Bijlage B Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2017: behorende bij artikel 3.3 van de Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2017 (formulier en handleiding herziene RMC-effectrapportage)
Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2017
Jaarlijks leveren RMC-regio’s informatie aan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) in de vorm van de RMC-effectrapportage. Begin 2016 is besloten om het format van de RMC-effectrapportage aan te passen en om deze met ingang van het schooljaar 2017-2018 in gebruik te nemen. Het nieuwe format sluit aan bij de uitbreiding van de RMC-functie, is herkenbaar voor RMC-regio’s en levert waardevolle informatie op, voor zowel het ministerie als de regio’s zelf, die helpt om beleid te evalueren en waar nodig aan te passen. De Regionale VSV-Effectrapportage (voorheen: de RMC-effectrapportage) geeft invulling aan een wettelijke verplichting van RMC tot een jaarlijkse beleidsinhoudelijke verantwoording van de RMC-functie, als coördinator van de regionale vsv-vervolgaanpak1Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2017. De Regionale VSV-effectrapportage vloeit voort uit de taken zoals vermeld in de Wet houdende regels inzake de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie Voortijdige Schoolverlaten (Staatsblad 2001-636) en de Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten (vsv) 2017 en de daarin beschreven taken en verantwoordelijkheden van alle betrokken partijen in de regio. In het kader van de (voortzetting van de) vsv-aanpak wordt meer verantwoordelijkheid en ruimte voor eigen invulling bij de regionale partijen neergelegd en bijzondere aandacht voor jongeren in een kwetsbare positie gevraagd. Nu de focus ook ligt op de groep jongeren in een kwetsbare positie is er verbreding van de samenwerking nodig, onder andere met scholen voor praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs (hierna pro en vso). Daarnaast wordt ook meer aandacht gevraagd voor de al bestaande taak van de begeleiding van oud vsv’ers. Ook hierdoor komt de samenwerking met betrokken partijen ten aanzien van de arbeidsmarkt steeds meer in beeld. Zoals de naam al aangeeft, is de Regionale VSV-Effectrapportage een regionale rapportage die, zowel de regio’s zelf als OCW, inzicht geef
- 1. het voortgezet speciaal onderwijs, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wet op de expertisecentra, met uitzondering van leerlingen met het uitstroomprofiel dagbesteding;
- 2. het praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 5, onder d, van de Wet op het voortgezet onderwijs;
- 3. de basisberoepsgerichte leerweg van het vmbo, bedoeld in artikel 10b, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs;
- 4. het leerwerktraject van het vmbo, bedoeld in artikel 10b1 van de Wet op het voortgezet onderwijs,
- 5. de entreeopleiding; of
- 6. jongere die niet vanuit één van de onderwijssoorten, genoemd onder 1. tot en met 5. instroomt in een entreeopleiding.
- 1) onderzoek heeft gedaan naar een melding (er is ook sprake van onderzoek wanneer dit is gedelegeerd aan andere partijen. Gesprekken of bezoeken aan het huisadres zonder de jongere thuis te treffen en administratieve handelingen als het versturen van brieven met het verzoek om contact, tellen ook mee.), en/of;
- 2) advies heeft gegeven aan een jongere of vsv’er, en/of;
- 3) begeleiding heeft gegeven aan een jongere of vsv’er, en/of;
- 4) een jongere of vsv’er heeft doorverwezen naar werk.
- • Curatieve taakuitvoering De curatieve taakuitvoering richt zich op jongeren die op 1 oktober van een jaar t door DUO zijn aangemerkt als zogenaamde nieuwe vsv’er én op jongeren die al langer dan een jaar geleden als vsv’er aangemerkt waren. Dus al op t-1 of eerder. Deze jongeren zijn ook wel bekend als zogenaamde oude vsv’ers. In relatie tot het verslag in de effectrapportage betreft curatieve taakuitvoering de taakuitvoering rondom jongeren die aan het begin van het verslagjaar aangemerkt waren als oude en nieuwe vsv’er).
