Art. 155 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen), Algemene bepalingen van bewijsrecht
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen)
1. De rechter ten overstaan van wie in een zaak bewijs is bijgebracht, zal daarin zoveel als mogelijk het eindvonnis wijzen of medewijzen.
2. Van een afwijking van deze regel en de oorzaak daarvan wordt in het vonnis melding gemaakt. Tegen de afwijking staat geen voorziening open.