Art. 5 Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport 2015, Mandaat van aan de inspecteur-generaal geattribueerde bevoegdheden

Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport 2015

1. Aan de volgende functionarissen worden de aan de inspecteur-generaal bij of krachtens de Wet luchtvaart geattribueerde bevoegdheden, die behoren bij hun taken, in mandaat verleend:

a. de directeur en afdelingshoofden van het domein ILT/Luchtvaart;

b. de inspecteurs ILT van het domein ILT/Luchtvaart;

c. de daartoe door de inspecteur-generaal aangewezen functionarissen van de afdeling Juridische Zaken.

2. De aan de inspecteur-generaal op grond van artikel 4.2 van het Besluit OM-afdoening toegekende strafbeschikkingsbevoegdheid wordt in mandaat verleend aan:

a. het hoofd van de afdeling Vergunningen, Binnenvaart en Bestuurlijke Boete;

b. de inspecteur ILT belast met de coördinatie van de buitengewoon opsporingsambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport;

c. de inspecteur ILT belast met de coördinatie van de algemeen opsporingsambtenaren van de ILT/Inlichtingen- en Opsporingsdienst.