Bijlage D Subsidieregeling AMIF en ISF 2014–2020: behorende bij artikel 4, onderdeel d
Subsidieregeling AMIF en ISF 2014–2020
Specifieke bepalingen met betrekking tot subsidieaanvragen voor actie D als bedoeld in artikel 4, onderdeel d: financieel rechercheren. De subsidie wordt aangevraagd door het landelijk politiekorps, bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de Politiewet 2012, het directoraat-generaal Rechtshandhaving en Rechtspleging of het directoraat-generaal Politie van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Subsidieaanvragen met betrekking tot een project in het kader van deze bijlage worden door de minister ontvangen in het aanvraagtijdvak van 12 mei 2015, 09.00 uur, tot en met 31 december 2020, 17.00 uur. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel D2, bedraagt € 10.787.074. Projecten zijn uitsluitend gericht op activiteiten die zien op: In afwijking van artikel 11, eerste lid, bedraagt de subsidie maximaal 90% van de subsidiabele kosten, doch ten hoogste het in de beschikking tot subsidieverlening vermelde maximumbedrag.
- a. het ontwikkelen, implementeren en operationaliseren van een verwijzingsportaal bankrekeningen, met als doel:
- 1°. een tijdige, volledige en effectieve opsporing van identificerende bankgegevens van een verdachte;
- 2°. de levering van historische gegevens door commerciële banken in een direct bruikbare digitale vorm voor de opsporing;
- 3°. de ontwikkeling, implementatie en operationalisering van een analyse-instrument voor een snellere, slimmere en meer efficiënte verwerking en analyse van financiële opsporingsgegevens, door middel van een ICT-voorziening.
- b. de ondersteuning van het EU-voorzitterschap van Nederland in 2016, of
- c. de ontwikkeling van financieel rechercheren of op de operationele toepassing ervan;
- d. de ontwikkeling, implementatie en operationalisering van een UBO-register.
- 1. Een project komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking indien:
- a. het project tot maximaal 31 december 2021 duurt, met uitzondering van een project dat ziet op artikel D4, onderdelen c en d, dat tot maximaal 30 juni 2022 duurt;
- b. de minimale omvang van de subsidiabele kosten € 400.000 bedraagt, met uitzondering van een project dat is gericht op de activiteiten, bedoeld in artikel D4, onderdeel b en c.
- 2. In plaats van de datum van ontvangst van de volledige aanvraag kan door de minister in de beschikking tot subsidieverlening een andere startdatum van het project worden vermeld.