Art. 7.3.1 Jeugdwet, Toestemming, dossier en privacy
1. Hetgeen in deze paragraaf, met uitzondering van de artikelen 7.3.4, 7.3.5, 7.3.6 en 7.3.16, is bepaald ten aanzien van de jeugdhulpverlener is van overeenkomstige toepassing op de medewerker van de gecertificeerde instelling, met dien verstande dat voor «jeugdhulp» of «verlening van jeugdhulp» wordt gelezen «uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering».
2. In deze paragraaf wordt verstaan onder betrokkene: persoon aan wie rechtstreeks jeugdhulp wordt verleend, ten aanzien van wie de verlening van jeugdhulp wordt voorgesteld of ten aanzien van wie een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering uitgevoerd wordt of de uitvoering daarvan wordt voorgesteld.
3. Voor zover sprake is van een geneeskundige behandeling als bedoeld in artikel 446 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, is deze paragraaf niet van toepassing, behoudens de artikelen 7.3.11, vierde en vijfde lid, en 7.3.17.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 9 mei 2025, ECLI:NL:HR:2025:723
- HR 16 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1169
- Conclusie A-G de Bock 10 juli 2024, ECLI:NL:PHR:2024:750
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 12 februari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:133
- Hof Arnhem-Leeuwarden 10 september 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:7410
- Rb. Midden-Nederland 21 maart 2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:2296
- Rb. Gelderland 9 november 2023, ECLI:NL:RBGEL:2023:6438
- Rb. Den Haag 19 september 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:11303
- Rb. Amsterdam 15 augustus 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:5049
- Hof Amsterdam 20 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5441