Art. 4.2.49 Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies, Afwijzingsgronden
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien:
a. een vooraanmelding niet uiterlijk is ingediend op:
1°. 17 april 2025 vóór 17.00 uur voor de MOOI-missie Systeemintegratie;
2°. 1 oktober 2025 vóór 17.00 uur voor de MOOI-missie Elektriciteit, innovatiethema 5; of
3°. 16 april 2026 vóór 17.00 uur voor de MOOI-missie Elektriciteit, innovatiethema 1, 2, 3 of 4, MOOI-missie Gebouwde Omgeving, MOOI-missie Industrie, innovatiethema 1 of 2, of MOOI-missie Koolstofverwijdering;
b. na toepassing van artikel 4.2.49a, eerste en tweede lid, minder dan 6 punten per criterium zijn toegekend;
c. in geval aan een samenwerkingsverband één of meer onderzoeksorganisaties deelnemen, de subsidiabele kosten voor meer dan 50 procent door de onderzoeksorganisatie of de onderzoeksorganisaties gezamenlijk worden gemaakt;
d. de subsidiabele kosten minder dan € 2.000.000 bedragen;
e. de aanvraag voor zover het overige projectactiviteiten betreft die worden uitgevoerd door ondernemingen, activiteiten bevat die direct verband houden met:
1°. de omvang van de uitvoer naar andere lidstaten van de Europese Unie of derde landen;
2°. het oprichten en exploiteren van een distributienet ten behoeve van de uitvoer; of
3°. andere lopende uitgaven direct verband houdend met activiteiten op het gebied van uitvoer;
f. het MOOI-project betrekking heeft op MOOI-missie Industrie, innovatiethema 3, opgenomen in bijlage 4.2.6, en slechts binnen één van de subthema’s daarvan past;
g. het MOOI-project betrekking heeft op eerste generatie biogrondstoffen uit bestaande gewassen, passend binnen MOOI-missie Industrie, innovatiethema 3, subthema 3c, opgenomen in bijlage 4.2.6, en lager is gerangschikt dan een ander MOOI-project dat hier ook betrekking op heeft.