Art. 12 Besluit mandaat en machtiging bestuur NBA

Besluit mandaat en machtiging bestuur NBA

1. De directie kan voor de in de artikelen 2, 3, 5, 6, eerste lid, 7, tweede lid, 8, eerste lid, 9, eerste lid, 10, tweede lid, en 11, eerste lid, bedoelde aangelegenheden ondermandaat en machtiging verlenen aan een daartoe aangewezen functionaris.

2. De Raad voor de Praktijkopleidingen kan voor de in artikel 7, eerste lid, bedoelde aangelegenheden ondermandaat en machtiging verlenen aan een daartoe aangewezen functionaris.

3. De Raad voor Toezicht kan voor de in artikel 10, eerste lid, bedoelde aangelegenheden ondermandaat en machtiging verlenen aan een daartoe aangewezen functionaris.

4. Het verlenen van (nader) ondermandaat en machtiging alsmede wijziging daarvan geschiedt schriftelijk.