Bijlage 6 Regeling hernieuwbare energie vervoer 2015: bij artikel 4.3, derde lid
Regeling hernieuwbare energie vervoer 2015
De inboekverificateur levert ten behoeve van de inboekverificatie een onafhankelijk oordeel dat gericht is op het verschaffen van een voldoende mate van zekerheid met betrekking tot de juistheid van de data en informatie over de aard, herkomst en hoeveelheid van de ingeboekte biobrandstof, de mogelijke dubbeltelling hiervan en de bijbehorende duurzaamheidskenmerken en de juistheid van de data en informatie over de aard, herkomst en hoeveelheid van de ingeboekte biobrandstof die de heeft vermeld in het register. De inboekverificatie vindt plaats op basis van een verificatieplan dat de materialiteitsgrens, genoemd in artikel 4.7 van het besluit, hanteert met betrekking tot het ontdekken van kwantitatieve en kwalitatieve afwijkingen die van materieel belang zijn. De inboekverificateur maakt gebruik van de standaard auditingprocessen zoals document review, interviews, observaties en het toetsen van data en informatie van externe informatiebronnen. Het doel is om voldoende relevante bewijzen te verzamelen en te documenteren om tot een verificatieverklaring te kunnen komen. Van belang zijn twee elementen. Ten eerste de systeemverificatie ofwel de beoordeling van de administratieve organisatie. Hierbij zijn van belang: Ten tweede de dataverificatie die bestaat uit kritische deelwaarnemingen van de gerapporteerde gegevens op basis van het verificatieplan om te komen tot een voldoende mate van zekerheid van de hoeveelheden ingeboekte hernieuwbare energie en voor de juiste overname van de duurzaamheidkenmerken en milieukenmerken in het register. De inboekverificateur levert ten behoeve van de inboekverificatie een onafhankelijk oordeel dat gericht is op het verschaffen van een voldoende mate van zekerheid met betrekking tot de juistheid van de data en informatie over de hoeveelheid van de ingeboekte elektriciteit die de inboeker heeft vermeld in het register voor. De inboek verificatie vindt plaats op basis van een verificatieplan dat de materialiteitsgrens genoemd in artikel
- • controle van de massabalans (per kwartaal, of de periode die wordt gehanteerd in het duurzaamheidsysteem), aansluiting bij voorraadadministratie en financiële en mogelijk accijnsadministratie; toetsing op verschillen;
- • de wijze waarop de vloeibare brandstoffen evenredig worden verdeeld na menging en splitsing.
- • beoordeling van procedures met betrekking tot de voorraadopname (inventarisatie).
- • controle van de interne beheersmaatregelen en/of systemen van de inboeker.
- • de wijze waarop de inboeker voorkomt dat ingeboekte hernieuwbare energie niet als duurzaam of hernieuwbaar geproduceerd, wordt verkocht;
- • het systeem voor het overnemen van de juiste duurzaamheidskenmerken van de biobrandstoffen of milieukenmerken bij hernieuwbaar brandstof;
- • de kalibratie en onderhoud van relevante meters en het juist omrekenen van factoren bij verschillende eenheden (indien van toepassing);
- • de wijze waarop dubbeltellende biobrandstoffen zijn gedocumenteerd, en van verklaringen en duurzaamheidsbewijzen zijn voorzien;
- • de wijze waarop hernieuwbare brandstof is gedocumenteerd, en van verificatieverklaringen hernieuwbare brandstof is voorzien. De hernieuwbare brandstof mag niet doorgeleverd zijn, maar moet direct van de producent afkomstig zijn;
- • de wijze waarop de gegevens vanuit de massabalans of de voorraadadministratie in het register worden ingevoerd.
- 1. Met betrekking tot de totstandkoming van de inboekingverificatieverklaring is inboekverificateur bekend met de administratieve processen van de inboeker en de relevante fysieke situaties op de locaties die onder het duurzaamheidssysteem zijn gecertificeerd.
- • De onafhankelijke instelling bezoekt daarom de locaties die onder het duurzaamheidssysteem vallen ten minste eenmaal tijdens het initieel onderzoek.
