Art. 13 Wet kinderbijslagvoorziening BES, Herziening of intrekking beschikking
Wet kinderbijslagvoorziening BES
1. Onze Minister kan een beschikking tot toekenning van kinderbijslag BES als bedoeld in artikel 5 en, indien van toepassing, artikel 5a, eerste lid, herzien dan wel intrekken indien:
a. het niet of niet behoorlijk nakomen van een verplichting op grond van artikel 14 of 15 heeft geleid tot het ten onrechte toekennen van kinderbijslag BES;
b. ten onrechte kinderbijslag BES is toegekend;
c. het niet of niet behoorlijk nakomen van een verplichting op grond van artikel 14 of 15 ertoe leidt dat niet kan worden vastgesteld of nog recht op kinderbijslag BES bestaat;
d. de rechthebbende of diens kind waarvoor kinderbijslag BES wordt ontvangen, een uitreiziger is.
2. Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan Onze Minister geheel of gedeeltelijk van herziening of intrekking afzien.