Bijlage I Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2014: uitvoeringsregels, behorende bij de artikelen van de Regeling uitvoering wet arbeid vreemdelingen 2014
Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2014
Met ingang van 1 januari 2014 is het Delegatie- en Uitvoeringsbesluit Wet arbeid vreemdelingen vervangen door de Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen (RuWav). Die wijziging hield verband met de herziening van de Wet arbeid vreemdelingen die op dezelfde datum inwerking is getreden. Voor een toelichting op de wijzigingen die als gevolg daarvan in de RuWav hebben plaatsgevonden wordt verwezen naar Staatscourant 2013, nr. 35848. De Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2014 (RuWav 2014)(Staatscourant 2014, nr. 8189 is een herzieningnaar aanleiding van de Wet van 11 december 2013, tot wijziging van de Wet arbeid vreemdelingen en de Vreemdelingenwet 2000, in verband met de implementatie van de Richtlijn 2011/98/EU van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 2011 betreffende één enkele aanvraagprocedure voor een gecombineerde vergunning voor onderdanen van derde landen om te verblijven en te werken op het grondgebied van een lidstaat, alsmede inzake een gemeenschappelijk pakket rechten voor werknemers uit derde landen die legaal in een lidstaat verblijven (PbEU 2011, L 343). Zowel die implementatiewet als de RuWav 2014 zijn in werking getreden met ingang van 1 april 2014. In de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) is bepaald op welke wijze het toelatingsbeleid van vreemdelingen tot de Nederlandse arbeidsmarkt zal plaatsvinden. Met de RuWav 2014 wordt onder andere uitvoering gegeven aan artikel 5, tweede lid, van de Wav. Op grond van genoemd artikel kan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de bevoegdheid inzake het afgeven en intrekken van tewerkstellingsvergunningen onder door hem te stellen nadere regels geheel of gedeeltelijk overdragen aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV). Het UWV heeft tot taak om door middel van registratie en bemiddeling aansluiting te zoeken tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt en beschikt ook over instrumenten waarmee binnen de Europese Unie/Europese Economische Ruimte kan worden bemiddeld.
- a. arbeid verrichten om een stoffelijk werk tot stand te brengen;
- b. tegen een te betalen prijs in geld;
- c. waarbij er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst.
- a. er is sprake van een gemeenschapsonderdaan op wie het vrij verkeer van werknemers tijdelijk nog niet van toepassing is; en
- b. er is sprake van dienstverlening die bestaat uit het tegen vergoeding ter beschikking stellen van een werknemer aan de dienstontvanger om onder toezicht en leiding van de dienstontvanger arbeid te verrichten in Nederland.
- – naam en plaats van vestiging van de werkgever en andere identificerende gegevens van de werkgever;
- – brutomaandloon van de vreemdeling;
- – persoonsgegevens van de vreemdeling;
- – advies over de duur van de gecombineerde vergunning;
- – omschrijving van de aard (functie) en de plaats van de door de vreemdeling te verrichten arbeid;
- – beleidscategorieën.
- a. aanvragen voor een vergunning voor deeltijdarbeid komen slechts voor inwilliging in aanmerking als de totale beloning ten minste het wettelijk minimummaandloon bedraagt voor een voltijds baan;
- b. aanvragen voor een vergunning voor kortere perioden dan een maand, ongeacht het aantal uren dat arbeid wordt verricht, komen uitsluitend voor inwilliging in aanmerking als de beloning ten minste het wettelijk minimumloon bedraagt naar rato van het aantal gewerkte dagen. Uitzonderingen op de regel dat het minimumloon moet worden uitbetaald zijn uitsluitend mogelijk als dit op grond van artikel 8, tweede lid en derde lid, onder b en c, van de Wav is toegestaan;
- c. in afwijking van onderdeel a komen aanvragen voor deeltijdarbeid voor inwilliging in aanmerking als de beloning ten minste het wettelijk minimumloon bedraagt naar rato van het aantal gewerkte uren, en:
- 1°. de vreemdeling beschikt over een verblijfsvergunning, verleend onder de beperking verband houdende met verblijf als familie- of gezinslid, waarbij als voorwaarde geldt dat de persoon bij wie de vreemdeling wil verblijven zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan;
- 2°. de vreemdeling beschikt over een andere verblijfsvergunning op grond waarvan reeds is vastgesteld dat de vreemdeling voldoet aan de voorwaarde dat hij zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan; of
- 3°. de vreemdeling is woonachtig in een andere lidstaat van de EU, de EER, of Zwitsersland, en is in het bezit van een verblijfsvergunning in het land waar hij feitelijk woonachtig is.
