Bijlage 1 Beleidsregel reglementen curriculumontwikkeling po en vo: behorende bij de Beleidsregel reglementen curriculumontwikkeling po en vo
Beleidsregel reglementen curriculumontwikkeling po en vo
In dit reglement vindt u de regels voor deelname aan de ontwikkelteams voor curriculum.nu (voor leraren en schoolleiders). Door het indienen van uw aanmelding gaat u akkoord met deze regels. De staatsecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) heeft in 2014 het startsein gegeven voor een bezinning op het huidige curriculum van het primair en voortgezet onderwijs. Begin 2016 heeft het Platform Onderwijs2032 na een maatschappelijke dialoog het advies ‘OnsOnderwijs2032’ uitgebracht. Vervolgens is de haalbaarheid in de onderwijspraktijk onderzocht en een dialoog met leraren gevoerd. Er zijn diverse inhoudelijke wijzigingen doorgevoerd en er is geconcludeerd dat leraren een belangrijke rol moeten krijgen in het ontwikkelproces. De ontwikkelfase van de herziening van het curriculum loopt vanaf juli 2017 – begin 2019. Zie voor de processtappen de visual. Minister van OCW Is verantwoordelijk voor het verstrekken van de subsidie en neemt daarvoor de formele besluiten. Coördinatiegroep Bestaat uit de (vice)voorzitters van de PO-Raad, VO-raad, AVS, Onderwijscoöperatie, LAKS en Ouders & Onderwijs en adviseert de minister. DUS-I Voert de subsidieregeling en de toetsingsprocedure uit en organiseert een evenutele lotingsprocedure (onderdeel eerste ronde selectieproces). Selectiebureau Is een professioneel selectiebureau dat in opdracht van de coördinatiegroep het selectieproces begeleidt, voert de eerste en tweede ronde van de selectieprocedure uit. Selectiecommissie Bestaat uit leden die de coördinatiegroep heeft benoemd uit leraren, (waaronder één voorgedragen vanuit de betrokken vakverenigingen), schoolleiders (of oud-leraren en -schoolleiders met recente ervaring op dit gebied), Stichting Leerplanontwikkeling of een medewerker van Curriculum.nu. Voert de derde ronde van de selectieprocedure uit en adviseert de coördinatiegroep. De ontwikkelfase staat onder regie van de coördinatiegroep. Deze coördinatiegroep zal de deelnemers aan de ontwikkelteams, die conform dit reg
- a. Toetsingsprocedure. DUS-I beoordeelt of de aanmelding volledig is, de instemming van het bevoegd gezag met de aanmelding is toegevoegd, en of de leraar/schoolleider zich bereid heeft verklaard zich te houden aan de verplichtingen waaraan een ontwikkelteam gebonden is (punt 7).
- b. Selectieprocedure. De selectieprocedure bestaat uit verschillende ronden. In de eerste ronde worden alle deelnemers in categorieën ingedeeld in ontwikkelteams (punt 6b). Mochten er na die indeling in totaal meer dan 1.200 mogelijke kandidaten positief door de toetsingsprocedure zijn gekomen, dan kan er geloot worden (punt 6c). In de tweede ronde beoordeelt het selectiebureau in een kwalitatieve voorselectie de overgebleven aanmeldingen op basis van de selectiecriteria (punt 6d) en presenteert maximaal 300 kandidaten aan de selectiecommissie voor de volgende ronde: het selectiemoment. Deze commissie voert de inhoudelijke gesprekken met kandidaten. De selectiecriteria zijn leidend tijdens die gesprekken. Voor elk leergebied is er een selectiecommissie die uit ten minste vier leden bestaat. De leden van de selectiecommissie worden door de coördinatiegroep benoemd uit leraren (waaronder één voorgedragen vanuit de betrokken vakverenigingen), schoolleiders, Stichting Leerplanontwikkeling en een medewerker van Curriculum.nu. De coördinatiegroep stelt het advies van de selectiecommissie vast en legt dit voor aan de minister, inclusief welke bijbehorende bevoegde gezagen voor subsidie in aanmerking kunnen komen (punt 5c).
- c. Besluit. De minister besluit binnen 13 weken na ontvangst van de aanmelding en subsidieaanvraag.
- d. Afwijzing. Indien DUS-I, het selectiebureau of de selectiecommissie een aanmelding en subsidieaanvraag op basis van de toetsings- of selectieprocedure afwijst, zal de minister de aanmelding en subsidieaanvraag afwijzen. Dit betekent dat de kandidaat niet in aanmerking komt als deelnemer van een ontwikkelteam en het bevoegd gezag geen subsidie ontvangt. De minister voegt het advies van DUS-I, het selectiebureau of de selectiecommissie toe ter motivering van de afwijzing.
