Bijlage 4.2.1 Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies: behorende bij artikel 4.2.9 van de Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies (Energie & Klimaat Onderzoek en Ontwikkeling (EKOO))
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
De doelstelling van het onderdeel ‘Elektriciteit’ binnen de subsidiemodule Energie & Klimaat Onderzoek en Ontwikkeling (EKOO) is om onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten te stimuleren op de hierna in hoofdstuk 2 genoemde innovatiethema’s. Deze projecten leiden binnen tien jaar na de start van het project tot een eerste toepassing en dragen bij aan een betaalbare, betrouwbare, duurzame en veilige energievoorziening. Onder het begrip ‘eerste toepassing’ wordt verstaan het demonstreren van de oplossing in een operationele omgeving door de innovatie toe te passen in een deel van een zonne- of windstroomsysteem. Dit hoeft nog geen grootschalige uitrol van de innovatie te zijn. Innovatiethema 1 sluit aan op het Meerjarige Missiegedreven Innovatieprogramma (MMIP)1MMIP 1: Hernieuwbare energie op zee. Projecten binnen dit innovatiethema betreffen innovaties die leiden tot concrete oplossingen die de opschaling van hernieuwbare energieproductie op zee mogelijk maken, waarbij de (systeem)kosten aanvaardbaar zijn en aan randvoorwaarden met betrekking tot ecologie, circulariteit en ruimtelijke inpassing wordt voldaan. Onder dit innovatiethema vallen projecten die passen binnen ten minste één van de volgende subthema’s. Dit subthema betreft innovatieprojecten die leiden tot structurele verbetering van de business case van windparken op zee door middel van kostenreductie, opbrengst- of waardeverhoging. Projecten binnen dit subthema betreffen ten minste één van de volgende onderzoeks- en ontwikkelrichtingen: Projecten binnen dit subthema betreffen ten minste één van de volgende onderzoeks- en ontwikkelrichtingen: Projecten binnen dit subthema betreffen ten minste één van de volgende onderzoeks- en ontwikkelrichtingen: Innovatiethema 2 sluit aan op MMIP 22MMIP 2: Hernieuwbare elektriciteitsopwekking op land en in de gebouwde omgeving. Projecten binnen dit innovatiethema betreffen innovaties voor hernieuwbare elektriciteitsopwekking op land en in de gebouwde omgeving. Onder dit innov
- • het efficiënter en beter plannen van onderhoud en mogelijk maken van inspectie. Dit door minder of geen inzet van mensen op locatie met behulp van sterk vernieuwende technologieën, die de kans op falen of defecten aanzienlijk verkleinen en daardoor de beschikbaarheid van het energiepark vergroten. De innovatieve oplossingen zijn veilig en robuust, zowel voor het personeel als het energiesysteem zelf;
- • het efficiënter en sneller maken van het transport, de installatie en decommissioning van ondersteuningsconstructies en elektrische infrastructuur binnen de energieparken. Hierin passen ook industrialisatie en standaardisatie door de leveringsketen;
- • het optimaliseren van het ontwerp van energieparken op zee, zoals door verhoging van de capaciteitsfactor en het minimaliseren van zogeffecten.
- • de verbetering van de integratie van grote hoeveelheden windenergie op zee in het energiesysteem en het balanceren van dat systeem door bijvoorbeeld flexibilisering van de aanbod- en vraagkant en grootschalige energieopslag en -conversie;
- • de verlaging van kosten die nodig zijn om windparken op zee aan te sluiten op het elektriciteitsnet en de energie te integreren in het energiesysteem. Deze kosten zijn niet beperkt tot de productiekosten (Levelized Cost Of Energy).
- • de versterking van de natuur in en rondom energieparken door mitigerende en compenserende maatregelen, inclusief maatregelen die meervoudig ruimtegebruik mogelijk maken waarbij er directe betrokkenheid is van het offshore energiepark;
- • de versterking van circulariteit en vermindering van materiaalgebruik en milieubelasting. Onder circulariteit wordt verstaan alles wat ertoe bijdraagt dat er minder gebruik wordt gemaakt van nieuwe grondstoffen, componenten van windparken langer gebruikt worden en vrijkomende materialen na decommissioning weer opnieuw kunnen worden gebruikt;
- • het aantrekkelijker, veiliger en toegankelijker maken om te werken in de offshore energiesector.
- • de verbetering van de technologie voor de productie van licht absorberende lagen en contactlagen van zonnecellen;
- • de verbetering van de kwaliteit en veiligheid van het zonnestroomsysteem door de ontwikkeling van nieuwe systeemcomponenten;
- • het realiseren van omvormers die elektriciteitsnet-ondersteunende diensten mogelijk maken;
- • de verbetering van circulariteitsaspecten van zonnestroomsystemen.
