Art. 8 Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging Commissariaat voor de Media 2018, Aangelegenheden van het College
Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging Commissariaat voor de Media 2018
Onverminderd de mogelijkheid van mandatering overeenkomstig artikel 7 zijn de volgende handelingen voorbehouden aan het College:
1. het nemen van besluiten van het Commissariaat voor de Media, waaronder in ieder geval de besluiten tot:
a. het vaststellen van de begroting van het Commissariaat voor de Media;
b. het vaststellen van het jaarverslag van het Commissariaat voor de Media;
c. het toewijzen, intrekken of weigeren van aanwijzingen voor het verzorgen van media- aanbod voor de landelijke, regionale en lokale publieke mediadienst met uitzondering van het intrekken of wijzigen van de aanwijzing op verzoek van de media-instelling;
d. het verlenen, intrekken of weigeren van toestemming voor commerciële omroep, met uitzondering van het intrekken of wijzigen van de toestemming op verzoek van de commerciële omroepinstelling;
e. het vaststellen, wijzigen en intrekken van beleidsregels;
f. het opleggen van een administratieve sanctie dan wel een last onder dwangsom;
g. het aanbrengen van wijzigingen in de organisatiestructuur van het Commissariaat voor de Media.
2. het uiten van het voornemen tot oplegging van een administratieve sanctie.
3. de aangelegenheden betreffende:
a. de hoofdlijnen van het personeelsbeleid, waaronder begrepen:
– het vaststellen van kaders voor het te voeren arbeidsvoorwaardenbeleid;
– het vaststellen van kaders voor het te voeren sociaal beleid;
b. de hoofdlijnen van het algemene communicatiebeleid, waaronder begrepen de bekendmaking van belangrijke (voorgenomen) besluiten en de daarmee verband houdende communicatiestrategieën;
c. de hoofdlijnen van het formatiebeleid;
d. het aanstellen, ontslaan, daartoe gerekend het al dan niet verlengen van een tijdelijke aanstelling, en het schorsen van leden van het managementteam
4. de afdoening van stukken gericht aan:
a. de Ministers en Staatssecretarissen;
b. de Eerste en Tweede Kamer;
c. de Algemene Rekenkamer;
d. de Nationale Ombudsman.