Bijlage 2 Inschrijvingsvoorwaarden advocatuur 2014 krachtens de Wet op de Rechtsbijstand, versie per 1 januari 2014
De advocaat die wil worden ingeschreven om rechtsbijstand te verlenen aan asielzoekers dient te voldoen aan de algemene inschrijvingsvoorwaarden en bovendien dient hij terzake: ofwel: De advocaat die voor het eerste jaar voorwaardelijk wil worden ingeschreven om rechtsbijstand te verlenen aan asielzoekers dient ter zake: Indien voldaan wordt aan de gestelde voorwaarden kan de Raad overgaan tot een voorwaardelijke inschrijving voor een periode van 1 jaar. Deze termijn kan in bijzondere gevallen worden verlengd met een door de Raad te bepalen termijn. Na afloop van de periode van voorwaardelijke inschrijving gaat de Raad uitsluitend tot onvoorwaardelijke inschrijving over indien uit rapportage van de advocaat en diens begeleider is gebleken dat aan de voorwaarden van lid 1 en de bij de voorwaardelijke inschrijving gestelde voorwaarden wordt voldaan. Voor deelname aan het rooster op het AC dient de advocaat terzake: De Raad kan nadere regels stellen met betrekking tot de frequentie van deelname, de flexibele inzet, de buitenressortelijke inzet en de beschikbaarheid voor een schaduwrooster. Indien een advocaat vóór 1 november op enig moment in het kalenderjaar de grens bereikt van 200 eenheden wordt hij van het rooster op het AC verwijderd. Voor de definitie van het begrip eenheid wordt verwezen naar artikel 5 van de inschrijvingsvoorwaarden. De advocaat kan door de Raad bij wijze van maatregel van deelneming aan de spreekuurvoorziening op het AC uitgesloten worden. De deelname eindigt eveneens indien de advocaat niet langer aan de voorwaarden voor de verstrekking van toevoegingen op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht voldoet. Om ingeschreven te blijven dient een (voorwaardelijk) ingeschreven advocaat in ieder jaar van inschrijving: Indien niet aan deze voorwaarden voldaan is, zal de Raad de rechtsbijstandverlener als deskundige op het terrein uitschrijven. Uitsluiting dan wel uitschrijving geschiedt op basis van artikel 17 lid 2 van de Wet op de rechtsbij
- a) met succes de beroepsopleiding van de Orde (beroepsopleiding oude stijl van vóór september 2013) voltooid te hebben. Deze eis geldt niet voor advocaten die werden beëdigd voordat de beroepsopleiding in 1989 werd ingevoerd en;
- b) een certificaat van succesvolle deelname te overleggen aan door de Raad landelijk erkende cursussen op het gebied van het asiel-, vluchtelingen-, en vreemdelingenrecht in de drie jaar voorafgaand aan het verzoek tot deelname18Goedgekeurd is het volgen van de leergang Vreemdelingen/Vluchtelingenrecht van OSR Juridische Opleidingen, bestaande uit de module A regulier vreemdelingenrecht I, de module B regulier vreemdelingenrecht II en de module C Vluchtelingenrecht, dan wel het volgen van een leergang die naar het oordeel van de Landelijke Adviescommissie Rechtsbijstand Asiel en Vreemdelingenbewaring naar inhoud en diepgang tenminste gelijkwaardig is. Van de verdiepingscursus B Vreemdelingenrecht kan vrijstelling worden verleend indien een advocaat aantoont te beschikken over ruime ervaring op het gebied van het reguliere vreemdelingenrecht.; ofwel:
- c) met succes de modules 1 en 2 van Beroepsattitude en Beroepsethiek, de major Bestuursrecht, het keuzevak van 5 dagdelen Regulier Vreemdelingenrecht, het klein keuzevak Toezicht, bewaring en terugkeer en het keuzevak van 6 dagdelen Asiel- en Vluchtelingenrecht van de Beroepsopleiding Advocaten nieuwe stijl van de Orde te hebben afgerond. De advocaat dient verder:
- d) onder begeleiding van een reeds op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht ingeschreven rechtsbijstandverlener te hebben behandeld van tenminste 1219De advocaat dient aan te tonen dat hij het genoemde aantal zaken heeft behandeld. zaken betreffende het asiel- en vluchtelingenrecht, waarvan tenminste:
- i) 6 asielprocedures waarin in het kader van het voornemen een zienswijze is gegeven;
- ii) 6 asielprocedures waarin beroep is ingesteld bij de rechtbank en de gronden zijn aangevuld c.q. hoger beroep bij de Raad van State en ter terechtzitting pleidooi is gehouden.