- • De onafhankelijke instelling bezoekt daarom de locaties die onder het duurzaamheidssysteem vallen in ieder jaar waarin verklaringen worden uitgegeven als op die locaties een substantiële verandering is doorgevoerd. Dit op basis van een risico-analyse die de onafhankelijke instelling maakt.
- • De onafhankelijke instelling bezoekt daarom in ieder geval de hoofdlocatie waar de administratieve processen worden gedocumenteerd.
- • De onafhankelijke instelling bezoekt daarom in ieder geval de locatie van waaruit de hernieuwbaar brandstof wordt ingeboekt tijdens het initieel onderzoek en daarna jaarlijks zolang van deze locatie hernieuwbaar brandstof wordt geleverd aan de markt voor vervoer.
- 2. Met betrekking tot de aard van de hernieuwbare energie wordt de energie-inhoud vermeld overeenkomstig artikel 1.2.
- 3. Met betrekking tot de hoeveelheid hernieuwbare energie heeft de inboekverificatieverklaring betrekking op:
- • een hoeveelheid hernieuwbare energie die in het betreffende kalenderjaar is geleverd aan de Nederlandse markt voor vervoer;
- • op een hoeveelheid hernieuwbare energie die op grond van artikel 9.7.4.1 van de wet door een inboeker is ingeboekt in het register.
- 4. De inboekverificatieverklaring geeft een risicoanalyse die is gebaseerd op een onderzoek dat ten minste de volgende onderdelen omvat:
- • check of het certificaat van het duurzaamheidssysteem toereikend is voor alle locaties van de AGP van waar uit geleverd wordt;
- • controle van de massabalans (per kwartaal) versus voorraadadministratie en financiële en mogelijk accijnsadministratie;
- • controle van de wijze waarop de vloeibare brandstoffen evenredig worden verdeeld na menging en splitsing;
- • controle van eerdere verklaringen afgegeven door een verificateur hernieuwbare brandstof of dubbeltellingverificateur;
- • controle van de wijze waarop de inboeker voorkomt dat ingeboekte hernieuwbare energie als duurzaam wordt verkocht;
- • beoordeling van de administratieve organisatie en de interne controle;
- • interviews met betrokken werknemers bij de rapportage van hernieuwbare energie;
- • locatiebezoeken.
- 5. Een inboekverificatieverklaring vermeldt:
- • de kenmerken van de opdrachtgever inclusief het rekeningnummer in het register van de opdrachtgever;
- • de kenmerken van de hoeveelheid ingeboekte hernieuwbare energie inclusief rekeningnummer van de inboeker in het register;
- • een beschrijving van de uitgevoerde werkzaamheden (inclusief bezochte locaties);
- • dat een voldoende mate van zekerheid is verkregen dat de hoeveelheid ingeboekte hernieuwbare energie in het register in de juiste eenheden, opgedeeld in soorten zoals gegeven in bijlage III bij de richtlijn hernieuwbare energie, en opgesplitst in enkel- en dubbeltellend geen onjuistheden van materieel belang bevat;
- • dat een redelijke mate van zekerheid is verkregen dat de duurzaamheidskenmerken behorende bij de hernieuwbare energie juist zijn overgenomen;
- • dat een beperkte mate van zekerheid is verkregen dat uit de massabalansen volgt dat de ingeboekte hernieuwbare energie niet opnieuw als duurzaam is verkocht;
- • een totaal oordeel waaruit blijkt of met voldoende mate van zekerheid de juistheid van de data en informatie over de aard, herkomst en hoeveelheid van de ingeboekte biobrandstoffen, de mogelijke dubbeltelling hiervan en de bijbehorende duurzaamheidskenmerken van de betreffende partij ingeboekte hernieuwbare energie kan worden vastgesteld;
- • een aanduiding van de inboekingen waarvoor de verklaring niet geldt.
- 6. Een inboekverificatie wordt afgerond door het verstrekken van een inboekverificatieverklaring en het plaatsen van een aantekening in het register door de inboekverificateur voor de inboekingen, met uitzondering van die inboekingen waarvoor de inboekverificatieverklaring niet geldt.
