuur die is toegelaten conform de desbetreffende Europese normenreeks EN 60079 (in de op 6 juli 2017 geldende versie),

b) apparatuur met een lagere minimumbeschermingsgraad door de bouw-aard, zoals bepaalde typen brandmelders.

Indien in ruimten met accumulatoren of waarin verf is opgeslagen lampen of brandmelders gemonteerd zijn, moet aan beide vereisten worden voldaan.

4 Voor installatiemateriaal voor een stroomsterkte vanaf 125 A: IP 66 (EN 60529 : 2014).