- a. als het een arbeidsplaats in een lagere dan de hoogste afdeling van de betreffende sportbond betreft;
- b. als de beloning niet marktconform is. Hierbij wordt de waarde van gebruikelijke transfersommen verdisconteerd. Van het ontbreken van een marktconforme beloning zal doorgaans sprake zijn als de beloning lager is dan de gebruikelijke beloning voor spelers die behoren tot de top 20% in de hoogste afdeling van de betreffende tak van sport, en
- c. als het een speler betreft die niet direct voorafgaande aan de tewerkstelling op geregelde basis heeft deelgenomen aan een competitie die ten minste even sterk is als de hoogste afdeling van de Nederlandse competitie of die niet op andere wijze, zoals door deelname aan wereldkampioenschappen, heeft bewezen over ten minste vergelijkbare kwaliteiten te beschikken.
- a. voor een marktconforme beloning in het betaald voetbal bedraagt de gegarandeerde beloning tenminste 150% van de gemiddelde beloning in de Eredivisie in het voorgaande seizoen inclusief de premies, die afhankelijk zijn van het in dat seizoen behaalde resultaat van de club die de tewerkstellingsvergunning aanvraagt. Voor spelers in de leeftijdsgroep van 18 tot 20 jaar is in de regel sprake van een marktconforme beloning als de gegarandeerde beloning tenminste 75% van de vorenbedoelde gemiddelde beloning in de Eredivisie bedraagt, en
- b. als het een speler betreft die niet direct voorafgaande aan de tewerkstelling op geregelde basis heeft deelgenomen aan een competitie die ten minste even sterk is als de hoogste afdeling van de Nederlandse competitie of die niet op andere wijze, zoals door deelname aan wereldkampioenschappen, heeft bewezen over tenminste vergelijkbare kwaliteiten te beschikken.
- • Menukaart;
- • Beschrijving van bedrijfsactiviteiten met openingstijden en aantal tafels/stoelen in het restaurant;
- • Geanonimiseerd personeelsbestand van het keukenpersoneel waarop de functieniveaus zijn opgenomen.
- • Het opleiden van niet-vergunningplichtig keukenpersoneel;
- • Het bieden van een stage aan een student van een ROC koksopleiding.
- a. de werkzaamheden die de vreemdeling ten behoeve van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie verricht, zijn noodzakelijk om de doelstelling van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie te verwezenlijken en komen direct voort uit het zijn van kloosterling of zendeling;
- b. er is geen sprake van een dienstbetrekking met die religieuze of levensbeschouwelijke organisatie;
- c. in de statuten van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie is het afleggen van de gelofte van armoede voorgeschreven, en
- d. de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie toont schriftelijk aan dat de betrokken geestelijk bedienaar de gelofte van armoede ook daadwerkelijk heeft afgelegd.
- a. de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie waartoe de geestelijk bedienaar behoort schriftelijk aantoont dat de geestelijk bedienaar geen beroep zal doen op de algemene middelen, omdat hij gedurende zijn verblijf in Nederland maandelijks over middelen beschikt die ten minste gelijk zijn aan het volledige minimummaandloon, bedoeld in artikel 8, onder a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, dan wel
- b. de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie waartoe de geestelijk bedienaar behoort aantoont dat de geestelijk bedienaar geen beroep zal doen op de algemene middelen, omdat de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie zorg zal dragen voor de kosten van levensonderhoud, inwoning en alle noodzakelijke verzekeringen van de geestelijk bedienaar en dat die kosten per maand ten minste gelijk zijn aan het volledige minimummaandloon, bedoeld in artikel 8, onder a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. De duur van de gecombineerde vergunning voor deze groep is maximaal drie jaar.
- a. de werkzaamheden die de vreemdeling ten behoeve van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie verricht, zijn noodzakelijk om de doelstelling van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie te verwezenlijken en komen direct voort uit het zijn van kloosterling of zendeling;
- b. er is geen sprake van een dienstbetrekking met die religieuze of levensbeschouwelijke organisatie;
- c. in de statuten van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie is het afleggen van de gelofte van armoede voorgeschreven; en
- d. de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie toont schriftelijk aan dat de betrokken geestelijk bedienaar de gelofte van armoede ook daadwerkelijk heeft afgelegd.
