Bijlage I Besluit vaststelling beleidskader subsidiëring transparantie over de kwaliteit van zorg 2018: inleiding en doel
Besluit vaststelling beleidskader subsidiëring transparantie over de kwaliteit van zorg 2018
Deze bijlage hoort bij het Besluit vaststelling beleidskader subsidiëring transparantie over de kwaliteit van zorg 2018. Beleidsregels betreffende de verstrekking van subsidies voor de stimulering van de transparantie door middel van het gebruiken van uitkomstinformatie bij Samen beslissen door patiënt en zorgverlener over de best passende behandeling in haar/zijn persoonlijke situatie. In de brief van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) van 2 maart 2015 aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal1Kamerstukken II, 32 620, nr. 149 zijn beleidsdoelstellingen op het terrein van transparantie over de kwaliteit van zorg uiteengezet. Deze beogen de transparantie op het terrein van de kwaliteit van zorg te bevorderen, te verbeteren dan wel het bestaande aanbod op dit gebied te versterken, zodat de patiënt de benodigde informatie heeft en zelf kan meebeslissen over de best passende behandeling. Om het belang van het bevorderen van transparantie te onderstrepen, is 2015 betiteld als het Jaar van de Transparantie. Om de beleidsdoelstellingen te realiseren, zijn door de Minister van VWS extra middelen beschikbaar gesteld waardoor het mogelijk is om met een specifieke subsidie een impuls te geven aan de beoogde transparantie. De doelstelling is om een onomkeerbare beweging op dit onderwerp in gang te zetten met breed gedragen activiteiten waardoor de informatievoorziening over de zorg en het zorgaanbod en over de kwaliteit daarvan op toegankelijke wijze beschikbaar komt. Subsidiëring op het terrein van VWS geschiedt op basis van de Kaderwet VWS-subsidies. De subsidies worden verstrekt met inachtneming van de voorschriften van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS. Daarin zijn de verplichtingen die over en weer tussen subsidieontvanger en subsidiegever gelden, neergelegd. In artikel 1.2 van de Kaderregeling staat dat subsidies worden verstrekt die passen binnen het beleid, genoemd in artikel 2 van de Kaderwet VWS-subsidies. Overeenkomstig a
- A. Het project wordt gedragen door de voor het specifieke project relevante partijen.
- B. De opgedane ervaringen binnen het project zijn in potentie geschikt om op landelijke schaal te worden gebruikt.
- C. De projectactiviteiten en/of resultaten worden na afloop van het project met eigen mensen en middelen ingebed in het langetermijnbeleid van de aanvragende en samenwerkende organisatie(s). Dat betekent dat in de aanvraag wordt beschreven hoe de activiteiten of resultaten na afronding van het project worden onderhouden.
- D. De projectresultaten zijn om niet voor iedereen toegankelijk en te gebruiken.
- E. De projectactiviteiten of resultaten daarvan zijn er niet op gericht om een commercieel verdienmodel op te bouwen of in stand te houden.
- F. Het project leidt tot zo min mogelijk regeldruk voor zorgaanbieders. De regeldruk moet in redelijke en onderbouwde verhouding staan tot de resultaten van het project. Het principe van eenmalig vastleggen voor meervoudig gebruik is daarbij het uitgangspunt.
- G. Het project start niet voor 1 juli 2018 en eindigt niet na 31 december 2020. Het project duurt maximaal 24 maanden.
- H. Uurtarieven zijn subsidiabel tot het niveau van de tarieven zoals opgenomen in de Handleiding Overheidstarieven2Deze is te raadplegen via de website van Zorginstituut Nederland. Hierbij is het benodigde functieniveau bepalend voor het te subsidiëren tarief.
- I. De raming van de benodigde uren voor het project is gebaseerd op een reële inschatting.
- J. De gevraagde subsidie voor het project staat in redelijke verhouding tot de resultaten.
- K. Een subsidieaanvrager ontvangt of ontving niet elders subsidie voor hetzelfde of een vergelijkbaar project, opdat dezelfde kostenposten niet meermaals gefinancierd worden.
- L. Aanvragen voor een subsidie van meer dan € 1 miljoen komen niet in aanmerking. Er is geen ondergrens. Aanvragen dienen ongeacht de financiële omvang wel aan alle gestelde criteria te voldoen.
- – (Wetenschappelijk) onderzoek. Ook het verkrijgen van subsidie voor een hoogleraarschap of promovendus is uitgesloten.
