Art. 3 Regeling koopkrachttegemoetkoming niet-KOB-gerechtigden met een AOW-pensioen, Tegemoetkoming

Regeling koopkrachttegemoetkoming niet-KOB-gerechtigden met een AOW-pensioen

1. De persoon die: heeft recht op een tegemoetkoming ter hoogte van het bedrag, genoemd in artikel 1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit KOB.

a. recht heeft op ouderdomspensioen;

b. woonachtig is op het grondgebied van:

1°. een van de andere lidstaten van de Europese Unie dan Nederland;

2°. een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;

3°. Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, of

4°. een staat waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft afgesloten, en

c. geen recht heeft op een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 3 van de Wet MKOB;

2. Eveneens recht op een tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid heeft de pensioengerechtigde die:

a. op grond van artikel 5, tweede lid, van het Besluit regels export uitkeringen recht heeft op ouderdomspensioen alsof hij in Nederland woont, en

b. geen recht heeft op een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 3 van de Wet MKOB.