- e. Verlenging van de procedure. Indien voor een leergebied te weinig leraren of schoolleiders van een schoolsoort een aanmelding hebben ingediend, kan de minister de aanmeldingsprocedure voor die schoolsoort voor dat leergebied verlengen. Indien voor een leergebied te weinig kandidaten worden geselecteerd, kan de minister de aanmeldings-, toetsings- of selectieprocedure voor dat leergebied voor die schoolsoort opnieuw starten. In beide gevallen worden de nieuwe termijnen en nieuwe procedure in ieder geval bekend gemaakt in de Staatscourant en op: www.curriculum.nu.
- f. Reservelijst. Indien een leraar/schoolleider na het besluit van de minister, bedoeld in onderdeel c, niet (meer) kan deelnemen aan een ontwikkelteam, treedt het bevoegd gezag in overleg met de coördinatiegroep. De coördinatiegroep kan de minister adviseren de aanwijzing in te trekken en een nieuwe kandidaat aan te wijzen.
- a. Toetsingscriteria. Een aanmelding wordt door DUS-I getoetst op onderstaande criteria: Voor de leraren geldt: Voor de schoolleiders geldt:
- 1° Een leraar heeft een relevante lesbevoegdheid voor het leergebied waarvoor hij zich aanmeldt;
- 2° Een leraar geeft op 1 september 2017 les op een school, waarbij de aanstelling voor lesgeven ten minste 0,4 fte is;
- 3° Een leraar is bereid om tussenproducten van en werkwijzen in de ontwikkelteams breed te communiceren en toe te lichten;
- 4° De leraar heeft instemming van het bevoegd gezag om zich aan te melden. Het bevoegd gezag is zich ervan bewust dat, indien de leraar wordt geselecteerd, dit bevoegd gezag als subsidieaanvrager wordt aangemerkt.
- 1° Een schoolleider is op 1 september 2017 werkzaam als schoolleider op een po- of vo-school;
- 2° Een schoolleider is bereid om tussenproducten van en werkwijzen in de ontwikkelteams breed te communiceren;
- 3° De schoolleider heeft instemming van het bevoegd gezag om zich aan te melden. Het bevoegd gezag is zich ervan bewust dat, indien de schoolleider wordt geselecteerd, dit bevoegd gezag als subsidieaanvrager wordt aangemerkt.
- b. Categorisering. De leraren en schoolleiders die geselecteerd zijn op basis van de toetsingsprocedure worden ingedeeld bij het leergebied waarvoor zij zich hebben ingeschreven. Zij kunnen ten hoogste voor één leergebied worden geselecteerd. Het streven is om de ontwikkelteams zodanig samen te stellen dat zij een zo representatief mogelijke afspiegeling vormen van de variëteit van het Nederlandse onderwijsbestel en dat zij gezamenlijk de benodigde competenties bezitten. Daarom worden de genomineerde leraren en schoolleiders binnen het leergebied in zodanige categorieën ingedeeld dat in de selectie bij voorkeur: Met uitzondering van de hierna genoemde leergebieden, worden de leraren en schoolleiders in zodanige categorieën ingedeeld dat in het selectieproces ten minste 6 po- en 6 vo-leraren overblijven en 1 po- en 1 vo-schoolleider. Bij een aantal ontwikkelteams – te weten Engels, mens en maatschappij, mens en natuur, burgerschap en digitale geletterdheid – wijkt de grootte van het ontwikkelteam iets af. Voor Engels worden 8 extra leraren toegevoegd (2 po en 6 vo), voor mens en maatschappij worden 2 extra vo-leraren en 2 extra po-leraren per leergebied toegevoegd, voor mens en natuur worden 3 extra vo-leraren (waaronder een vo-leraar aardrijkskunde) en 3 extra po-leraren toegevoegd, voor digitale geletterdheid worden 2 extra po-leraren toegevoegd, evenals voor burgerschap 2 extra po-leraren.
- 1° de verschillende schoolsoorten in Nederland vertegenwoordigd zijn;
- 2° de vo-leraren representatief zijn voor de verschillende vo-vakken van een leergebied;
- 3° variatie is in de ervaring en opleiding die leraren/schoolleiders hebben (startend/reeds lange tijd werkzaam als leraar/schoolleider, variatie in ervaring in curriculumontwikkeling, voor het po: lesgevend in de onderbouw of bovenbouw, voor het vo: eerste of tweedegraadsbevoegdheid);
- 4° variatie is tussen kandidaten op het gebied van de competenties samenwerkingsgericht, resultaatgerichtheid, omgevingssensitiviteit;
- 5° variatie is in de omgeving van vestiging van de school waar de leraar/schoolleider werkzaam is (stedelijk/ruraal); en
- 6° variatie is in de denominatie (openbaar, bijzonder, onderwijsfilosofie) van de school waar de leraar/schoolleider werkzaam is.