- a. de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie waartoe de geestelijk bedienaar behoort schriftelijk aantoont dat de geestelijk bedienaar geen beroep zal doen op de algemene middelen, omdat hij gedurende zijn verblijf in Nederland maandelijks over middelen beschikt die ten minste gelijk zijn aan het volledige minimummaandloon, bedoeld in artikel 8, onder a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, dan wel
- b. de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie waartoe de geestelijk bedienaar behoort aantoont dat de geestelijk bedienaar geen beroep zal doen op de algemene middelen, omdat de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie zorg zal dragen voor de kosten van levensonderhoud, inwoning en alle noodzakelijke verzekeringen van de geestelijk bedienaar en dat die kosten per maand ten minste gelijk zijn aan het volledige minimummaandloon, bedoeld in artikel 8, onder a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.
- 1. Gelet op artikel 8, derde lid, onderdeel b, van de Wet arbeid vreemdelingen, wordt een tewerkstellingsvergunning die wordt aangevraagd ten behoeve van een visser voor incidentele werkzaamheden in de Nederlandse territoriale zone en haven aan boord van een niet in Nederland geregistreerd zeegaand vissersvaartuig, niet geweigerd op grond van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b, c en f, van de Wet arbeid vreemdelingen.
- 2. De werkgever verklaart bij de aanvraag dat de arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden van de visser niet beneden het niveau liggen dat in de bedrijfstak gebruikelijk is.
- 3. De tewerkstellingsvergunning wordt, in afwijking van paragraaf 46 van deze bijlage, niet ingetrokken indien er langer dan vier weken geen gebruik van wordt gemaakt. In afwijking van artikel 4 van deze regeling hoeft er in deze situatie geen mededeling gedaan te worden.
- 4. De tewerkstellingsvergunning wordt voor de duur van twee jaar afgegeven.
- a. de afnemer van die goederen de desbetreffende goederen voorafgaand aan de feitelijke levering laat controleren, certificeren, inspecteren dan wel anderszins laat onderzoeken door personen afkomstig uit het land van de afnemer of in dienst van de afnemer; of
- b. specifieke kennis of ervaring aan personen in dienst van de afnemer wordt doorgegeven, die voor de afnemer nodig is om met de geleverde goederen te kunnen werken.
- − Intra-corporate transferees die korter dan drie maanden in Nederland komen werken;
- − Intra-corporate transferees die ten tijde van inwerkingtreding van de ICT-richtlijn (29 november 2016) als intra-corporate transferee in een andere EU-lidstaat werkzaam zijn;
- − Intra-corporate transferees die ten tijde van de inwerkingtreding van de ICT-richtlijn in een EU-lidstaat verblijven en bij een vestiging in Nederland gaan werken onder een Nederlandse arbeidsovereenkomst;
- − Intra-corporate transferees die de nationaliteit van een EU-lidstaat hebben komen maar nog geen gebruik kunnen maken van het recht op vrij verkeer van werknemers;
- − Intra-corporate transferees die de nationaliteit van Zwitserland of een EER-land, niet zijnde een EU-lidstaat, hebben;
- − Intra-corporate transferees die worden overgeplaatst op grond van een vrijhandelsverdrag; of
- − Personen die als intra-corporate transferee een beroep kunnen doen op een standstill-bepaling.
