Art. 25b Wet windenergie op zee, Procedure van een vergelijkende toets met financieel bod
1. Onze Minister verleent de vergunning aan de aanvrager van wie de aanvraag het hoogst is gerangschikt.
2. Onze Minister betrekt bij de rangschikking in ieder geval:
a. de hoogte van het financiële bod;
b. de zekerheid van realisatie van het windpark;
c. de bijdrage van het windpark aan de energievoorziening.
3. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld aan de criteria, bedoeld in het tweede lid, en kunnen aanvullende criteria worden vastgesteld die bij de rangschikking worden betrokken.
4. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de onderlinge weging van de rangschikkingscriteria.