Art. 12 Regeling Financieel Mandaat RDW
Regeling Financieel Mandaat RDW
a. Aan de Directie blijven voorbehouden:
– het kwijtschelden van vorderingen;
– het aangaan van nationale en internationale samenwerkingsverbanden;
– het aangaan van verplichtingen in het kader van dienstverlening voor derden, met dien verstande dat deze verplichtingen ook mogen worden aangegaan door de in de artikelen 8, 9 en 10 van deze regeling genoemde functionarissen, voor zover ze de in deze artikelen bedoelde geldelijke belangen niet te boven gaan;
– de aanschaf van onroerende zaken en het vervreemden van roerende en onroerende zaken.
b. Aan de Directie en de in artikel 1a genoemde functionarissen blijven voorbehouden:
– aangelegenheden met een geldelijk belang waarvan de financiële gevolgen de periode van drie jaar overschrijden.