- • de kostenreductie en verbetering van de business case van windenergie op land en de verbetering van de efficiëntie, veiligheid en betrouwbaarheid van windenergie op land;
- • het vergroten en faciliteren van de implementatie van windenergie in het buitengebied;
- • de verbetering van de ruimtelijke en ecologische inpassingen van windenergie, zoals door het detecteren van vogels en vleermuizen in de omgeving van de turbine, met als doel het verminderen van het aantal aanvaringsslachtoffers en het reduceren van geluidshinder.
- − Grondgebonden en gestapelde woningen
- − Utiliteitsgebouwen: kantoren, niet-industriële bedrijfshallen, winkels, onderwijsvastgoed, gebouwen in de gezondheidszorg en sportaccommodaties.
- • ontwikkelen van een marktrijpe propositie voor het seriematig naad- en kierdicht maken van woningen in combinatie met de realisatie van een gezond binnenmilieu, dat aansluit bij de wensen, behoefte en gedrag van bewoners;
- • ontwikkelen van een concurrerende propositie voor de latere stappen in een stapsgewijze aanpak voor het aardgasvrij maken van woningen waar de eerste stappen (zoals spouwmuur-, vloer- en dakisolatie, glasvervanging, en installatie van warmtepompen en afgifte-, tapwater- en ventilatiesystemen) zijn gezet;
- • verlagen van de milieu-impact van bestaande verduurzamingsarrangementen;
- • toepassen van biobased of hergebruikte materialen in verduurzamingsarrangementen in plaats van primaire grondstoffen;
- • het aanpassen van bestaande verduurzamingsarrangementen aan het veranderende klimaat, waardoor ook energiezuinige en installatie-arme koeling in de zomer wordt gerealiseerd;
- • ontwikkelen van nature-based verduurzamingsarrangementen waarbij natuur wordt ingezet voor een energiezuinige en installatie-arme gebouwen en ruimte wordt geboden aan de natuur, zodat deze geen knellende randvoorwaarde wordt voor het verduurzamen van gebouwen (natuur-inclusief).
- • minimalisatie van overlast bij de realisatie van het verduurzamingsarrangement, zowel logistiek als bij de ingreep in de gebouwen of woningen;
- • het verlagen van de milieu-impact bij de uitvoering van het verduurzamingsarrangement, bijvoorbeeld door het verbeteren van de efficiency of het energieverbruik in de fabriek;
- • oplossingen om de flexibiliteit van fabrieken voor de productie van verduurzamingsarrangementen te vergroten zodat beter kan worden ingespeeld op de fluctuerende vraag en behoefte in de markt, inclusief het geschikt maken van fabrieken die zijn gerealiseerd voor de productie van verduurzamingsarrangementen voor nieuwbouw;
- • arbeidsbesparende innovaties, zoals robotisering, voor specifieke handelingen op de bouwplaats of in de fabrieksmatige productie van componenten die toegepast worden in verduurzamingsarrangementen;
- • ontwikkelen van oplossingen voor het ontzorgen van de uitvoeringsketen op het gebied van customer relation management (crm), planning en logistiek, inkoop en administratie door adviserende partijen zoals energieloketten en energieadviesbureaus en oplossingen die helpen de uitvoering van verduurzamingsarrangementen te stroomlijnen in efficiënte uitvoeringstromen;
- • ontwikkelen van oplossingen die helpen de financierbaarheid van verduurzamingsarrangementen te verbeteren. Bijvoorbeeld door de voorspelbaarheid van de besparing op de energiekosten te vergroten en de kwaliteit van het uitvoeringsproces te borgen;
- • ontwikkelen van oplossingen die helpen bij het inrichten van een effectieve aanpak voor het benutten van het mutatiemoment van particuliere woningen als aanleiding voor de verduurzaming van de nieuwe woning met partijen zoals een makelaar, taxateur, hypotheekadviseur, hypotheekverstrekker, notaris, aannemer en een architect;
- • ontwikkelen van oplossingen die het ontsluiten van de verschillende expertises ondersteunen die nodig zijn voor het uitbrengen van integraal (bouwkundig en isolatie technisch) maatwerkadvies voor woningen die in een energiearmoede-aanpak worden verduurzaamd in een efficiënte uitvoeringstroom.
