Bijlage 3.31.1 Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies: behorende bij artikel 3.31.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies (Circular Batteries)
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
Deze subsidie-module richt zich met de Circular Batteries-projecten op de huidige generatie batterijen en volgende generatie batterijen. Onder de huidige generatie batterijen worden verstaan de typen batterijen die bij indiening van het Nationaal Groeifondsprogramma Material Independence and Circular Batteries (het NGF-programma MICB), in 2023, tot de stand der techniek behoorden en commercieel en op grote schaal geproduceerd werden. Voorbeelden hierbij zijn de lithium-ionbatterijtypen NMC-batterij (met een kathode van nikkel, mangaan en kobalt en een anode van grafiet; omvattende in ieder geval de typen NMC 111, NMC 622, NMC 433, NMC 532 en NMC 811), de LFP-batterij (met een kathode van lithium, ijzer en fosfaat en een anode van grafiet). Batterijen die niet binnen de definitie van huidige generatie batterijen vallen en verbeterde prestaties of verminderd gebruik van kritieke materialen laten zien, worden in deze context gezien als volgende/nieuwe generatie batterijen. Deze categorie kan een verbeterde versie van de lithium-ionbatterijen omvatten (zoals de NMC 9.5.5 batterij), maar zal met name zien op geheel nieuwe batterijtypen, zoals de (semi-)vastestofbatterij, de natriumbatterij en batterijtypen met een verbeterde anode, zoals de siliciumanode of grafeenanode. Per onderwerp is een korte beschrijving van het doel van het onderwerp opgenomen (paragraaf 1.2). Daarnaast is aangegeven voor welke samenwerkingen het onderwerp opengesteld is, welke rollen (paragraaf 1.1) aanwezig dienen te zijn in een samenwerkingsverband (tabel ‘onderwerpen subsidiemodule Circular Batteries’) en wat voor type activiteiten in de projecten binnen het onderwerp uitgevoerd mogen worden (paragraaf 1.2.1). Voor het stimuleren van een Nederlands batterijecosysteem en het verkrijgen van enkele control points in de batterijwaardeketen is samenwerking tussen verschillende spelers van het samenwerkingsverband van groot belang. Daarom worden per onderwerp eisen gesteld aan de samenstelling van h
- – Onderzoeksorganisatie: een organisatie voor onderzoek en kennisverspreiding als bedoeld in artikel 2, onderdeel 83, van de algemene groepsvrijstellingsverordening en paragraaf 1.3, onderdeel 16, onder ff, van het O&O&I-steunkader;
- – Partij actief in voorbehandelingsproces ten behoeve van recycling: een partij die voorbehandeling (pre-treatment) voor de daadwerkelijke recycling uitvoert. Voorbeelden zijn (diep)ontladen, ontmantelen, versnipperen en smelten. De voorbehandeling kan een combinatie van verschillende technieken omvatten;
- – Partij actief in terugwinning: een partij die kritieke materialen, zoals vermeld in bijlage IV van de algemene groepsvrijstellingsverordening, onttrekt en terugwint uit al dan niet voorbehandelde batterijen door middel van recycling. Voorbeelden van deze kritische materialen zijn lithium, kobalt en nikkel;
- – Partij actief in raffinage van gerecyclede batterijmaterialen: een partij die gerecycled materiaal opwerkt tot materiaal waarmee nieuwe batterijen en/of batterijonderdelen kunnen worden vervaardigd (‘battery grade’);
- – Partij actief in testen en standaarden: een partij die testprotocollen en/of standaarden voor batterijen, batterijonderdelen, batterijmodules en/of batterijpakketten ontwikkelt;
- – Leverancier van nieuwe proces- en productieapparatuur: partij die apparatuur voor het productieproces en/of voor de productie van batterijen ontwikkelt;
- – Ontwikkelaar en producent van basismaterialen: een partij die basismaterialen of componenten voor batterijen ontwikkelt en/of gaat/laat produceren. Voorbeelden zijn de anode, kathode, elektrolyt, membraan en behuizing;
- – Testgebruiker: een partij die innovaties implementeert in een industriële pilotomgeving;
- – Technologieleverancier: partij die componenten, materialen, ontwerpen, equipment, software of expertise levert met betrekking tot batterijtechnologie;
- – Producent batterijmodules/pakketten: Battery module & pack producent: een partij die batterijmodules en -packs ontwerpt en/of ontwikkelt en/of assembleert;
- – Original equipment manufacturer (OEM): een producent van componenten, essentiële onderdelen, equipment of eindproducten, specifiek bedoeld voor toepassingen in het zware vervoer, zoals vrachtwagenbouwers, scheepsbouwers en vliegtuigbouwers;
- – Partij actief in hergebruik: een partij die de levensduur van batterijen verlengt middels inzet in tweede leven (een nieuwe toepassing in een ander apparaat) dan wel hernieuwde toepassingen en/of andere levensduurverlengende maatregelen, zoals design, monitoring, onderhoudsstrategie of reverse logistics.