- e) lid te zijn van de Landelijke Werkgroep Rechtshulp aan Vluchtelingen van VluchtelingenWerk20Indien een advocaat zowel is ingeschreven voor vreemdelingenrecht als voor asiel-en vluchtelingenrecht volstaat voor het vereiste lidmaatschap dat hij deelneemt aan de werkgroep van hetzij Forum, hetzij Vluchtelingenwerk.;
- f) uitdrukkelijk de verplichting te hebben aanvaard om deelnemers (advocaten en juristen in loondienst) te begeleiden die voorwaardelijk voor het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht zijn ingeschreven;
- g) te handelen naar de eisen van zorgvuldige en doelmatige asiel- en vluchtelingenrechtsbijstandverlening. In dat kader volgt de advocaat in zijn praktijkvoering de eisen die voortvloeien uit de minimumnormen die zijn opgenomen in de Leidraad voor de asieladvocaat.
- a) te voldoen aan de hierboven onder 1 genoemde voorwaarde, met uitzondering van de onder d en f genoemde voorwaarden;
- b) te worden begeleid door een reeds op het terrein van het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht onvoorwaardelijk ingeschreven rechtsbijstandverlener die deelneemt aan de van overheidswege gesubsidieerde rechtsbijstandverlening aan asielzoekers.
- a) onvoorwaardelijk of voorwaardelijk tot de verlening van rechtsbijstand op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht te zijn toegelaten;
- b) een substantieel deel van de praktijk (minimaal 30 toevoegingen op jaarbasis) dient te bestaan uit asiel- en vluchtelingenzaken. Bij beginnende advocaten op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht wordt dit aantal voor de eerste maal getoetst aan het einde van het eerste inschrijvingsjaar;
- c) gebleken moet zijn van actuele kennis van het asiel- en vluchtelingenrecht;
- d) een schriftelijke verklaring te overleggen van een op het rooster toegelaten rechtsbijstandverlener. Deze toegelaten rechtsbijstandverlener dient te verklaren bereid te zijn de nieuwe rechtsbijstandverlener gedurende minimaal vijf inroosteringen te begeleiden;
- e) voorafgaand aan de eerste inroostering dient de advocaat ten minste drie maal op het AC mee te lopen met een onvoorwaardelijk toegelaten advocaat;
- f) een nieuwe advocaat kan zelfstandig op het rooster werken wanneer de begeleidende advocaat een verklaring van geen bezwaar heeft afgegeven;
- g) desgevraagd aan de Commissie Intercollegiale Toetsing dossiers beschikbaar te stellen ten behoeve van onderzoek naar de kwaliteit van de asielrechtsbijstand.
- a) tenminste voor het minimum van 10 zaken per jaar op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht te worden toegevoegd;
- b) zodanige maatregelen te nemen dat bij afwezigheid de vervanging wordt verzorgd door een op het terrein van het vreemdelingenrecht ingeschreven advocaat;
- c) zich op de hoogte te blijven houden van actuele ontwikkelingen op het terrein van het asielrecht- en vluchtelingenrecht, onder andere door het jaarlijks volgen van een op het terrein van het asielrecht toegesneden cursus of deelnemen aan een activiteit, welke in het kader van de permanente opleiding wordt gewaardeerd met tenminste 4 punten21Naast cursussen zijn de (andere) activiteiten waarop hier wordt gedoeld: deelneming aan AC-bijeenkomsten georganiseerd door de Raad én de Landelijke werkgroep rechtshulp aan Vluchtelingen van VluchtelingenWerk.. Desgevraagd behoort de advocaat certificaten te kunnen overleggen waaruit dit aantal punten blijkt;
- d) lid te zijn van de Landelijke Werkgroep Rechtshulp aan Vluchtelingen van VluchtelingenWerk;
- e) ten genoegen van de Raad aan te tonen op welke wijze wordt voldaan aan de inschrijvingsvoorwaarden;
- f) de door de Raad vastgestelde distributieregeling voor het AC na te leven (bijlage 2a).
- a) De advocaat is toegelaten tot de spreekuurvoorziening op het AC/ Algemene Asielprocedure;
- b) De advocaat is indeelbaar op het rooster voor de spreekuurvoorziening.