- a. Sleutelpersoneel Onder een sleutelpositie wordt verstaan een leidinggevende of specialistische functie op ten minste HBO-niveau met een bruto-maandsalaris dat ten minste gelijk is aan dat van de kennismigrant van dertig jaar of ouder, genoemd in artikel 1d, eerste lid, onder a, sub 1°, van het BuWav. De duur van de tewerkstelling bedraagt maximaal drie jaar. Voor vreemdelingen die als directeur-grootaandeelhouder een leidinggevende positie binnen een Nederlandse vestiging willen gaan innemen, wordt in acht genomen wat in paragraaf 6 ter zake is vermeld;
- b. Trainees Vreemdelingen die als trainee worden tewerkgesteld, als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- 1. de trainee beschikt over een diploma op HBO- of universitair niveau;
- 2. er wordt een trainee-programma overgelegd waaruit de noodzaak van tewerkstelling in Nederland blijkt;
- 3. in dit trainee-programma zijn de leerdoelen geformuleerd;
- 4. de beloning bedraagt een bruto-maandsalaris dat ten minste gelijk is aan dat van de kennismigrant van jonger dan dertig jaar, genoemd in artikel 1d, eerste lid, onder a, sub 1, van het BuWav, en
- 5. de periode van tewerkstelling bedraagt maximaal drie jaar;
- c. Specialisten Werknemers die naar Nederland worden overgeplaatst in verband met de overdracht van specifieke kennis en technieken, voor zover de tewerkstelling van deze vreemdelingen in Nederland de duur van drie jaar niet overschrijdt en de vreemdelingen beschikken over een diploma op ten minste HBO- of universitair niveau. De beloning bedraagt een bruto-maandsalaris dat ten minste gelijk is aan dat van de kennismigrant van dertig jaar of ouder, genoemd in artikel 1d, eerste lid, onder a, sub 1°, van het BuWav.
- a. op grond van hun nationaliteit:
- 1. geen visum nodig hebben;
- 2. een visum voor kort verblijf nodig hebben; of
- 3. een visum voor lang verblijf (D-visum) hebben dat is afgegeven door een ander Schengenland;
- b. van wie het overeengekomen vaste, naar tijdruimte en in geld vastgestelde loon als vergoeding voor zijn arbeid dat hij van de werkgever ontvangt ten minste overeenkomt met het inkomenscriterium genoemd in artikel 1d, eerste lid, onder a, onder 1, van het BuWav en dat marktconform is, en
- c. die een functie zal bekleden waarvan aangenomen kan worden dat het om een kenniswerker gaat, zoals een specialistische functie, een sleutelfunctie, een wetenschappelijke functie of een leidinggevende functie.
- a. de vreemdeling is in het bezit van een verblijfsvergunning in het land waar hij feitelijk woonachtig is;
- b. de vreemdeling verblijft op het moment van de twv-aanvraag reeds feitelijk in het andere land, of hij heeft daar een feitelijk woonadres;
- c. de werkgever is erkend referent voor arbeid;
- d. de duur van de te verrichten arbeid is drie maanden of langer;
- e. het salaris dat de vreemdeling verdient, voldoet aan het inkomenscriterium genoemd in artikel 1d, eerste lid, onder a, onder 1, van het BuWav en is marktconform.
- a. aan de vreemdeling wordt met toepassing van de RvA 2005 opvang geboden;
- b. de asielaanvraag is tenminste zes maanden in behandeling;
- c. de vreemdeling verblijft op grond van artikel 8, onderdelen f of h, van de Vw 2000 rechtmatig in Nederland.
- a. de stagiair heeft de Canadese nationaliteit;
- b. de stagiair is ten minste 18 jaar en niet ouder dan 30 jaar;
- c. de stagiair studeert of is op het moment van de aanvraag niet langer dan 12 maanden geleden afgestudeerd blijkend uit een bewijs van inschrijving aan een onderwijsinstelling voor hoger onderwijs of een door de bevoegde autoriteiten gewaarmerkt afschrift van een diploma.
- a. uitsluitend in de maanden juni, juli en augustus plaatsvindt, of
- b. niet meer dan 16 uur per week beslaat.
- a. partijen bij het convenant zijn in ieder geval het UWV en representatieve werkgeversorganisaties;
- b. het UWV heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in kennis gesteld van het voornemen het convenant tot stand te brengen;
- c. het convenant is erop gericht dat binnen een redelijke termijn meer prioriteitgenietend arbeidsaanbod aanwezig is door middel van onder meer extra wervings- of scholingsinspanningen, en
- d. het UWV heeft het convenant, nadat het tot stand gekomen is, in de Staatscourant gepubliceerd.
- a. artikel 10:1 van de Arbeidstijdenwet;
- b. artikel 33 van de Arbeidsomstandighedenwet;
- c. artikel 18b van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag;
- d. artikel 18 van de Wet arbeid vreemdelingen; of
- e. artikel 16 van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs.
