Art. 39 Regeling genetisch gemodificeerde organismen milieubeheer 2013, Bijzondere procedures voor een vergunning op verzoek
Regeling genetisch gemodificeerde organismen milieubeheer 2013
1. Als categorie van genetisch gemodificeerde organismen als bedoeld in artikel 3.24, eerste lid, van het Besluit, met betrekking waartoe op verzoek van de aanvrager de procedure voor het verlenen van een vergunning onder vaste voorschriften wordt toegepast, wordt aangewezen: genetisch gemodificeerde aardappelzetmeelrassen met een amylosevrij fenotype dat het gevolg is van de aanwezigheid in de aardappelplant van één of meer van de volgende sequenties: onder de voorwaarde dat is aangetoond dat de vectorbackbone in de aardappelplant afwezig is.
a. delen van het korrelgebonden zetmeelsynthase (kgz) gen van aardappel, in sense of antisense oriëntatie;
b. de merker genen nptII en ahas;
c. alle knolspecifieke promotoren van aardappel;
d. de NOS terminator van R. radiobacter (voorheen bekend als A. tumefaciens),
2. De toepassing van de procedure, aangegeven in de artikelen 3.25 en 3.26 van het Besluit, is voor de in het eerste lid aangewezen categorie van genetisch gemodificeerde organismen beperkt tot veldproeven met een totale omvang van ten hoogste 10 hectare per jaar.