- – maximaliseren van de efficiëntie van het terugwinnen van de kritieke materialen door de scheidingsstappen in de voorbehandeling van de batterijen aanmerkelijk te verbeteren (overige projectactiviteiten);
- – ontwikkeling van scheidingsstappen na het shreddingproces – het proces waarbij batterijen worden vermalen – om zo min mogelijk kritieke materialen te verliezen in het mechanische scheidingsproces (artikel 25 algemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV));
- – maximaliseren van de efficiëntie van processen zodat bijgedragen wordt aan het voldoen aan toekomstige recyclingdoelstellingen van de Europese batterijverordening1De artikelen 70 en 71 en onderdelen B en C van bijlage XII van de Verordening (EU) 2023/1542 van het Europees parlement en de Raad van 12 juli 2023 inzake batterijen en afgedankte batterijen, tot wijziging van Richtlijn 2008/98/EG en Verordening (EU) 2019/1020 en tot intrekking van Richtlijn 2006/66/EG (voor de EER relevante tekst) (PbEU 2023, L 191/1). (artikel 25 AGVV);
- – ontwikkelen van een gestandaardiseerde karakterisatiemethode van black mass om samenstelling en kwaliteit van black mass te kunnen vaststellen (artikel 25 AGVV);
- – ontwikkelen van een nieuwe generatie procestechnologie voor terugwinning van kritieke materialen die leidt tot vermindering van afvalstromen in vergelijking met bestaande hydrometallurgische processen (artikel 25 AGVV);
- – elektrificeren van processen voor het terugwinnen van kritieke materialen (artikel 25 AGVV);
- – samenwerking en afstemming met partijen in de keten en mogelijk buiten het project (ofwel met partners ofwel binnen eigen doorontwikkeling) door keten- en ecosysteemopbouw te faciliteren (overige projectactiviteiten).
- – het realiseren van minimaal vijf en bij voorkeur zeven pilots met verschillende langeduurbatterijtechnologieën, het testen hiervan in een relevante testomgeving en het gezamenlijk creëren van een systeem of model waarmee deze verschillende tests op een voor eindgebruikers relevante manier kunnen worden vergeleken. Hiervan zijn drie pilots gericht op industriële toepassing met als doel elektrificatie, drie pilots gericht op netstabilisatie veroorzaakt door fluctuaties in het aanbod van groene elektriciteit, en één pilot gericht op kleine modules (ordegrootte 10–20 kWh/module) (artikel 25 AGVV);
- – de oprichting van een expertisecentrum waarin kennis wordt opgebouwd en gedeeld over ten minste de toepassing van langeduurbatterijen. Dit expertisecentrum is ook toegankelijk voor partijen buiten dit Circular Batteries-project en voor internationale partners en zet hiervoor aantoonbare stappen om deze partners aan te trekken (overige projectactiviteiten).
- – het ontwikkelen en testen van prototypes van verschillende innovatieve technologieën tot pilotfase (TRL 6–7) die geschikt zijn voor langeduurbatterijopslag (artikel 25 AGVV);
- – de uitwisseling van opgedane kennis binnen het consortium bij de pilotprojecten (overige projectactiviteiten.
- – het ontwikkelen van nieuwe duurzame batterijmaterialen (artikel 25 AGVV);
- – het ontwikkelen van batterijcomponenten: anodes, kathodes, elektrolyt (artikel 25 AGVV);
- – het ontwikkelen van duurzamere chemie voor langeduurbatterijen (artikel 25 AGVV);
- – het ontwikkelen van productieprocessen en -equipment voor de productie van nieuw ontwikkelde batterijmaterialen, batterijcomponenten, chemie voor langeduurbatterijen en/of batterijcelconcepten (artikel 25 AGVV);
- – het realiseren van batterijcelconcepten, waarbij verbeteringen ten aanzien van materialengebruik plaatsvinden (artikel 25 AGVV).
- – het ontwikkelen van batterijpakketten met geteste nieuwe batterijfunctionaliteiten met:
- 1) verbeterde mechanische, thermische en/of elektrische prestaties;
- 2) verbeterde levensduur, met hogere vermogens laden en/of ontladen;
- 3) een cyberveilig battery management systeem gericht op het toekomstige EU batterij paspoort2Artikel 77 van de Verordening (EU) 2023/1542 van het Europees parlement en de Raad van 12 juli 2023 inzake batterijen en afgedankte batterijen, tot wijziging van Richtlijn 2008/98/EG en Verordening (EU) 2019/1020 en tot intrekking van Richtlijn 2006/66/EG (Voor de EER relevante tekst) (PbEU 2023, L 191/1).; of
- 4) ontwerp voor efficiënte assemblage, gebruik in een tweede leven (second use) en circulariteit (artikel 25 AGVV);
- – het door middel van Smart Manufacturing verkrijgen van kennis over batterijproductie en de bijbehorende benodigde bedrijfsprocessen, en validatie van die kennis aan de hand van gebruikscasussen, waarmee:
- 1) de Total Cost of Ownership van batterijen verlaagd wordt;
- 2) een onafhankelijke waardeketen gecreëerd wordt; en
- 3) de concurrentiepositie behouden blijft of versterkt wordt (overige projectactiviteiten);
- – gestandaardiseerde procedures om de juiste behandeling, verpakking, transport (weg, spoor, lucht), opslag, ontmanteling en keuze voor reparatie, tweede leven of recycling van batterijen te garanderen. Deze dienen te voldoen aan de bestaande regelgeving, waaronder REACH3www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/gevaarlijke-stoffen/vraag-en-antwoord/wat-is-reach., en zijn belangrijk om gevaarlijke situaties en negatieve gevolgen voor het milieu te voorkomen (overige projectactiviteiten).