Bijlage 1 Beleid OM Raadsman bij verhoor
Beleid OM Raadsman bij verhoor
Gelet op het hiervoor beschreven beleid geldt ten aanzien van de Aanwijzing rechtsbijstand politieverhoor (2010A007) Stcrt. 2010, 4003, per 1 maart 2016 het volgende.
- • In de samenvatting vervalt de derde alinea.
- • De paragraaf ‘Achtergrond’ vervalt.
- • In de paragraaf ‘De komst van de raadsman’ vervalt in de zesde alinea de laatste zin: ‘(tenzij door de officier van justitie in voorkomend geval anders beslist)’.
- • In de paragrafen ‘consultatiebijstand voor meerderjarige en minderjarige verdachten’ tot en met ‘Aanvullende opmerkingen per categorie’ worden de daarin opgenomen passages over consultatiebijstand als volgt gelezen:
- a) na ommekomst van de in deze passages meermalen genoemde termijn van twee uur kan slechts buiten aanwezigheid van een raadsman met het verhoor worden aangevangen wanneer de verdachte – in gevallen waarin dat volgens deze passages is toegestaan – alsnog afstand doet van zijn recht op consultatiebijstand;
- b) Onder ‘noodgevallen’, waarin volgens deze passages ook zonder dat de verdachte consultatiebijstand heeft gehad met het verhoor kan worden aangevangen, worden de gronden voor een dringende noodzaak verstaan zoals die in deze publicatie zijn omschreven;
- • In de paragraaf ‘De gang van zaken als raadsman of vertrouwenspersoon bij het verhoor aanwezig is’ vervalt de eerste alinea. De gang van zaken als de raadsman aanwezig is, wordt in bijlage 2 omschreven. De passages in deze paragraaf die betrekking hebben op de vertrouwenspersoon blijven van kracht
- • De paragraaf ‘Noodgevallen’ vervalt. In plaats daarvan geldt dat onder ‘noodgevallen wordt verstaan de dwingende redenen zoals hiervoor in deze publicatie beschreven.