- – Projecten die primair gericht zijn op opleiding of scholing.
- – Projecten die primair betrekking hebben op het versterken van randvoorwaardelijke onderwerpen zoals kwaliteitsstandaarden, het ontwikkelen van indicatoren, kwaliteitsregistraties, databases, terminologiestelsels etc.
- – Projecten die uitkomstinformatie maken van gegevens uit bestaande registraties, deze verwerken in hulpmiddelen (bijvoorbeeld app’s, portals, dashboards, zorg-logs etc.) én deze middelen gebruiken in het proces van Samen beslissen;
- – Projecten die bestaande instrumenten voor Samen beslissen (zoals keuzehulpen, consultkaarten etc.) verrijken met uitkomstinformatie én deze middelen gebruiken in het proces van Samen beslissen;
- – Projecten die er aan bijdragen dat samen met de huisarts, op basis van uitkomstinformatie, de keuze voor de best passende behandelaar/behandelplek wordt gemaakt;
- – Projecten die er aan bijdragen dat in de spreekkamer in het ziekenhuis gezamenlijke besluitvorming plaatsvindt over de best passende behandeling en verwijzing naar de juiste spreekkamer.
- a. Het doel van het project is het gebruiken van uitkomstinformatie in het proces van Samen beslissen door patiënt en/of naasten en zorgverlener;
- b. Het project maakt gebruik van bestaande meetinstrumenten voor uitkomstinformatie, of van een selectie van dat deel van het bestaande meetinstrument, dat nodig is om het doel van het project mogelijk te maken;
- c. Het project maakt gebruik van gegevens uit bestaande registraties. Het aanpassen of verbeteren van registraties kan onderdeel zijn van een project;
- d. Het project gebruikt uitkomstinformatie in relatie met informatie over de persoonlijke situatie van de patiënt;
- e. Het project versterkt de vaardigheden van zorgverlener en/of de patiënt en/of naasten bij Samen beslissen, in relatie tot het gebruiken van uitkomstinformatie;
- f. De uitkomstinformatie die gebruikt wordt beschrijft in principe alle mogelijke behandelopties en is dus niet beperkt tot de zorg die de zorgverlener zelf levert. Ook behandelopties die door andere zorgverleners worden uitgevoerd worden -indien relevant- beschreven;
- g. Het project wordt uitgevoerd in de eerste en/of de tweedelijns curatieve zorg;
- h. Het project is een samenwerking tussen (vertegenwoordigers van) de bij het project betrokken patiënten en/of hun naasten en zorgverleners;
- i. Projecten stellen hun producten en/of diensten beschikbaar in het publieke domein (via relevante websites) en via open standaarden, die passen binnen de afsprakenstelsels en architectuur die in het Informatieberaad5Het Informatieberaad maakt afspraken ten behoeve van een duurzaam informatiestelsel in de zorg (zie ook de website www.informatieberaadzorg.nl) zijn overeengekomen;
- j. Het project verspreidt actief de opgedane kennis en ervaring over het gebruiken van uitkomstinformatie bij Samen beslissen (bijvoorbeeld via publicaties op relevante websites en tijdens symposia), zodat uitkomstinformatie door meer organisaties en meer aandoeningen kan worden gebruikt bij Samen beslissen.
- – Projecten die gaan over de juistheid van uitkomstmaten/meetinstrumenten of het ontwikkelen van nieuwe uitkomstmaten/meetinstrumenten;
- – Algemene publieksvoorlichting (bijvoorbeeld mediacampagnes).
- i. Het project sluit aan bij een lopend project of programma in het kader van Samen beslissen (dit kan bijvoorbeeld een project of programma zijn dat loopt in het kader van de 30 aandoeningen van de Kwaliteit- en Doelmatigheidsagenda6Zie voor een overzicht van deze 30 aandoeningen bijvoorbeeld Kamerstukken II, 32 620, nr. 168 (bijlage 2));
- ii. Het project is een samenwerking tussen de eerste en de tweedelijns curatieve zorg;
- iii. Het project richt zich op een doelgroep met lage gezondheidsvaardigheden7Hierbij wordt uitgegaan van de brede WHO definitie van gezondheidsvaardigheden (‘health literacy’), waarbij functionele (geletterdheid, rekenen), communicatieve (actief participeren) en kritische (kritisch beoordelen van informatie ten behoeve van de eigen gezondheid) vaardigheden een rol spelen..