- 7. Zowel de inboeker als de inboekverificateur houden een deugdelijke administratie bij van de inboekverificatie en het inboekverificatieproces.
- • controle van het systeem van inzamelen van de standen van de telwerken van de aan de elektriciteitsaansluiting gekopppelde bemeterde leverpunten;
- • de wijze waarop afrekening met de leverancier van elektriciteit plaatsvindt en de borging dat de hoeveelheid geleverd aan wegvoertuigen in Nederland niet meer is dan de in dezelfde periode ingekochte hoeveelheid elektriciteit;
- • de wijze waarop is geborgd dat geen andere leveringen dan aan wegvoertuigen in Nederland worden meegeteld;
- • controle van de interne beheersmaatregelen of -systemen van de inboeker;
- • de kalibratie en onderhoud van relevante meters en het juist omrekenen van factoren bij verschillende eenheden (indien van toepassing);
- • de wijze waarop de gegevens vanuit de administratie in het register worden vermeld.
- 1. Met betrekking tot de totstandkoming van de inboekingverificatieverklaring is de inboekverificateur bekend met de administratieve processen van de inboeker. De inboekverificateur bezoekt daarom in ieder geval de hoofdlocatie waar de administratieve processen worden gedocumenteerd.
- 2. Met betrekking tot de aard van de elektriciteit wordt de energie-inhoud vermeld overeenkomstig artikel 1.2.
- 3. Met betrekking tot de hoeveelheid elektriciteit heeft de verificatieverklaring betrekking op:
- • een hoeveelheid elektriciteit in kWh die in het betreffende kalenderjaar is geleverd aan wegvoertuigen in Nederland;
- • op een hoeveelheid elektriciteit in kWh die op grond van artikel 9.7.4.1 van de wet is ingeboekt in het register.
- 4. De inboekverificatieverklaring geeft een risicoanalyse die is gebaseerd op een onderzoek dat ten minste de volgende onderdelen omvat:
- • controle van de in- en verkoopadministratie en financiële administratie;
- • beoordeling van de administratieve organisatie en de interne controle;
- • interviews met betrokken werknemers bij de rapportage van hernieuwbare energie.
- 5. Een inboekverificatieverklaring vermeldt:
- • de kenmerken van de opdrachtgever inclusief het rekeningnummer in het register van de opdrachtgever;
- • de kenmerken van de hoeveelheid ingeboekte elektriciteit inclusief rekeningnummer van de inboeker in het register;
- • een beschrijving van de uitgevoerde werkzaamheden (inclusief geraadpleegde registers zoals EDSN en CIR);
- • dat een voldoende mate van zekerheid is verkregen dat de hoeveelheid ingeboekte elektriciteit in het register in de juiste eenheden en periodes, geen onjuistheden van materieel belang bevat;
- • een totaal oordeel waaruit blijkt of met voldoende mate van zekerheid de juistheid van de data en informatie over de aard, herkomst en hoeveelheid van de ingeboekte elektriciteit kan worden vastgesteld.
- • en aanduiding van de inboekingen waarvoor de verklaring niet geldt.
- 6. Een inboekverificatie wordt afgerond door het verstrekken van een inboekverificatieverklaring en het plaatsen van een aantekening in het register door de inboekverificateur voor de inboekingen, met uitzondering van die inboekingen waarvoor de inboekverificatieverklaring niet geldt.
- 7. Zowel de inboeker als de inboekverificateur houden een deugdelijke administratie bij van de inboekverificatie en het inboekverificatieproces.
- • beoordeling van procedures met betrekking tot de meteropname (inventarisatie), met name rondom de metingen rond de jaarwisseling;
- • controle van de interne beheersmaatregelen of -systemen van de inboeker.
- • het systeem voor het overnemen van de juiste duurzaamheidskenmerken van de garanties van oorsprong;
- • de kalibratie en onderhoud van relevante meters en het juist omrekenen van factoren bij verschillende eenheden (indien van toepassing);
- • de wijze waarop dubbeltellende biobrandstoffen zijn gedocumenteerd, en van de juiste verklaringen en duurzaamheidsbewijzen zijn voorzien.