- • Preventieve taakuitvoering De preventieve taakuitvoering richt zich erop om te voorkomen dat leerlingen aan het einde van het verslagjaar als nieuwe vsv’er aangemerkt worden. De preventieve taak is er dus op gericht leerlingen binnen de school te houden (voorkomen dat zij zich uitschrijven zonder sk) én richt zich erop om leerlingen die zich uitgeschreven hebben gedurende het schooljaar weer terug ingeschreven te krijgen, vóór 1 oktober. In relatie tot het verslag in de effectrapportage betekent dit: Preventieve taakuitvoering rondom jongeren (van 16 tot 23 zonder startkwalificatie) die aan het begin van het verslagjaar zijn ingeschreven, maar:
- ○ gedurende het verslagjaar zijn uitgeschreven en binnen het verslagjaar (voor 1 okt) zijn teruggeleid naar onderwijs;
- ○ waarvan is voorkomen dat zij zijn uitgeschreven. (voor 1 okt)
- ○ die ondanks begeleiding aan het einde van het verslagjaar zijn uitgeschreven.
- • Heeft u, naast de maatregelen in uw Regionale Programma, nog meer maatregelen getroffen/acties ondernomen of aangepast? Zo ja, welke?
- • Per maatregel (zowel de maatregelen uit uw Regionale Programma als extra of aangepaste maatregelen omschreven bij 1.) beantwoordt u de volgende vragen:
- 1. Resultaten preventieve taakuitvoering: Kunt u op basis van de meest recente maandrapportages aangeven in hoeverre de genomen maatregelen in het verslagjaar vsv hebben voorkomen? Betrek in uw antwoord de resultaten uit deze rapportage. [max. 500 woorden per maatregel]
- 2. Curatieve taakuitvoering: Kunt u aangeven in hoeverre de genomen maatregelen in het verslagjaar ervoor hebben gezorgd dat uitgevallen jongeren naar onderwijs of werk zijn begeleid? Betrek in uw antwoord de resultaten uit deze rapportage. [max. 500 woorden per maatregel]
- 3. Zijn de maatregelen conform de voornemens in uw Regionaal Programma Voortijdig Schoolverlaten uitgevoerd? Zo nee, waarom is er afgeweken? [max. 500 woorden per maatregel]
- 4. Ondanks de genomen maatregelen kan het zo zijn dat sommige jongeren niet succesvol op school worden gehouden, of niet succesvol terug worden geleid naar onderwijs of werk. Kunt u aangeven hoe het volgens u komt dat het niet lukt om deze jongeren succesvol te begeleiden? Wat is er voor nodig om dit te verbeteren? [max. 500 woorden per maatregel]
- 5. Wat zijn de succesfactoren van de maatregelen uit uw Regionale Programma en eventuele aanvullende maatregelen? [max. 500 woorden per maatregel]
- 1. Zijn er afspraken over samenwerking opgenomen in uw Regionale Programma of in een samenwerkingsovereenkomst of ander document?
- 2. Zo ja, verloopt de samenwerking zoals voorgenomen? 4Zie ook het format voor de aanvraag van subsidie ten behoeve van de regionale aanpak van voortijdig schoolverlaten en voor jongeren in een kwetsbare positie (Bijlage A behorende bij artikel 2.6 van de regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2017).
- 3. Zo nee, kunt u aangeven welke samenwerking niet tot stand is gekomen zoals voorgenomen?
- 4. Kunt u aangeven waarom deze samenwerking niet op de voorgenomen manier tot stand is gekomen?
- 5. Optioneel: Kunt u aangeven wat de positieve ervaringen zijn met de samenwerking binnen uw regio? Kunt u een good practice noemen binnen uw regio, waar andere regio’s van kunnen leren?
- 1. Hoe kijkt u terug op de resultaten van de laatste jaren wat betreft de ontwikkeling van de voorlopige vsv-cijfers in uw regio? [open vraag, max 200 woorden]
- 2. Hoe kijkt u terug op de resultaten van de laatste jaren wat betreft ontwikkelingen in uw regio rondom jongeren die al uitgevallen zijn? [open vraag, max 200 woorden]