Bijlage 1 Regeling voorzieningenplanning vo 2018: bij de Regeling voorzieningenplanning vo 2018
Regeling voorzieningenplanning vo 2018
Een nieuwe school of scholengemeenschap, profiel vbo of afdeling havo komt voor bekostiging in aanmerking indien met een prognose aannemelijk wordt gemaakt dat de gevraagde voorziening zal worden bezocht door de aantallen leerlingen onderscheidenlijk genoemd in de artikelen 64, eerste en tweede lid, en 65, eerste en tweede lid, WVO (de zogenaamde stichtingsnormen). Het schoolbestuur kan op twee manieren aantonen dat de gevraagde voorziening voldoet aan de stichtingsnormen: met een indirecte meting of met een directe meting. Op grond van artikel 67, tweede lid, WVO dient bij een aanvraag voor de stichting van een bijzondere school of scholengemeenschap ook te worden vermeld van welke verlangde richting het onderwijs zal uitgaan. Sinds de uitspraken van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) uit 20131ECLI:NL:RVS:2013:857, 859, 866, 868, 869 en 872 kan daaronder ook meer dan één richting verstaan worden. Sinds 2013 zijn dan ook nieuwe scholen en scholengemeenschappen gesticht met combinaties van richtingen. De ABRvS heeft in 20172ECLI:NL:RVS:2017:2552 vervolgens vastgesteld dat in algemene zin alleen de belangstellingspercentages van combinaties van richtingen die min of meer in elkaars verlengde liggen bij elkaar opgeteld mogen worden om zodoende onder meer aan te tonen dat naar verwachting aan de wettelijke stichtingsnorm voor de gevraagde schoolsoort(en) wordt voldaan. Aannemelijk dient te zijn dat de belangstelling voor de ene richting opgeteld bij de belangstelling voor de andere richting een totaal oplevert dat representatief is voor de belangstelling voor een combinatie van die twee richtingen. Net als dat het geval is bij een aanvraag voor schoolstichting op een nog niet erkende enkelvoudige richting, wint de minister eerst advies in bij de Onderwijsraad na indiening van een aanvraag voor stichting van een school of scholengemeenschap op een combinatie van richtingen. Ook in het laatste geval verzoekt de minister de Onderwijsraad in het a
- • Toekomstige aantallen leerlingen: de te verwachten aantallen leerlingen op een termijn van 6 jaar (middellange termijn) en 10 jaar (lange termijn), gerekend vanaf het jaar van de aanvraag, in het voedingsgebied van de aangevraagde school of scholengemeenschap, het profiel vbo of de afdeling havo.
- • Voedingsgebied school of scholengemeenschap: het voedingsgebied voor een school of scholengemeenschap met inbegrip van de daarbij aangevraagde profielen vbo of afdeling havo, bestaat uit de viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk binnen 10 kilometer hemelsbreed gemeten vanaf het vestigingsadres van de bestaande of de nieuw te stichten voorziening vallen. Bij ontbreken van een vestigingsadres wordt uitgegaan van het centrum (bevolkingszwaartepunt) van de wijk waar de school of scholengemeenschap, het profiel vbo of de afdeling havo wordt gesticht. Daarbij wordt de meest recente Wijk- en buurtkaart van het Centraal Bureau voor de Statistiek gehanteerd.
- • Deelnamepercentage verlangde richting(en): het aantal leerlingen van de verlangde richting(en) in groep 3 in het basisonderwijs gedeeld door het totaal aantal leerlingen in groep 3 in het basisonderwijs.
- • Deelnamepercentage gevraagde schoolsoort of profiel vbo in leerjaar 1: het aantal leerlingen van de gevraagde schoolsoort of het gevraagde profiel vbo in leerjaar 1 gedeeld door het totaal aantal leerlingen in leerjaar 1 van het voorgezet onderwijs.