- • ontwikkelen van een compressiewarmtepomp die gebruikt maakt van natuurlijke koudemiddelen met oog voor circulariteit, prijs, energieverbruik, geluid, ruimtegebruik, inpassing en stuurbaarheid;
- • ontwikkelen van compactere, plug-n-play of gebouw geïntegreerde (hybride) warmtepompen, zodat ze eenvoudig en met minder menskracht te installeren en onderhouden zijn;
- • ontwikkelen van technologische opvolgers van conventionele compressiewarmtepompsystemen die in potentie kunnen concurreren met compressietechniek, zoals bijvoorbeeld thermo-akoestische, Stirling, magneto-calorische en ad-/absorptie warmtepompen met oog voor circulariteit, efficiëntie, prijs, geluid, ruimtegebruik, inpassing en stuurbaarheid;
- • ontwikkelen van goedkopere, energetisch geoptimaliseerde lage temperatuurafgiftesystemen voor ruimteverwarming en -koeling, compacte warmtapwatersystemen (met warmteterugwinning of in combinatie met (zeer) lage temperatuur warmtenetten) en (kook)ventilatiesystemen (met warmteterugwinning en zomernachtventilatie) met extra aandacht voor eenvoudige installatie en (ontwerp voor) de integratie in gebouwdelen of met andere functies voor een stil en esthetisch eindresultaat met efficiënt ruimtegebruik;
- • ontwikkelen van mini-warmtenetten als opschalingsstrategie voor collectieve warmte en koude, zoals het efficiënter ontsluiten van bestaande bronnen, technische oplossingen om om te gaan met woningen die nog niet worden aangesloten, ontwikkelen van quickscan tools, innovatieve contractvormen (in combinatie met technische configuratie) en bijvoorbeeld de interferentie van benodigde bodemsystemen.
- • ontwikkelen van compactere voelbare warmte- en (latente) ‘phase change material’ (PCM) opslag in de losstaande opslagsystemen en geïntegreerd in gebouwdelen zoals vloeren, plafonds en plafondplaten met aandacht voor betaalbaarheid, eenvoud van installatie en onderhoud;
- • ontwikkelen van (de stabiliteit van) thermochemische materialen voor ‘thermo chemical materials’ (TCM) opslag ten behoeve van een hogere vermogensdichtheid, langere levensduur en inpassing;
- • ontwikkelen van effectieve regelstrategieën van kleinschalige warmteopslag (in verschillende configuraties) voor duurzame, betrouwbare en betaalbare inzet in het (lokale) energiesysteem;
- • ontwikkelen van goedkopere, snellere en minder overlast gevende huisaansluitingsmethoden inclusief innovatieve afleversets voor (zeer) lage temperatuur warmte- en koudenetten.
- • ontwikkelen van standaarden en protocollen om apparaten uit te lezen en aan te sturen (interoperabiliteit). Voor onder andere warmtepompen, elektrische boilers, laadpunten, opslagsystemen, en zon-PV inverters.
- • ontwikkelen van oplossingen voor het realiseren van de slimme en netbewuste woning van de toekomst.
- • ontwikkelen van oplossingen voor netcongestie in relatie tot de nieuwbouwopgave.
- • verbeteren power quality met vermogenselektronica als oplossingsrichting voor efficiënter benutten stroomnet.
- 1. reduce: vermindering van energieverbruik door efficiëntere processen. Hieronder vallen in elk geval efficiënte procestechnologie en digitale productie- en ketenondersteuning;
- 2. reuse: hergebruik van energie (met name warmte) binnen en buiten de fabriek. Hieronder vallen in elk geval technologieën en systemen voor warmteopwaardering, -opslag, en -hergebruik;
- 3. replace: vervanging van fossiele energiedragers door met name elektriciteit. Hieronder vallen in elk geval elektrisch gedreven processen en ondersteunende (digitale) technieken;
- 4. produce: productie van duurzame energiedragers (waterstof, waterstofdragers) via elektrochemische processen.
- 1. verhoging van de grondstoffenefficiëntie, zodat er minder grondstoffen nodig zijn om dezelfde hoeveelheid producten te produceren. Dit kan door:
- a. per product minder grondstoffen te gebruiken, met behoud van functionaliteit;
- b. de levensduur van producten te verlengen door ze herbruikbaar, onderhoudbaar of repareerbaar te maken of door nieuwe methoden voor hergebruik, onderhoud of reparatie te ontwikkelen;
- c. ontwikkeling van diensten ter vervanging van de verkoop van producten, zoals een huur- of deelconcept;
- d. vervanging van fossiele grondstoffen door recyclaat;
- e. vervanging van fossiele grondstoffen door biopolymeren geproduceerd in biologische processen, uitsluitend gericht op productontwikkeling;
- 2. vermindering van de ecologische voetafdruk, blijkend uit de verbetering van de biodiversiteit of vermindering van vervuiling van de natuur.