- c. Loting. Indien er in totaal meer dan 1.200 kandidaten positief door de toetsingsprocedure zijn gekomen, kan er geloot worden. De coördinatiegroep kan hiertoe beslissen indien het aantal kandidaten per categorie van een leergebied als bedoeld in onderdeel b zodanig is dat de verwachting is dat er in de tweede ronde (kwalitatieve voorselectie) te veel kandidaten zijn van vergelijkbare geschiktheid of dat de belasting van de selectieprocedure onevenredig groot wordt ten opzichte van de gevraagde inspanning van de ontwikkelteams. Indien er wordt geloot, blijven er per categorie acht kandidaten over die naar de tweede ronde gaan. Dit aantal kan voor alle categorieën en leergebieden verhoogd worden, indien dit de redelijke belastbaarheid van het selectieproces niet in de weg staat. Indien er voor een categorie acht of minder kandidaten voor een beschikbare positie zijn, worden zij van de loting uitgesloten. DUS-I organiseert de loting indien de coördinatiegroep daartoe heeft besloten. De loting wordt uitgevoerd door een notaris.
- d. Selectiecriteria. Na een eventuele loting en met zoveel mogelijk inachtneming van de categorieën, bedoeld in punt 6b, wordt een aanmelding in ieder geval beoordeeld op onderstaande criteria: Indien op basis van bovenstaande criteria te veel kandidaten overblijven van vergelijkbare geschiktheid, wordt gekozen voor de kandidaat die het meest bijdraagt aan de diversiteit in het ontwikkelteam. Op www.curriculum.nu wordt een nadere uitwerking van de selectiecriteria bekendgemaakt.
- 1° Motivatie voor het gehele traject en voor een specifiek ontwikkelteam;
- 2° Onderzoekende houding/omgeving. Voor de leraar geldt dat hij een onderzoekende houding en vaardigheden heeft; voor de schoolleider geldt dat hij in de school een omgeving heeft gecreëerd die een onderzoekende houding en vaardigheden van leraren stimuleert;
- 3° Bijdrage van de kandidaat aan curriculumontwikkeling of schoolontwikkeling;
- 4° Samenwerkingsgericht;
- 5° Resultaatgericht;
- 6° Omgevingssensitiviteit binnen en buiten het onderwijsveld;
- 7° Communicatieve vaardigheden (t.b.v. het toelichten van tussenproducten en werkwijzen).
- a. Het bevoegd gezag stelt de betrokken leraar/schoolleider in staat om mee te doen aan de activiteiten van het ontwikkelteam, die tenminste 274 klokuren van de betrokken leraar/schoolleider beslaan en verleent hen hiertoe imperatief verlof.
- b. Het bevoegd gezag vervangt de betrokken leraren/schoolleiders voor tenminste 274 klokuren.
- c. De deelnemer zet zich gedurende de loop van het traject actief in om deel te nemen aan de ontwikkelsessies, de voorbereiding daarop en het actief ophalen van feedback en het geven van presentaties bij landelijke en regionale bijeenkomsten en overige netwerken.
- d. De leraar/schoolleider doet mee in een nog op te zetten begeleidend evaluatie- en monitoringsonderzoek om de ervaringen van leraren en schoolleiders in dit proces in kaart te brengen.
- a. Netwerk van collega-ontwikkelaars. De geselecteerde deelnemers aan de ontwikkelteams vormen met de bijbehorende ontwikkelscholen een netwerk waarin zij gestimuleerd en gefaciliteerd worden om van en met elkaar te leren.
- b. Podium. Naast een digitaal podium zullen de deelnemers de kans krijgen hun tussenproducten te presenteren, uit te wisselen en aan te scherpen tijdens landelijke en regionale bijeenkomsten.
- c. Financiën. De minister bereidt een subsidieregeling voor om de betrokken bevoegde gezagen te compenseren voor het vervangen van leraren en schoolleiders. De subsidieregeling bevat de aanspraken en verplichtingen om voor subsidie in aanmerking te komen; deze subsidieregeling zal voor 18 september 2017 in werking treden.
- a. Dit reglement geldt als beleidsregel voor de afhandeling van de selectieprocedure, in voorbereiding op de daadwerkelijke subsidieverstrekking door de minister.
- b. De geselecteerde leraren, schoolleiders en hun bevoegd gezag kunnen aan dit reglement geen rechten ontlenen voor de subsidieverstrekking. De subsidie wordt verstrekt op grond van de Subsidieregeling curriculumontwikkeling leraren en schoolleiders po en vo. Deze reglementen geven de kaders aan.
- c. Dit reglement vervalt indien de Subsidieregeling curriculumontwikkeling leraren en schoolleiders po en vo niet in werking treedt. In dat geval zijn de geselecteerden niet gehouden aan de verplichtingen in dit reglement. Tevens komen de bevoegde gezagen van de geselecteerden in dat geval niet in aanmerking voor subsidie voor ontwikkeltijd.