- a. artikel 7:2, derde lid, Arbeidstijdenbesluit;
- b. artikel 9.10a, derde lid, Arbeidsomstandighedenbesluit;
- c. artikel 3, derde lid, Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag;
- d. artikel 4b, derde lid, Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen;
- e. artikel 3, derde lid, Besluit arbeidsbemiddeling;
- a. artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht;
- b. artikel 11:3 van de Arbeidstijdenwet; of
- c. artikel 32 van de Arbeidsomstandighedenwet.
- a. de aanvrager, voor zover vereist op grond van de Handelsregisterwet 2007, niet is ingeschreven in het handelsregister, bedoeld in artikel 2 van die wet;
- b. de continuïteit en solvabiliteit van de onderneming, rechtspersoon of organisatie onvoldoende is gewaarborgd;
- c. de betrouwbaarheid van de aanvrager of van de direct of indirect bij die onderneming, rechtspersoon of organisatie betrokken natuurlijke of rechtspersonen of ondernemingen onvoldoende vast staat;
- d. de erkenning als referent van de aanvrager of van de direct of indirect bij die onderneming, rechtspersoon of organisatie betrokken rechtspersoon of organisatie betrokken rechtspersonen of ondernemingen binnen een periode van vijf jaar direct voorafgaand aan de aanvraag is ingetrokken, of
- e. de aanvrager niet voldoet aan de vereisten die verband houden met het doel waarvoor de vreemdeling in Nederland verblijft of wil verblijven, waaronder in ieder geval kan worden verstaan de aansluiting bij en naleving van een gedragscode.
- a. de erkenning is verleend op grond van onjuiste of onvolledige gegevens;
- b. de erkende referent niet langer voldoet aan de voorwaarden voor erkenning;
- c. de erkende referent zich niet heeft gehouden aan zijn verplichtingen als referent, of
- d. de erkende referent daarom verzoekt.
- – de plaats waar de arbeid wordt verricht en de aard van de werkzaamheden;
- – de duur van de tewerkstelling;
- – het door de werkgever verschuldigde loon;
- – het aantal werkuren per week of per maand;
- – de lengte van het betaald verlof; en
- – indien mogelijk, de datum waarop het werk wordt aangevangen.
- a. de aanvrager, voor zover vereist op grond van de Handelsregisterwet 2007, niet is ingeschreven in het handelsregister, bedoeld in artikel 2 van die wet;
- b. de continuïteit en solvabiliteit van de onderneming, rechtspersoon of organisatie onvoldoende is gewaarborgd;
- c. de betrouwbaarheid van de aanvrager of van de direct of indirect bij die onderneming, rechtspersoon of organisatie betrokken natuurlijke of rechtspersonen of ondernemingen onvoldoende vast staat;
- d. de erkenning als referent van de aanvrager of van de direct of indirect bij die onderneming, rechtspersoon of organisatie betrokken rechtspersoon of organisatie betrokken rechtspersonen of ondernemingen binnen een periode van vijf jaar direct voorafgaand aan de aanvraag is ingetrokken, of
- e. de aanvrager niet voldoet aan de vereisten die verband houden met het doel waarvoor de vreemdeling in Nederland verblijft of wil verblijven, waaronder in ieder geval kan worden verstaan de aansluiting bij en naleving van een gedragscode.
- a. de erkenning is verleend op grond van onjuiste of onvolledige gegevens;
- b. de erkende referent niet langer voldoet aan de voorwaarden voor erkenning;
- c. de erkende referent zich niet heeft gehouden aan zijn verplichtingen als referent, of
- d. de erkende referent daarom verzoekt.
- a. artikel 10:1 van de Arbeidstijdenwet;
- b. artikel 33 van de Arbeidsomstandighedenwet;
- c. artikel 18b van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag;
- d. artikel 18 van de Wet arbeid vreemdelingen, of
- e. artikel 16 van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs.
- a. artikel 7:2, derde lid, Arbeidstijdenbesluit;
- b. artikel 9.10a, derde lid, Arbeidsomstandighedenbesluit;
- c. artikel 3, derde lid, Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag;
- d. artikel 4b, derde lid, BuWav, of
- e. artikel 3, derde lid, Besluit arbeidsbemiddeling;
- a. artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht;
- b. artikel 11:3 van de Arbeidstijdenwet, of
- c. artikel 32 van de Arbeidsomstandighedenwet.