- • technologisch onderzoek en ontwikkeling gericht op het ontwikkelen van een nieuw of aanmerkelijk verbeterd product, proces of dienst ten opzichte van bestaande (circulaire) producten, processen of diensten. Het nieuw of aanmerkelijk verbeterd product, proces of dienst moet een alternatief bieden op de niet-circulaire economie;
- • onderzoek naar consumentengedrag, bedrijfs- of verdienmodellen of een combinatie hiervan, voor zover dit onderzoek gericht is op de daadwerkelijke ontwikkeling van een nieuw of aanmerkelijk verbeterd product, proces of dienst (het onderzoek is een voorbereiding op deze ontwikkeling). Het nieuw te ontwikkelen of aanmerkelijk te verbeteren product, proces of dienst moet voldoende concreet beschreven kunnen worden, zodat duidelijk is wat de innovatie is en kan worden getoetst of dit voldoende vernieuwend is om te kwalificeren als industrieel onderzoek. De ontwikkelaar van het product, proces of de dienst is als deelnemer in het project betrokken. Daarbij wordt aangegeven hoe de resultaten door deze ontwikkelaar gebruikt gaan worden bij de ontwikkeling of verdere ontwikkeling van het product, proces of de dienst. In het onderzoek staat de input op de ontwikkeling of verdere ontwikkeling centraal, niet het op de markt brengen of het daarvoor gereed maken van het product, proces of de dienst;
- • een combinatie van de voorgaande twee punten.
- • projecten die passen onder innovatiethema 2. Circulaire plastics;
- • projecten die passen onder innovatiethema 3. Biobased Circular;
- • projecten die, blijkend uit de verdeling van de kosten, hoofdzakelijk gericht zijn op recycling of terugwinning;
- • projecten die primair gericht zijn op kritieke grondstoffen en passen onder innovatiethema 4. Kritieke grondstoffen.
- • ontwerp voor circulariteit: ontwikkeling van producten met minimaal 25% recyclaat (mechanisch, chemisch of dissolutie) of biogebaseerde polymeren, die zelf ook goed recyclebaar zijn en veilig kunnen worden toegepast (safe and circular by design), inclusief het maken van een werkbaar prototype;
- • circulaire grondstoffen en processen: innovaties gericht op verbeterde inzameling, scheiding, sortering, voorbehandeling of recycling.
- • het gebruik van recyclaat uit thermochemische recycling, zoals pyrolyse of vergassing;
- • onderzoek en ontwikkeling op het gebied van biopolyesters (innovatiethema 3;
- • het gebruik van biogebaseerde polymeren die chemisch identiek zijn aan reeds bestaande en toegepaste polymeren op basis van fossiele grondstoffen;
- • het toepassen van polymeren in vezels, coatings, harsen en composieten;
- • ontwikkeling van biologische recyclingprocessen voor biodegradeerbare polymeren, zoals compostering en fermentatie.
- • biogrondstoffen uit eerste generatie bestaande gewassen (ook wel primaire gewassen genoemd), zoals suikerbiet, mais, en granen, maar ook gewassen als sorghum en hennep;
- • tweede generatie biogrondstoffen uit:
- ○ reststromen uit de landbouw, landschapsbeheer en bosbeheer;
- ○ bijproducten uit de verwerking van landbouwproducten, of uit de voedingsindustrie, diervoeder papier- en karton of andere industrie (agri-food processing); of
- ○ heterogene reststromen in de vorm van organisch afval, zoals GFE/GFT, waterzuiveringsslib en mest.
- • een kwaliteit suikergrondstof die geschikt is voor verwerking tot een biopolyester; of
- • een bouwsteen of biogebaseerde polyester.
- • het mogelijk maken van de verwerking, terugwinning of hergebruik als bedoeld in artikel 2, punt 8, 35 respectievelijk 36, van de Verordening (EU) 2024/1252 van het Europees Parlement en de Raad van 11 april 2024 tot vaststelling van een kader om een veilige en duurzame voorziening van kritieke grondstoffen te waarborgen, en tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 168/2013, (EU) 2018/858, (EU) 2018/1724 en (EU) 2019/1020 (Critical Raw Materials Act; hierna: CRMA) van strategische of kritieke grondstoffen; of
- • het inzetten van een substituut dat bijdraagt aan de circulariteit van een product, proces of dienst.
- • de energietransitie of digitale transitie;
- • de defensie- of high-tech sector.
- • projecten die niet primair gericht zijn op kritieke grondstoffen en passen onder innovatiethema 1. Circulaire economie, anders dan circulaire plastics, biobased circulair en kritieke grondstoffen;
- • primaire extractie van kritieke grondstoffen;
- • verwerkingstechnieken die alleen toepasbaar zijn op primaire kritieke grondstoffen verkregen via primaire extractie.