Art. XXXXI Veegwet VWS 2013

Veegwet VWS 2013

Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en sport zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet, en vervolgens telkens na vijf jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van artikel II, onderdeel D, in de praktijk.