Art. 2.1 Verordening op de advocatuur, Leden raad van advies

Verordening op de advocatuur

1. De leden van de raad van advies hebben daarin zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie zonder last of ruggespraak uit.

2. Benoeming vindt plaats op grond van deskundigheid en ervaring die nodig is voor een goede vervulling van de taak van de raad van advies.