Bijlage 1A Regeling beoordelingsnormen staatsexamen NT2 2015: bij de Regeling beoordelingsnormen staatsexamen NT2 20156 van 9 februari 2015, nummer CvTE-15.00623

Regeling beoordelingsnormen staatsexamen NT2 2015

Het examenonderdeel Schrijven I bestaat uit twee opgavensets. Beide delen worden op de computer aangeboden. Elke set bevat verschillende schrijfopdrachten. De opgaven bevatten meestal een beschrijving van een situatie en een schrijftaak. Soms is ook een tekening van de situatie toegevoegd; soms wordt een context beschreven en soms wordt een aan te vullen tekst gepresenteerd die moet worden afgemaakt. De examenduur is voor beide onderdelen 60 minuten, tenzij anders aangegeven bij het examen. De gegeven situaties en taken passen qua inhoud (werk, opleiding en algemeen maatschappelijke situaties) en qua moeilijkheidsgraad bij de beoogde doelsituatie van programma I. Zie ook het examenprogramma. De examens worden afgenomen met een computer die gebruik maakt van een qwerty-toetsenbord. Kandidaten kunnen geen computergestuurde spellingscontrole hanteren. Kandidaten kunnen maximaal drie – uitsluitend papieren – woordenboeken gebruiken. Opgavenset Deel 1; Opgavenset Deel 2; Het schrijven van een korte tekst (3 examenopgaven) De zinnen en geschreven teksten worden op meerdere aspecten beoordeeld: adequaatheid/begrijpelijkheid, samenhang, woordgebruik, grammaticale correctheid en spelling. Niet alle opdrachten worden op alle aspecten beoordeeld. Bij wijze van illustratie is hieronder een voorbeeld van het te behalen aantal punten bij een examen weergegeven. - Het aantal te behalen punten bij de inhoudsaspecten: 36 - Verdeling over de beoordelingsaspecten: Adequaatheid/begrijpelijkheid 27 Samenhang 4 Woordgebruik 5 - Het aantal te behalen punten bij de vormaspecten: 27 - Verdeling over de beoordelingsaspecten: Grammaticale correctheid 22 Spelling 5 In dit voorbeeld is dus de maximumscore: 63 punten Totaal aantal opdrachten: 16 Voor het examen Schrijven kan de kandidaat per opdracht meerdere punten behalen. Voor elke zinsopdracht kan de kandidaat maximaal 2 punten behalen. Voor de deelschrijftaken varieert het maximum aantal punten: voor de ‘briefaanvultaak’ kan de kandidaat ma