Art. 8 Regeling ter stimulering van activiteiten die een duurzame bijdrage leveren aan het tegengaan van armoede- en schuldenproblematiek, Subsidieverlening
1. Aanvragen die buiten de aanvraagtijdvakken, bedoeld in artikel 4, eerste lid, zijn ontvangen worden niet in behandeling genomen.
2. De aanvraag bedraagt per project ten minste € 125.000,– en maximaal € 350.000,– waarbij per aanvrager maximaal € 350.000,– per aanvraagtijdvak kan worden aangevraagd.
3. De subsidieaanvraag wordt gedaan middels een door de minister verstrekt aanvraagformulier.
4. Bij de aanvraag wordt een projectplan overgelegd waarin de aanvrager aangeeft:
a. aan de hand van een begroting voor welke subsidiabele activiteiten een subsidie wordt gevraagd, waarbij de in de begroting gehanteerde tarieven worden getoetst aan de ‘Handleiding overheidstarieven’;
b. op welke wijze de subsidiabele activiteiten een duurzame bijdrage van landelijke betekenis leveren aan het tegengaan van armoede- en schuldenproblematiek in het algemeen en aan de in artikel 11, eerste lid, genoemde prioriteiten, dan wel de in artikel 11, tweede lid, genoemde groepen in het bijzonder;
c. op welke wijze de subsidiabele activiteiten van toegevoegde waarde zijn;
d. op welke wijze gemeenten en andere relevante partijen zijn betrokken;
e. waarom subsidiëring vanuit de rijksoverheid noodzakelijk is; en
f. wat de planning van het project is.
5. Door het indienen van een aanvraag stemt de aanvrager er mee in dat het subsidiedossier met uitzondering van persoonsgegevens openbaar wordt gemaakt.