- – Paragraaf 51, onder a, de laatste zin: ‘en is tot stand gekomen na een openbare aanbestedingsprocedure of een publieke bekendmaking om die overeenkomst te sluiten, als dat voortvloeit uit het Nederlands recht of dat van de Europese Unie’;
- – Paragraaf 52, in de eerste zin: ‘niet zijnde een organisatie zonder winstoogmerk’;
- – Paragraaf 52, onder twee, eerste zin: ‘(niet zijnde meerderheidsaandeelhouder)’.
- a. de dienstverleningsovereenkomst overschrijdt niet de duur van vierentwintig maanden, en is tot stand gekomen na een openbare aanbestedingsprocedure of een publieke bekendmaking om die overeenkomst te sluiten, als dat voortvloeit uit het Nederlands recht of dat van de Europese Unie;
- b. de hiervoor bedoelde personen behoren tot het vaste personeel van de desbetreffende buitenlandse werkgever en hebben reeds meer dan een jaar in dienst van die werkgever de werkzaamheden verricht, waarop de dienstverleningsovereenkomst betrekking heeft;
- c. de verblijfsduur is beperkt tot de duur van het contract, met een maximum van twaalf maanden in een periode van 24 maanden;
- d. de hiervoor bedoelde personen verrichten uitsluitend de werkzaamheden waarvoor de tewerkstellingsvergunning is verleend;
- e. het aantal personeelsleden dat voor de rechtspersoon de contractueel overeengekomen werkzaamheden verricht, bedraagt ten hoogste het aantal personen dat redelijkerwijs noodzakelijk is voor de uitvoering van de overeenkomst;
- f. de desbetreffende personeelsleden beschikken over een voltooide universitaire opleiding en drie jaar beroepservaring op het desbetreffende werkterrein2Voor onderdanen van landen van het Cariforum geldt dat als zij als fotomodel, chef-kok of in de cultuursector (anders dan radio en tv) werken er geen universitaire opleiding kan worden gevraagd. Wel mag een vereiste (of equivalente) opleiding gevraagd worden., en
- g. de desbetreffende personeelsleden voldoen aan de voor het uitoefenen van dat beroep in Nederland bestaande beroepseisen.
- a. Zakelijke bezoekers Dit zijn natuurlijke personen met een staffunctie die verantwoordelijk zijn voor het opzetten van een vestiging. Zij verrichten geen directe transacties met het publiek en ontvangen geen beloning uit een bron op het grondgebied van de gastpartij. De maximale verblijfsduur voor zakelijke bezoekers is 90 dagen gedurende een periode van 12 maanden.
- b. Binnen een onderneming overgeplaatste personen (managers en specialisten) De betrokken persoon is die ten minste één jaar werknemer of partner (niet zijnde meerderheidsaandeelhouder) van een rechtspersoon uit een verdragspartij en tijdelijk naar een vestiging (met inbegrip van dochterondernemingen, filialen of bijkantoren) in Nederland overgeplaatst. Hij kan voor ten hoogste drie jaar in Nederland verblijven. De betrokken persoon moet tot een van de volgende categorieën behoren: managers of specialisten.
- 1. Een manager is iemand die deel uitmaakt van het hogere kader van een rechtspersoon, die in de eerste plaats verantwoordelijk is voor het management van de vestiging, onder het algemene toezicht of de leiding van de raad van bestuur of de aandeelhouders of daarmee gelijkgestelde personen, waaronder de persoon die:
- a. leiding geeft aan de vestiging of een afdeling of onderafdeling daarvan;
- b. toezicht houdt en controle uitoefent op de werkzaamheden van andere werknemers met een toezichthoudende, leidinggevende of specialistische functie;
- c. bevoegd is om op eigen initiatief werknemers in dienst te nemen en te ontslaan of indienstneming, ontslag of andere maatregelen in het kader van het personeelsbeleid aan te bevelen.
- 2. Een specialist is iemand die bij een rechtspersoon werkt en beschikt over bijzondere kennis die van wezenlijk belang is voor de activiteiten, de onderzoeksuitrusting, de technische werkzaamheden of het management van de vestiging. Voor de beoordeling van die kennis wordt niet alleen specifiek met de vestiging verband houdende kennis in aanmerking genomen, maar ook of de persoon in hoge mate gekwalificeerd is voor een type werk of handel waarvoor specifieke technische kennis vereist is, evenals het lidmaatschap van een erkende beroepsgroep.