Art. 13.1 Netcode elektriciteit, Uitwisseling van structurele gegevens

Netcode elektriciteit

1. Een aangeslotene die beschikt over een elektriciteitsproductie-eenheid aangesloten op het landelijk hoogspanningsnet, verstrekt de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet de structurele gegevens van die elektriciteitsproductie-eenheid, te weten:

a. de datum van inbedrijfname;

b. het spanningsniveau van het overdrachtspunt van de aansluiting, waarachter de elektriciteitsproductie-eenheid zich bevindt;

c. de primaire energiebron;

d. de maximumcapaciteit;

e. het minimale en maximale af te geven werkzaam vermogen en blindvermogen;

f. welk type spanningsregeling, als bedoeld in artikel 3.26, zesde lid, van toepassing is alsmede de plaats in het net waarop de regeling werkzaam is;

g. de regelcapaciteit voor spanning en blindvermogen;

h. de belasting ten behoeve van het eigen bedrijf;

i. de gegevens en modellen van elke opwekkingseenheid die deel uitmaakt van de elektriciteitsproductie-eenheid, die nodig zijn voor het uitvoeren van een dynamische simulatie, te weten:

1°. de tijd voor een koude en een warme start;

2°. het type opwekkingseenheid, te weten synchroon, asynchroon, omvormer-gekoppeld of, in geval van een windturbine, of sprake is van een dubbelgevoede inductiemachine of direct drive;

3°. het nominale vermogen;

4°. in geval van een elektriciteitsproductie-eenheid bestaande uit meerdere zonnepanelen: in plaats van het in subonderdeel 3° genoemde nominale vermogen per opwekkingseenheid het totale vermogen van alle zonnepanelen van de elektriciteitsproductie-installatie en het totale vermogen van de omvormers van de elektriciteitsproductie-installatie;

5°. de nominale spanning van de opwekkingseenheid;

6°. de nominale arbeidsfactor;

7°. de transiënte impedantie(s) en bijbehorende tijdconstante(n);

8°. de subtransiënte impedantie(s) en bijbehorende tijdconstante(n);

9°. de statorstrooi-impedantie(s);

10°. in geval van een synchrone opwekkingseenheid de synchrone (langs- en dwars-) impedantie;

11°. in geval van een synchrone opwekkingseenheid het regelbereik en de tijdconstanten van het bekrachtigingscircuit;

12°. het traagheidsmoment (inclusief dat van de aandrijvende machine);

13°. de overdrachtsfunctie en de instelparameters van de automatische spanningsregeling;

14°. de overdrachtsfunctie en de instelparameters van de turbineregeling;

j. de gegevens ten behoeve van kortsluitberekening, te weten:

1°. de kortsluitbijdrage van de elektriciteitsproductie-eenheid;

2°. in geval van een asynchrone of omvormer-gekoppelde opwekkingseenheid de verhouding kortsluitstroom / nominale stroom;

k. de transformatorgegevens voor de elektriciteitsproductie-installatie waar de elektriciteitsproductie-eenheid deel van uitmaakt, te weten:

1°. het nominale schijnbare vermogen;

2°. de nominale spanning aan de primaire zijde;

3°. de nominale spanning aan de secundaire zijde;

4°. de nominale kortsluitspanning;

5°. de nominale koper- of kortsluitverliezen;

6°. de nominale ijzer- of nullastverliezen;

7°. de schakelgroep van de wikkelingen;

8°. de sterpuntsbehandeling, te weten zwevend, hard geaard, geaard via impedantie;

9°. indien van toepassing de gegevens aangaande de regelschakelaar, te weten de hoogste trap, de laagste trap, de stapgrootte, de regelbaarheid, namelijk continu regelbaar (online) of spanningsloos instelbaar (offline);

l. indien de elektriciteitsproductie-eenheid een bijdrage levert aan de FCR: de FCR-gegevens;

m. indien de elektriciteitsproductie-eenheid een bijdrage levert aan de FRR: de FRR-gegevens;

n. de voor het herstel van het landelijk hoogspanningsnet benodigde gegevens, te weten:

1°. de stap-belastbaarheid;

2°. de regelsnelheid;

3°. of de elektriciteitsproductie-eenheid inschakelbaar is op een dode rail;

4°. het een-fase schema van de elektrische installatie;

5°. of de machinetransformator voorzien is van een point on wave schakelaar;

o. de gegevens van de beveiligingsapparaten en -instellingen.

2. De structurele gegevens als bedoeld in het eerste lid, worden verstrekt onder vermelding van:

a. de EAN-code van de aansluiting, als bedoeld in artikel 2.1.1 van de Informatiecode elektriciteit en gas, waarachter de elektriciteitsproductie-eenheid zich bevindt;

b. de EAN-code van het overdrachtspunt waarachter de elektriciteitsproductie-eenheid zich bevindt, indien het een aansluiting betreft die meer dan één overdrachtspunt heeft, als bedoeld in artikel 2.4, zevende lid;

c. de EAN-code van de elektriciteitsproductie-eenheid, als bedoeld in artikel 2.4, negende lid.