Bijlage 2 Reglement Vervangingsfonds Primair Onderwijs voor het schooljaar 2014–2015
Reglement Vervangingsfonds Primair Onderwijs voor het schooljaar 2014–2015
Op grond van artikel 1E moet een samenwerking van schoolbesturen, die de status van eigenrisicodrager heeft gekregen, jaarlijks een rapport opstellen waarin het functioneren van de samenwerking wordt geëvalueerd. Voorwaarden: Instemming (G)MR: Het evaluatierapport dient met instemming van de (G)MR-en van de deelnemende schoolbesturen te zijn opgesteld. Hiervoor overlegt de samenwerking van schoolbesturen een verklaring van de (G)MR-en van de deelnemende schoolbesturen. De samenwerking van schoolbesturen geeft aan of er grote veranderingen hebben plaatsgevonden binnen de samenwerking zelf en binnen de deelnemende schoolbesturen. Hierbij kan gedacht worden een bovenmatige daling van het aantal leerlingen, het sluiten van een school of bovenmatige stijging van het ziekteverzuim. De volgende aspecten moeten worden opgenomen in het evaluatierapport: Bestuur en bestuursbureau Stichting Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het Onderwijs Blaak 22, 3011 TA ROTTERDAM telefoon 010 – 217 76 40 fax 010 – 214 13 58 secretariaat@vfpf.org www.vervangingsfonds.nl Uitvoeringsorganisatie Vervangingsfonds Postbus 4839, 6401 JM HEERLEN telefoon 045 – 579 81 07 fax 045 – 579 34 82 helpdesk@vfpf.nl www.vervangingsfonds.nl
- a. Verantwoordelijkheden van de schoolbesturen binnen de samenwerking en de organisatiestructuur van de samenwerking In het evaluatierapport wordt weergegeven welke afspraken er bij aanvang zijn gemaakt over de verantwoordelijkheden van de schoolbesturen binnen de samenwerking. Vervolgens wordt beschreven hoe de samenwerking in het betreffende schooljaar is verlopen. In het evaluatierapport wordt beschreven of de organisatiestructuur is gewijzigd ten opzichte van hetgeen beschreven in het samenwerkingsplan. Indien er sprake is van wijzigingen dan worden deze inhoudelijk beschreven.
- b. Financiële huishouding In het evaluatierapport wordt weergegeven welke afspraken er bij aanvang zijn gemaakt over de financiële huishouding. Vervolgens wordt beschreven hoe de financiële samenwerking in het betreffende schooljaar is verlopen. In het evaluatierapport wordt beschreven of de financiële afspraken afdoende waren om risico’s af te dekken en indien dit niet het geval is geweest hoe de samenwerking van schoolbesturen dit opgelost heeft.
- c. Vervangingsbeleid In het evaluatierapport wordt weergegeven op welke wijze de concrete afspraken omtrent het vervangingsbeleid zijn ingevuld. Indien er sprake is van een bovenbestuurlijke vervangingspool dan wordt in het evaluatierapport opgenomen hoe deze pool functioneert en over de mate en wijze waarop deelnemende scholen hiervan gebruik hebben gemaakt. Dit geldt ook voor de inzet van elkaars eigenwachtgelders.
- d. Verzuimbeleid In het evaluatierapport wordt weergegeven op welke wijze de concrete afspraken omtrent het verzuimbeleid zijn ingevuld. In het evaluatierapport wordt per deelnemende werkgever en voor de samenwerking van schoolbesturen als geheel weergegeven of het verzuimpercentage ten opzicht van het jaar ervoor gedaald, gestagneerd of gestegen is.
- e. Afspraken bij toe- en uittreding Een schoolbestuur kan per 1 augustus van een kalenderjaar toetreden. Indien er in een schooljaar voorafgaand aan 1 augustus sprake is geweest van gesprekken over mogelijke toetreding dan dient de samenwerking van schoolbesturen dit op te nemen in het evaluatierapport. Indien er in een schooljaar voorafgaand aan 1 augustus sprake is geweest van gesprekken die mogelijk leiden tot uittreding dan dient de samenwerking van schoolbesturen dit op te nemen in het evaluatierapport.