- A. De basisgeneratie: is het aantal leerlingen in leerjaar 1 van het voortgezet onderwijs (B-GEN13B-GEN1 De basisgeneratie 1e fase (avo/v(m)bo/praktijkonderwijs): het gemiddeld aantal 12/13-jarigen voor de gemeente(n) gelegen in het voedingsgebied van de aangevraagde voorziening en wordt bepaald door uit te gaan van het aantal 12- en 13-jarigen in de gemeente voor bovengenoemde prognosejaren zoals weergegeven in de meest recente DUO-publicatie ‘Basisgeneraties en aantallen inwoners van de Nederlandse gemeenten’4Deze publicatie kunnen besturen bij ICO/VO (079) 323 2444 aanvragen als zijn een school willen gaan stichten., en gedeeld door 2.
- B. Deelnamepercentage van de verlangde richting(en) voor de betrokken gemeente(n) op basis van groep 3 in het basisonderwijs, ontleend aan de meest recente DUO-publicatie ‘Verdeling naar richting in het Basisonderwijs’5idem..
- C. Deelnamepercentage van de gevraagde schoolsoort of het gevraagde profiel vbo in leerjaar 1 van het voortgezet onderwijs in de gemeente(n) waarvoor de voorziening wordt aangevraagd, ontleend aan de meest recente DUO-publicatie ‘Statistisch Materiaal voor stichting van een nieuwe school’6idem.
- D. De verblijfsduur: de landelijke verhouding tussen het totaal aantal leerlingen en het aantal leerlingen in leerjaar 1 van de gevraagde schoolsoort. Hierbij gaat het om de schoolsoort en niet het profiel vbo, dat alleen bekend is voor de bovenbouw vbo.
- E. Het bruto potentieel (A×B×C×D).
- F. Het deel van het bruto potentieel van de betrokken gemeente(n) dat valt in het voedingsgebied van een bestaande school of van een bestaand profiel vbo van dezelfde verlangde soort en richting(en).
- G. Het netto potentieel (E-F).
- • Deelnamepercentage verlangde richting(en): het aantal leerlingen van 10 en 11 jaar dat een profiel vbo, school, scholengemeenschap, of afdeling havo van de verlangde richting(en) zal bezoeken volgens het onderzoek directe meting gedeeld door het totaal aantal leerlingen van 10 en 11 jaar en vermenigvuldigd met 0,7.
- a. de directe meting is uitgevoerd in opdracht van het desbetreffende bevoegd gezag door een onafhankelijk onderzoeksbureau op basis van een wetenschappelijk verantwoorde schriftelijke enquête;
- b. de directe meting is gebaseerd op een representatieve, aselecte steekproef uit de onderzoekspopulatie die bestaat uit de ouders, voogden of verzorgers van kinderen van 10 en 11 jaar, woonachtig in het voedingsgebied van de gewenste schoolsoort of het gewenste profiel vbo;
- c. de anonimiteit van de ondervraagden is gegarandeerd;
- d. het onderzoek inventariseert de voorkeuren van de ondervraagden voor alle erkende richtingen. Daarbij worden als uitgangspunten gehanteerd dat:
- 1. van elke erkende richting, op gelijke afstand van de woonlocatie een school aanwezig is en dat al deze scholen van gelijke kwaliteit zijn;
- 2. de vraagstelling neutraal is en op geen enkele wijze sturend;
- 3. de informatie die voorafgaand aan of bij het onderzoek wordt verstrekt volkomen neutraal is en op geen enkele wijze sturend;
- e. het onderzoek directe meting op de uiterste indieningsdatum van de aanvraag niet ouder dan drie jaar is;
- f. indien het een directe meting betreft voor een afdeling havo worden de ouders, voogden of verzorgers geïnformeerd over de afdeling havo dat deze afdeling:
- • alleen verbonden kan zijn aan een zelfstandige school voor mavo of een scholengemeenschap met mavo (bijvoorbeeld mavo/vbo) en vangt aan na 4 jaar mavo;
- • een cursusduur heeft van 2 jaar, namelijk de leerjaren 4 en 5.