Bijlage I Controleprotocol voor de jaarrekening politie: bij het Controleprotocol voor de jaarrekening politie
Controleprotocol voor de jaarrekening politie
Hoofdstuk 5 van de Regeling financieel beheer politie regelt de verantwoording over de besteding van rijksbijdragen en overige baten door de politie. Dit controleprotocol geeft invulling aan het tweede lid van artikel 14 van deze regeling, waarmee de Minister van Veiligheid en Justitie nadere regels stelt aan de reikwijdte van de controle, de jaarrekening en de financiële onderdelen van het jaarverslag en aan de inhoud van de controleverklaring die de accountant naar aanleiding van zijn controle moet afgeven. Het controleprotocol heeft als doel nadere aanwijzingen te geven aan de accountant over de reikwijdte van de accountantscontrole, de daarvoor geldende normstellingen en de daarbij verder te hanteren materialiteit voor de controle van de jaarrekening van de politie. De accountant gaat bij zijn controle uit van hetgeen gebruikelijk is bij de controle van een jaarrekening. De accountant stelt vast of de jaarrekening voldoet aan de eisen zoals gesteld in de Regeling financieel beheer politie. Bij het jaarverslag toetst de accountant eveneens, voor zover hij dat kan beoordelen, of deze verenigbaar is met de jaarrekening. De accountant volgt bij het vaststellen van de verenigbaarheid van het jaarverslag met de jaarrekening de aanwijzingen uit Standaard 720 ‘De verantwoordelijkheid van de accountant met betrekking tot andere informatie in documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen’. De accountant hanteert bij de documentatie van verrichte controlewerkzaamheden, de bevindingen en de conclusie de eisen zoals opgenomen in Standaard 230 ‘Controledocumentatie’. De Minister is bevoegd inzage te vorderen in de controledossiers van de accountant om te bepalen of hij kan steunen op de door de accountant uitgevoerde controle (artikelen 43 en 43a van de Comptabiliteitswet 2001). De Minister kan hiervoor de Auditdienst Rijk, een onderdeel van het Ministerie van Financiën, vragen een review uit te voeren om een verantwoord oordeel te vormen over de gron
- – Een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen ultimo het verslagjaar en van het resultaat over het verslagjaar van de politie;
- – Een getrouw beeld van de financiële rechtmatigheid als onderdeel van de bedrijfsvoeringsparagraaf in de jaarrekening
- – De verenigbaarheid van het jaarverslag met de jaarrekening.
- • Een tabel met geconstateerde fouten en onzekerheden per post groter dan 30% van de goedkeuringstolerantie, alsmede de onderbouwing van een eventueel niet goedkeurend oordeel. In de jaarrekening dient de ontvangst en de besteding van rijksbijdragen op zichtbare wijze verantwoord te zijn. Bestedingsvoorwaarden, op basis waarvan wordt afgerekend, zijn beschreven in relevante wet- en regelgeving (zie bijlage II), in specifieke bepalingen, in toekenningbrieven, in voorgaande circulaires en/of in de jaaraanschrijving.
- • De accountant geeft aan of bij de besteding van bijdragen voldaan is aan eventuele gestelde voorwaarden. Indien de bestedingsvoorwaarden niet of niet geheel zijn nagekomen, maakt de accountant daarvan melding in zijn verslag van bevindingen. Bij overschrijding van de materialiteit kan dit van invloed zijn op de strekking van de controleverklaring.
- • In de jaaraanschrijving (die in jaar T verschijnt ten behoeve van de begroting voor het jaar T+2 worden eventuele aanvullende aanwijzingen voor de jaarrekening (jaar T+1 e/o aanvullende richtlijnen voor de jaarrekeningcontrole van dat jaar opgenomen. Indien van toepassing, zal in de jaaraanschrijving aan de accountant gevraagd worden om over specifieke elementen te rapporteren.