- 1. Met betrekking tot de totstandkoming van de inboekingverificatieverklaring is de inboekverificateur bekend met de administratieve processen van de inboeker en de relevante fysieke situaties op de locaties die onder het duurzaamheidssysteem zijn gecertificeerd. De inboekverificateur bezoekt daarom:
- • de locaties vanwaar gasvormige biobrandstof geleverd wordt aan het wegvoertuigen in Nederland ten minste eenmaal tijdens het initieel onderzoek.
- • de locaties vanwaar gasvormige biobrandstof geleverd wordt aan wegvoertuigen in ieder jaar waarin verklaringen worden uitgegeven als op die locaties een substantiële verandering is doorgevoerd. Dit op basis van een risico-analyse die de inboekverificateur maakt.
- • in ieder geval de hoofdlocatie waar de administratieve processen worden gedocumenteerd.
- 2. Met betrekking tot de aard van de gasvormige biobrandstof wordt de energie-inhoud vermeld overeenkomstig artikel 1.2
- 3. Met betrekking tot de hoeveelheid gasvormge biobrandstof heeft de inboekverificatieverklaring betrekking op:
- • een hoeveelheid gasvormige biobrandstof die in het betreffende kalenderjaar is geleverd aan wegverkeer in Nederland;
- • op een hoeveelheid gasvormige biobrandstof die op grond van artikel 9.7.4.1 van de wet is ingeboekt in het register.
- 4. De inboekverificatieverklaring geeft een risicoanalyse die is gebaseerd op een onderzoek dat ten minste de volgende onderdelen omvat:
- • check of de garanties van oorsprong op moment van leveren zoals vermeld bij de inboeking in het register, nog de status ‘actief’ bezitten en op de rekening van de NEa zijn bijgeboekt;
- • controle van de afleveradministratie, de inkoopadministratie en de financiële administratie;
- • controle van eerdere verklaringen afgegeven door een dubbeltellingverificateur of verificateur hernieuwbare brandstof;
- • beoordeling van de administratieve organisatie en de interne controle;
- • interviews met betrokken werknemers bij de rapportage van hernieuwbare energie;
- • locatiebezoeken, waarbij met name de primaire gasmeters en de aflevermeters worden gecontroleerd.
- 5. Een inboekverificatieverklaring vermeldt:
- • de kenmerken van de opdrachtgever inclusief het rekeningnummer in het register van de opdrachtgever;
- • de kenmerken van de ingeboekte hoeveelheid gasvormige biobrandstof inclusief rekeningnummer in het register van de inboeker;
- • een beschrijving van de uitgevoerde werkzaamheden (inclusief bezochte locaties);
- • dat een voldoende mate van zekerheid is verkregen dat de ingeboekte hoeveelheidgasvormige biobrandstof in de juiste eenheden, opgedeeld in soorten zoals gegeven in bijlage III bij de richtlijn hernieuwbare energie, en opgesplitst in enkel- en dubbeltellend geen onjuistheden van materieel belang bevat;
- • dat een redelijke mate van zekerheid is verkregen dat de duurzaamheidskenmerken behorende bij de gasvormige biobrandstof juist zijn overgenomen;
- • dat een beperkte mate van zekerheid is verkregen dat uit de massabalans volgt dat de ingeboekte gasvormige biobrandstof niet opnieuw als duurzaam is verkocht;
- • een totaal oordeel waaruit blijkt of met voldoende mate van zekerheid de juistheid van de data en informatie over de aard, herkomst en hoeveelheid van de ingeboekte gasvormige biobrandstof, de mogelijke dubbeltelling hiervan en de bijbehorende duurzaamheidskenmerken van de ingeboekte gasvormige biobrandstof kan worden vastgesteld;
- • een aanduiding van de inboekingen waarvoor de verklaring niet geldt.
- 6. Een inboekverificatie wordt afgerond door het verstrekken van een inboekverificatieverklaring en het plaatsen van een aantekening in het register door de inboekverificateur voor de inboekingen, met uitzondering van die inboekingen waarvoor de inboekverificatieverklaring niet geldt.
- 7. Zowel de inboeker als de inboekverificateur houden een deugdelijke administratie bij van de inboekverificatie en het inboekverificatieproces.